De geboorte van een legende?
Dr. No
05-10-2008 | Kaj van Zoelen | Beschouwing, James Bond

“Bond. James Bond.” Zijn eerste woorden, terwijl hij al sigaret rokend baccarat speelt, waarna een stukje van ‘zijn’ themalied volgt. Een legende is geboren. In 1962 is Sean Connery als James Bond de definitie van cool (ondanks . Hij is charmant, aantrekkelijk en grappig, maar ook dodelijk, hard en bruut. Hij weet even goed raad met een pistool als met een mooie vrouw. Binnen een kwartier heeft hij al gescoord, de eerste van drie vrouwen gedurende de film. Hij is agent 007 van de MI6, de Britse buitenlandse geheime dienst, met zijn Walther PPK, 7,65 mm. Dr. No is zijn introductie, en die van een heleboel elementen die keer op keer terug zouden keren in de Bondfilms. De formule waar men later zo vaak naar zou teruggrijpen, is echter nog niet geheel gevonden.
“That’s a Smith & Wesson, and you’ve had your six.”
Dat is vooral merkbaar aan het trage tempo en gebrek aan spanningsopbouw, door het gemis van werkelijk conflict. Niet dat het verhaal qua opbouw niet goed in elkaar zit, maar het gaat allemaal vrij makkelijk, of in ieder geval vrij langzaam. Bond is niet heel actief en doet niet zoveel moeite om zijn doel te bereiken, behalve op het eind. Hij wandelt wat rond op Jamaica en zijn aanwezigheid en lastige vragen zijn genoeg om anderen domme dingen te laten doen,. Zoals proberen hem te vermoorden. Zijn reactie is dan kil en meedogenloos. Als de producenten doorkrijgen wat voor een harde killer Bond eigenlijk is, en wat voor een serieuze film dat hoofdpersoon gaat opleveren, laten ze hem na elke moord een jolige one-liner zeggen, om de klap te verzachten. De start van een actiefilmtraditie die niet alleen telkens zal terugkeren in de Bondfilms, maar ook o.a. Clint Eastwood, Bruce Willis en natuurlijk Arnold Schwarzenegger goed van pas is gekomen.

60’s
Dr. No is erg duidelijk merkbaar een product van de vroege jaren ’60. Dat uit zich niet alleen in de relatief weinig actiescènes, in vergelijking met de latere films, in de muziek en in het fantastische production design, zoals je hierboven kunt zien, maar ook in een rare racistische laag. De manier waarop Bond omgaat met zwarte mensen is soms vreemd vijandig, neerbuigend en wantrouwig. De ‘goede’ zwarte gaat als eerste dood op het eiland van Dr. No, en hoewel Jamaica voor meer dan 90% uit zwarte mensen bestaat, zijn de twee vrouwen waar Bond het bed mee deelt allebei blank.
Opvallend anders dan in elke andere Bondfilm is de muziek. Het herhaaldelijke gebruik van het Bondthema is er wel, maar verder bestaat de soundtrack bijna volledig uit Jamaicaanse popmuziek en hippe jaren ’60 jazz met een Caribisch tintje, bewerkt door John Barry, die zijn kenmerkende stijl nog moest ontwikkelen. Wel hetzelfde als later is de Bondgirl: Honey Ryder is vanwege de manier waarop ze uit de zee komt lopen een icoon, maar een intelligent woord komt er nauwelijks uit en Ursula Andress is niet gecast op acteertalent. Ook in die zin is Dr. No het begin van een traditie.
Niet dat dit zo erg is, maar de aanbidding van Ryder door Bondfans is wat mij betreft nogal overdreven. Dr. No is verder altijd weer een nieuwe ervaring: de ene keer dat ik hem kijk, vermaak ik er me enorm mee en deert het lage tempo me niet zo. De keer daarna verveel ik me stierlijk en erger ik me aan het verborgen racisme. De volgende keer vind ik de film dan weer leuk, en de keer daarna heb ik er weer moeite mee. De laatste keer was er zo één, en dus moet ik voorlopig concluderen dat ik Dr. No toch niet tot een van de betere Bonds vind behoren. Het mag dan de geboorte van een fenomeen zijn, de daarbijbehorende kinderziektes storen en doen de film geen goed. Geef mij maar de hierop volgende bloei van Bond.

Forum
Op 06-10-08 om 19:25 #
De onwennigheid met de formule die nog gevonden moest worden vond ik juist een van de redenen dat ik deze Bond wél hoog aansla. Vanaf Goldfinger wordt de cyclus een goed geoliede machine waarbij de vertrouwdheid met telkens dezelfde elementen weliswaar een kracht is, maar de films toch ook wat voorspelbaar maakt. Dat hier geijkte ingrediënten als de gelikte bolides, gadgets, Q en glamour (grotendeels) ontbreken geeft de film zo zijn charme. Zo vind ik ook Casino Royale een van de betere, juist omdat alles daar anders gedaan wordt dan je van de cyclus gewend bent.
Op 06-10-08 om 23:58 #
De vorige keer dat ik ‘m zag, deelde ik die gevoelens. Maar nu zat ik me toch weer aan dat halve racisme te ergeren, en het tempo. Bovendien is ook Dr. No nou niet bepaald verrassend te noemen.
Op 07-10-08 om 17:59 #
Mijn voornaamste bezwaren tegen deze film (die verder vrij solide in elkaar zit) zijn vooral dat geneuzel over een draak (hoe oud zijn we nu helemaal?) en de wijze waarin Bond tussenbeide komt in het evil masterplan van Dr. No: even een duwtje het water in (of was het lava?) en de wereld is alweer gered…
Op 09-10-08 om 15:57 #
Dr. No is een aardige start, maar je ziet inderdaad dat er nog wel wat gewerkt moest worden aan het concept. De climax valt tegen, er zitten saaie stukken in en het mist nog de humor van de Bonds die zouden volgen. Naar mijn idee is de volgende Bond de allerbeste: From Russia With Love, die de aspecten van spionage, humor, mooie vrouwen, alcohol en actiescènes foutloos weet uit te werken.
Een legende in de filmwereld is het zeker, aangezien ik me zelfs bij de meest zouteloze Bondfilms (A View to a Kill, ondanks de fijne theme song) nog wel prima kan vermaken. En de beste Bondfilms zijn ook echt geweldig goed.