Get On The Bus (1996)

9 juli 2009 · · Kritiek


Spike Lee staat bekend om zijn blik op raciale spanningen in groepen onderling. Do The Right Thing richte zich op raciale spanningen tussen blank en zwart, en in Summer of Sam deed hij iets vergelijkbaars (gesitueerd tegen een achtergrond van seriemoorden in de buurt) maar Get On The Bus neemt een heel andere opzet. Ook hier zijn er spanningen onderling, maar de cast bestaat overwegend uit Afro-Amerikanen. Toch weet Spike Lee met deze film evenveel te zeggen over de aard van racisme.

Get on The Bus verhaalt over een groep donkere mannen die met een bus op weg zijn van Los Angeles naar Washington D.C. In Washington D.C is de Million Man March (we spreken Oktober, 1995). De Million Man March was een door Afro Amerikaanse Islamitische leider Louis Farrakhan georganiseerde protestmars, waarin aandacht gevraagd werd over de situatie waarin de Afro-Amerikaanse community zich op dat moment bevondt. Veel donkere mensen hadden (en hebben) nog steeds te maken met racistische vooroordelen tegen hun en te kampen met armoede en slechte leefomstandigheden. Farrakhan vroeg aandacht voor deze situatie. Farrakhan was echter een omstreden persoon vanwege zijn anti-semitische opmerkingen en racistische opmerkingen.

Tegen deze achtergrond speelt Get on The Bus zich af. De film begint veelzeggend (en ietwat pretentieus) met het beeld van een geketende slaaf, een beeld wat allegorisch is. Want elk van de personages is een “slaaf van eigen vooroordelen” (een platitude die te vergeven valt vanwege de overtuigingskracht waarmee Lee deze boodschap brengt). Zo heeft de blanke joodse chaffeur moeite met de wijze waarop hij het vuur aan de schenen word gelegd vanwege zijn achtergrond, heeft een homoseksueel stel het erg te stellen met een conservatieve busgenoot, en ontstaan er politieke tegenstellingen binnen de groep. Op een gegeven moment valt de groep uiteen in Democraten en Republikeinen. Het blijkt dat huidskleur geen basis is voor een gevoel van verbondenheid. Er wordt zelfs een personage van beticht dat hij geen plaats heeft in de bus omdat hij “een halfbloedje is”.

Spike Lee legt hiermee het racisme wat in ons allemaal zit bloot. Iedereen heeft moeite met wat hij niet kent, en ook de moslim in de groep wordt gestigmatiseerd om zijn geloof. Lee lijkt te willen zeggen dat wanneer racisme zich niet richt op huidskleur (wanneer huidskleur gelijk is, zoals in de bus als mini-community) men wel iets ander vind om mensen op te onderscheiden. Hij legt hiermee het menselijk falen open en bloot. Racisme is niet voorbehouden en blanken, niet aan zwarten, maar elk mens heeft racistische vooroordelen. Wanneer deze niet gericht is op huidskleur of afkomst, dan wel op sekse, geaardheid, geloof of politieke voorkeur.

Mooi ook is dat Spike Lee elk personage aanvankelijk een afspiegeling laat zijn van de Afro-Amerikaanse cultuur. Elk personage is een afspiegeling van een bepaald standpunt, opvatting of zelfs een clichè, stereotype omtrent Afro-Amerikaans zijn. Er is een acteur die zich verheven voelt boven anderen “because they betray their culture”. Homo’s en Democraten zijn volgens hem onwaardig en verraden hun afkomst. Ook is er dus het homoseksuele koppel, een moslim die voormalig ganglid is geweest en een nieuw doel heeft in zijn leven, een businessman die zich boven de “minder-bedeelden” verheven voelt, en een kunststudent die alles van buitenaf beziet en zich er buitenhoud (deze wordt zelfs “een-soort-van-Spike Lee Jr.” genoemd, waarmee duidelijk gemaakt wordt dat Spike Lee zelf ook de groep van buitenaf bekijkt (en er een handje van heeft zichzelf op te hemelen)). En er is een dominee die iedereen probeert te accepteren maar daar moeite mee heeft.

Meest tekenend zijn echter een vader en zoon. Vader vecht nog dagelijks voor zijn rechten en tegen discriminatie, maar een zoon houdt zich bezig met de gangster-cultuur. De zoon probeert zich zo te verzetten tegen zijn vader, terwijl vader zijn zoon verstikt door te benadrukken dat ze zo hard hebben moeten vechten om te zijn waar ze nu zijn. Vader bedoelt het goed en vind het vreselijk zijn zoon zo te zien afzakken in een spiraal van geweld, maar voor de zoon is het een uitweg uit de armoede en vooral een manier om zijn individualiteit te tonen. Spike Lee beschouwt zo de gangs niet als iets wat specifiek Afro-Amerikaans is (wat veel Hollywoodfilmmakers wel lijken te beweren), maar als een manier voor jongeren om armoede en vooral gezag te ontvluchten. Een verkeerde manier uiteraard, maar wel begrepelijk gemaakt door het sterke schrijfwerk van Spike Lee. Minder is dat Spike de verstikkende relatie tussen vader en zoon vormgeeft door ze letterlijk aan elkaar te ketenen met een handboei. Get On The Bus is niet vrijgewaard van over-the-top-symboliek, maar het hart zit op de goede plaats.

Spike Lee trekt in zijn film geen conclusies, maar beschouwt op een gevoelige manier de verschillen binnen een community. Ook fileert hij op een sterke manier de aard van racisme en toont aan dat deze in ieder mens zit. Het mooie is dat al deze verschillen en al dit racisme overkomen wordt wanneer het morele hart van de film overlijd. Op dat moment word iedereen op zijn plaats gezet en is de Million Man March niet meer belangrijk. Belangrijker is het eerbetoon aan een bijzondere man en de saamhorigheid in de groep is weer terug. Het einde mag dan sentimenteel zijn, het voelt als een beloning. Het lijkt alsof Spike Lee lijkt te zeggen: we mogen als mens dan van elkaar verschillen, we moeten de handen in elkaar slaan en blij zijn dat we leven. Het is een dooddoener en moralistisch, maar het is ook oprecht en raakt daardoor ook. Uiteindelijk is Get On The Bus geen ontzettend sterke film omdat Spike Lee de boodschap op weinig subtiele wijze probeert over te brengen, maar het is wel een ondergewaarde film in Spike Lee’s oeuvre.


Onderwerpen:


Reageer op dit artikel