Hysterisch Voyeurisme en Simpele Registraties
Over documentairemaker Bastiaan Bosma

07-12-2008 | Bram Ruiter | Beschouwing, Column
Regie:

Bastiaan Bosma

Als we binnenkomen zit hij achter de iMac van onze leraren. Aan zijn blik te zien is hij verschrikt door ons plotselinge binnentreden en dit soort zenuwachtige trekjes zet hij voort tijdens de gastcollege die hij ons gaat geven. Bastiaan Bosma is een vriend van mijn pas aangenomen filmleraar en volgens die laatstgenoemde heeft hij de opmerkelijke gave ieder levend wezen op video fascinerend te maken. Zelf weet hij ook niet hoe hij het doet, want het gaat hem om de observatie, het bestuderen van de karakters in zijn leefomgeving. Het enige wat hij doet en wil doen is het registreren van het leven om hem heen, hetgeen hem dan ook plaatst in de categorie Direct Cinema (iets waar Rik enkele maanden terug ook al uitgebreid op in ging). En terwijl de man voorzichtig een introductie maakt tot dit genre vraag ik me eigenlijk maar één ding af: “Is dit werkelijk de frontman van Aux Raus?”

Het twee koppen tellend muziekproject is nog altijd een hype in ondergronds Nederland, en bij het horen van één van hun punktechno liedjes in een willekeurige skatekledingzaak werd ik erop bewust gemaakt dat ze dit label wel eens zouden kunnen gaan ontstijgen. Het zou leuk voor ze zijn, maar roem hebben ze niet nodig, dat is hetgeen waarvoor de band is begonnen met bestaan. Dat gezegd hebbende ga ik dieper in op Bastiaan, of Bas, als documentairemaker. Eigenlijk een onbekende en haast onvindbare kant van Bas. Natuurlijk heeft hij bijna alle clips zelf geproduceerd, en met succes, maar buiten dat wijst er niets op dat Bas zich daadwerkelijk druk maakt om het bewegende beeld als narratief medium. Het voelt zelfs een beetje als een ondergedoken kindje, want Bas is één van die weinige filmmakers die mij met alles wat hij maakt weet te verassen, te vermaken en te inspireren.

Op de oppervlakte lijken zijn korte documentaires op homevideo’s, wat logisch is gezien hij zich altijd lijkt te richten op zijn eigen interieur. Toch zit er iets achter dat je als kijker het verhaal binnen sleurt. Het heeft een voordeel dat zijn vader een charismatische kop heeft, maar iets zegt me dat dit niet alleen te maken heeft wat er voor de camera afspeelt. Bas is, zoals de Direct Cinema code geldt, niet geïnteresseerd in de façade, maar in de momenten waarin zijn personages vergeten dat ze personages zijn en hun ware aard tonen.

Deze visie past hij goed toe in een kortfilm waarin Bas’ ouders hem komen verzorgen als hij ziek op bed ligt. Ze doen zijn afwas, eten een lunch, praten wat en vertrekken weer. Het is niet meer dan een dagelijkse bedoeling, een hartverwarmende handeling van twee zorgzame mensen, maar Bas kiest ervoor om de aard en de façade elkaar te laten contrasteren. Moeder zeurt op vader, vader zeurt terug, dan herinnerd moeder zich weer dat ze wordt geregistreerd en roept Bastiaan iets toe. Door dat Bas binnen zijn documentaire ook met zijn ouders communiceert geeft dat een First-person view in zijn wereld. Een soort aangenaam voyeurisme (iets waar Bas zijn kracht uit put) waarin de kijker niets dan aangeslagen kan kijken naar de simpele verhaaltjes die hij voor ons uitspreid. Pennebaker zou dit natuurlijk honderd malen beter kunnen doen en onderbouwen, maar bij Bas zit het hem in die eenvoudige, haast nonchalante, stijl waarmee hij zijn onderwerpen opneemt.

Zijn afstudeerproject Babette is echter een heel ander verhaal. Hoewel hij ook hier voornamelijk zijn naasten registreert en doormiddel van een sterke montage een verhaal creëert waarin hij eigenlijk niets verteld voert hij zijn aangename voyeurisme haast ongeloofwaardig ver door. Hoewel hij af en toe enkele punten misslaat (iets dat overigens uitnodigt voor meerdere herkijken) ontstaat er een verhaal van zijn ex-vriendin en hoe Bas op zoek is naar waar het precies misging. Het geheel wisselt conventionele documentaire plaatsaanduiding shots af met persoonlijke (telefoon)gesprekken, vreemde buiten de toon vallende momenten die in scène zijn gezet en hysterische tussenvoegsels zonder enige uitleg. We zien hoe Bas zijn ex-vriendinnetje begluurt vanuit een gat in het plafond (ze heeft eerst een etage onder hem gewoond), waar hij een camera in plaatst. Een shot waarin hij zich masturbeert op deze beelden schroeven het voyeurisme en het bizarre persoon dat, de voorheen rustige, Bas nu blijkt te zijn flink op. In feite verlaat hij in deze veertien minuten durende hysterie elke filmconventie, helemaal wanneer het duo eindigt in een vreselijk vals gezongen technoduet. Op dat punt kon ik niets anders doen dan lachen en genieten.

Vanaf moment één was ik verslaafd aan het werk van Bas en eigenlijk toonde hij met Babette nog veel meer doordacht te zijn dan ik aanvankelijk had gedacht. Bas is natuurlijk geen genie als de eerder genoemde Pennebaker, daarvoor heb ik überhaupt nog te weinig van hem gezien, maar hij komt dicht in de buurt, op zijn eigen, simpele, hysterische manier. Toch is hetgeen wat mij het meeste aan het trekt toch wel de kracht die hij op mij uitoefent als filmmaker. Het is een persoonlijke kwestie, maar om de één of andere reden zie ik mijzelf dezelfde dingen willen doen. Dezelfde verhaaltjes vertellen zonder enige vorm van manipulatie en al te veel moeilijkdoenerij. Het liefst maak ik zelf ook minimalistische kutfilmpjes over mijn omgeving die ik allemaal heb opgenomen met een huis, tuin en keuken camera. Maar iets dwingt mij om stilistische beelden te maken. In mij zit een drang om de beste en duurste camera van school te pakken en een volledig script uit te schrijven alvorens ik daadwerkelijk aan het werk gaat. Bas is feitelijk die pure cineastische vrijheid die ik maar niet kan bereiken. Maar ondertussen ben ik dan wel weer geniaal, een gedachte dat mij een grote troost biedt.



2 Reacties

  1. Theodoor

    Bram, die laatste zin….
    Nou, nee, niet echt.

  2. Bram Ruiter

    Dat was ook een grapje natuurlijk.


Reageer op dit artikel