Wedergeboorte
Casino Royale (2006)

06-11-2008 | Kaj van Zoelen | Beschouwing, James Bond

In 2006 zingt Chris Cornell de titelsong voor Casino Royale, alleen heet dat ‘You Know My Name’. Ik spreek daarover met een vriend, die klaagt over die titel. Ik opper dat het misschien lastig is om de woorden casino royale in een goede songtekst te verwerken, maar die vriend, geenszins een poëet of musicus (op een aantal jaren vioolspel in zijn jeugd na), improviseert gemakkelijk een vermakelijk refrein waar de woorden Casino Royale geheel in pasten, dat zo tot een typische Bondsong kan uitgewerkt worden wat mij betreft. De precieze woorden zijn me inmiddels helaas ontschoten, maar dat ze zeker niet onder doen voor die van liedjes als ‘The Man With The Golden Gun’ of ‘Tomorrow Never Dies’ ben ik nog altijd van overtuigd. Grammaticaal steekt zijn tekst sowieso beter in elkaar dan Paul McCartney’s ‘Live and Let Die’.


Het nummer van Cornell blijkt uiteindelijk op de titel na een best aardige Bondsong te zijn. Eerst vind ik het niks, maar op herhaling wordt het beter. Dit is overigens niet het geval met de nieuwste Bondsong, ‘Another Way To Die’, wat een hoopje mest blijft. In het nummer van Cornell zijn de klassieke Bondsongs nog een beetje te horen. Tegelijk is het een modern rocknummer, en past wat betreft prima bij Casino Royale: afwijkend van de formule en duidelijk modern, maar nog met genoeg klassieke elementen om herkenbaar als Bondfilm te zijn. Verandering is nodig in dit jonge millennium, na de vorige Bondfilm Die Another Day. Bond staat op het punt om volledig overbodig, ouderwets en uitgerangeerd te worden.


Ondanks het financiële succes van Die Another Day spreekt niemand er goed over: de gadgets zijn belachelijk (hoewel zo’n onzichtbare auto inmiddels serieus in ontwikkeling is), de Koreanen een vermoeiende vervanger van de Russen (een gefaalde poging de Koude Oorlog weer te doen herleven), de computereffecten zien eruit alsof ze van voor Terminator 2 zijn, de knipogen naar alle voorgaande Bondfilms zijn geforceerd en het verhaal te afgezaagd. Ondertussen veroveren de Amerikanen Ethan Hunt en Jason Bourne de spionagecinema. De makers van de Bondreeks moeten iets nieuws verzinnen om hun marktaandeel te behouden en hun paradepaardje weer in het zadel te helpen. Dat doen ze door terug te keren naar het begin: het boek Casino Royale, het eerste boek van Ian Fleming waarvan men voorheen niet de filmrechten bezat.


De belangrijkste veranderingen zijn de serieuzere toon en de casting van 007. Deze serieusheid komt direct uit het boek van Fleming, dat redelijk trouw gevolgd wordt vanaf het pokertoernooi. Alles daarvoor is verzonnen voor de film. Vanaf de openingssequentie in zwart-wit wordt doch de serieuze toon ingezet, en in de actiescène daarna, waar zich Bond als het stompe object dat M. hem noemt doorheen banjert, wordt ook al goed duidelijk gemaakt dat we hier met een nieuwe Bond te maken hebben. De casting van de blonde Daniel Craig, toch minder glad dan zijn voorgangers, is ook een duidelijk signaal in de nieuwe richting.


Maar niet alles is nieuw. De dialogen tussen Bondgirl Vesper en JB zijn als vanouds gevat en roepen de herinnering aan de gesprekken tussen Bond en Moneypenny, niet in de laatste plaats door de letterlijke verwijzing naar haar in de tekst. De actiegerichtheid in het eerste deel van de film komt uit het Brosnantijdperk, terwijl Judi Dench de sanering gelukkig heeft overleeft en als M. nog altijd even scherp is. Bond weet nog steeds hoe hij mooie vrouwen moet verleiden, de bondgenoten van Bond zijn beter dan de meesten, de schurk is een typische eigenaardige Bondschurk en David Arnolds muziekscore is een perfecte mix van moderne actiefilmmuziek en klassieke Bondfilmmuziek. Uit de as van Die Another Day is de Bondfilm in 2006 herrezen als Casino Royale, waarbij gelukkig niet alles verbrand blijkt te zijn.

Klik overigens hier voor mijn originele recensie van Casino Royale voor de release in 2006 op FilmTotaal.



Reageer op dit artikel