Performance (1970)

26-10-2008 | Rik Niks | Analyse
Regie:

Performance moest in 1968 de film worden die nieuw vervolg zou geven aan het grote succes dat de vrolijke Beatlesfilms van Richard Lester oogstten. Een brave muziekfilm, maar dan rond de zanger van die andere grote Britse band: Mick Jagger. Performance moest, munt slaand uit de wereldwijde fascinatie voor Swinging London, de financieel zwakke Warner Studios een oppepper geven. Performance werd een film vol hard geweld, excessief drugsgebruik, occultisme en weinig verhullende seks. Een film die Warner pas durfde te tonen toen de jaren van peace & love al ten einde waren.

Naast een revolutionaire film werd het publiek op het hoogtepunt van de jaren 60 zo ook een muzikaal belangwekkende gebeurtenis onthouden. Gemist werden Jagger’s eerste schreden op het pad van soloartiest, de misschien wel eerste moderne videoclip, een eclectische soundtrack variërend van hip hop avant la lettre tot elektronische experimenten, blues en rock ’n roll. Een soundtrack waar (latere) grootheden als Jack Nitzsche, Randy Newman, Steve Winwood, Ry Cooder en Mick Jagger aan meewerkten.

Het idee voor de film Performance ontstond in de hippe Londense scene waar regisseur Donald Cammell en de Rolling Stones elkaar vonden in hun fascinatie voor geestverruimende middelen en het occulte. Ook in de muziek van de Stones was dat terug te horen; Beggars Banquet was net opgenomen, een bij vlagen vervaarlijk en duister album dat o.a. Sympathy for the Devil bevatte. Met Performance werd ingespeeld op het imago van Jagger, die voor velen een soort reïncarnatie van Satan was.

Naast Mick Jagger was er een hoofdrol voor Anita Pallenberg… de vriendin van collega-Stone Keith Richards. De dampende bedscènes tussen Pallenberg en Jagger leidden ertoe dat Richards de filmopnamen waar mogelijk frustreerde. Terwijl Richards in alle eenzaamheid werk verrichtte voor het komende Stones meesterwerk Let it Bleed, moest Jagger tot zijn ongenoegen voor het eerst een song componeren zonder zijn vaste schrijversmaatje. Dit resulteerde in Memo from Turner, een typische Stones-song, maar ingespeeld door een sessieband, omdat Richards er express met de pet naar gooide.

Memo from Turner duikt in de film op op het moment dat de vervlechting van het gangsterpersonage (James Fox) met het artiestenpersonage (Mick Jagger) en vice versa bijna compleet is. De vier minuten die het nummer duurt is in zijn geheel opgenomen en zou gezien kunnen worden als een vroege videoclip (zie youtube). Aan het statische voortbewegen van de figuren en het matige playbacken van Jagger is de onwennigheid met deze vorm van film maken te zien, maar toch valt op hoe modern het al oogt. Zo zijn de flitsende montage en dynamische belichting zaken die tot op de dag van vandaag niet ontbreken in de gemiddelde videoclip.

Hoewel het hele Stones/Jagger gewicht flink op de film drukt, is Memo from Turner feitelijk het enige stuk muziek in de film dat gecomponeerd en uitgevoerd is door een van de vaste bandleden. Wel is het grootste gedeelte van de muziek gecomponeerd door Jack Nitzsche, de man die reeds de toetsen had bediend op enkele Stonesalbums. Hij was een van de eerste muzikanten die beschikte over een Moog synthesizer, een apparaat waarmee gepretendeerd werd elk mogelijk geluid te kunnen maken. Daardoor leende het zich uitstekend voor elektronische experimenten, waarbij de bevreemdende geluiden die geproduceerd werden uiteraard perfect aansloten bij de hallucinante trip die Performance is.

Een andere aan de Stones gelieerde muzikant die diverse malen te horen is, is Ry Cooder. Met zijn typerende slide guitar-geluid is de man bij de gemiddelde filmliefhebber vooral bekend van de soundtrack van Paris, Texas, maar voordat hij zich op filmmuziek toelegde speelde hij als sessiemuzikant voor o.a. de Stones. Performance was de eerste film waar hij een bijdrage aan de soundtrack leverde. In een nummer als Powis Square is al onmiskenbaar de Cooder-sound te horen waarmee hij in de jaren 80 en 90 furore zou maken als filmcomponist.

Alsof de soundtrack met elektronische muziek, rock ’n roll en Britse blues nog niet gevarieerd genoeg is, is ook de zwarte muziek goed vertegenwoordigd. The Last Poets waren een groep van dichters annex muzikanten die aan de wieg van de hip hop stonden. Wake Up Niggers is het nummer dat in Performance te horen is, een maatschappelijk geëngageerde rap die in veel opzichten vooruit loopt op de latere hip hopmuziek. Ten slotte een eervolle vermelding voor Merry Clayton. De meeste mensen zullen deze gospelzangeres kennen van haar kippenvel opwekkende vocalen in Gimme Shelter (weer de link met de Stones!). Net zo kippenvel opwekkend is haar zangpartij die de laatste beelden van de film begeleidt. Een waardige afsluiter voor een merkwaardige maar opwindende film, met een soundtrack waarvoor dat minstens zo sterk geldt.



Reageer op dit artikel