★★★★☆

Partie De Campagne (1936)

01-10-2008 | Rik Niks | Recensie
Regie:

De meest aangehaalde scène van deze korte film van Jean Renoir zit al vroeg in de film. Twee jonge mannen zitten een hapje te eten als een van beiden de luiken voor het raam opent. Met hen ziet de kijker een jonge vrouw in witte jurk schommelen. Achtereenvolgens zien we shots van hoe langs wandelende kloosterlingen, een aantal jochies en de twee mannen haar schoonheid bewonderen, steeds onderbroken door shots van de onverstoorbaar doorschommelde vrouw. Met een minimum aan dialoog en een maximum aan visuele middelen zet Renoir het uitgangspunt neer waar de rest van de film op voortgebouwd wordt.

Deze scène is exemplarisch voor deze film. Er zit weliswaar dialoog in, maar anders dan veel Amerikaanse tijdgenoten valt Partie De Campagne ook prima te snappen zonder de dialogen te volgen. Wat dat betreft is het een film van zijn tijd. Zoals in veel Europese films uit de eerste helft van de jaren 30 smeult de erfenis van decennia geluidloze films nog na. De dialogen zijn niet zo plotsturend als we tegenwoordig gewend zijn, maar bestaan vaak uit grapjes of opmerkingen die vorm geven aan de colour locale die deze film zo aangenaam maakt.

Partie De Campagne behelst niets meer of minder dan wat de titel al suggereert: een familie uit de grote stad gaat ter ontspanning voor een dag naar het platteland. Dat het in letterlijke zin niet meer dan dat is heeft te maken met het feit dat Renoir door productieproblemen zijn film niet helemaal af kon maken. In plaats van de geplande 50 minuten (en onderdeel van een tweeluik) duurt de film 40 minuten (en kwam de tweede korte film er nooit). De scènes die niet opgenomen zijn, zijn vervangen door titelkaarten. Hieruit valt af te leiden dat de ontbrekende scènes in Parijs spelen, maar ergens is het misschien wel op zijn plaats dat de idyllische, ontspannen sfeer van het plattelandsuitje niet doorbroken wordt.

Als deze film namelijk ergens op drijft is het wel het gevoel voor sfeer waarmee de romantische schermutselingen worden vastgelegd. De natuur, en met name de rivier, neemt een zeer prominente plaats in en werd volledig op locatie opgenomen. Hierbij werd Renoir overigens geassisteerd door latere grootheden als Jacques Becker, Luchino Visconti en Henri Cartier-Bresson.

Doordat het bronmateriaal, een kort verhaal van Guy de Maupassant, uit dezelfde tijd stamt dat Jean Renoir’s vader Pierre-Auguste actief was schilder, dringt de vergelijking met Impressionisme zich op. Het werk van schilders als Renoir en Monet heeft veelvuldig de vrijetijdsbesteding van de (bemiddelde) 19e eeuwse Fransoos als onderwerp, waarbij de natuur de omgeving is te ontsnappen aan het leven van alledag. Zoals deze schilderijen impressies zijn, zo ongedwongen is ook de registratie door Jean Renoir. Dit is geen film met uitgewerkt plot en doorwrochte karakters, maar een schijnbaar willekeurige momentopname van zomaar een aantal mensen. Ook de onbezorgdheid die van impressionistische schilderijen uitgaat weet Renoir in zijn film te vangen. En hoewel de conclusie ook heel pessimistisch uit te leggen is, valt deze door de luchtige toon toch niet erg zwaar. Door zijn korte lengte en losse aanpak maakt de film de indruk van een tussendoortje, zoals het gefilmde uitje dat is voor de personages. Maar zoals dit intermezzo op een plezierige manier nagalmt in de levens van de betrokkenen, zo is dit werk(je) voor de kijker evenmin vergetenswaardig.



1 Reactie

  1. Fedor Ligthart

    Ik heb hem net naar aanleiding van je stukje gekeken (dezelfde BFI dvd). Erg mooie film!


Reageer op dit artikel