Bram Stoker's Dracula (1992)

7 augustus 2010 · · Kritiek

Bram Stoker’s Dracula mag dan wel de naam van de oorspronkelijke auteur in de titel hebben, deze versie van Dracula is toch voornamelijk afkomstig van Francis Ford Coppola. Deze Dracula volgt het verhaal van Bram Stoker nauwer dan welke verfilming dan ook. Toch gebruikt Coppola de film voornamelijk als kapstok voor zijn visuele trukendoos. Dracula verwordt in de handen van Coppola tot een filmische kerstboom, volgehangen met filmische en kunsthistorische verwijzingen.

Dracula begint met een proloog waarin Vlad Tepes terugkeert van de strijd tegen de Turken en thuis te horen krijgt dat zijn vrouw, ervan overtuigd dat Vlad dood was, zichzelf uit het raam heeft gemieterd. Vlad vervloekt God, drinkt uit een bloedend stenen kruis en met deze blasfemie verkrijgt hij het eeuwige leven, gedoemd om de nachten door te brengen als levende dode. Een aantal eeuwen later valt zijn oog op Mina Harker, een dame die als twee druppels water op zijn dode vrouw lijkt. De film gaat verder over zijn pogingen haar te verleiden, een liefdesgeschiedenis met een morbide, necrofiel tintje.

De horror van Dracula wordt, zoals in vele vampierverfilmingen, vergezeld van lust en erotiek. Francis Ford Coppola’s Dracula is dan ook een amalgaam van eerdere verfilmingen – waaronder Nosferatu en de Universal- en Hammer-Dracula’s – al wordt hier de nadruk meer gelegd op het romantische aspect. Keanu Reeves’ Jonathan Harker speelt tweede viool voor Winona Ryder’s Mina Harker en Gary Oldman’s groteske Dracula. De chemie tussen de laatste twee is voelbaar, waarbij Gary Oldman door het bloed weer verandert in een jeugdige verleider.

De erotiek gaat ook een aantal tandjes omhoog, waarbij de duivelse verleider in de vorm van Dracula (Dracul betekent duivel, en Dracula zoon van de draak) de andere personages verleidt tot seksuele perversie en geweld. Naargeestig zijn de scènes waarin de Hammer-achtige bruiden van Dracula een baby als toetje te eten krijgen en even naargeestig zijn de scènes waarin Mina’s vriendin letterlijk sterft aan de dierlijke lust van Dracula, hier in de vorm van een grote wolf. Niet voor niets wordt de vriendschap tussen Mina en haar vriendin geïntroduceerd door middel van hun gesprekken over een erotische prent in Duizend-en-één-nacht (“Erotiek is bij de beesten af!” schreeuwt Coppola van achter d

best price cialis

e coulissen). Dracula is een beest, die letterlijk verandert in ratten en een wolf en die, nadat hij Mina in zijn greep heeft, ook verandert in een duivelachtige vleermuis.

De film speelt visueel leentjebuur bij de Duits-Expressionistische film met de dik aangezette schaduwen en vreemde gebouwen. Evenzeer duikt de mist van Universal en de focus op bloed en kleur van Hammer op. Vreemder zijn echter de verwijzingen naar andere vormen van film en kunst. De notie van de bovennatuurlijke Dracula wordt gekoppeld aan de magie van film, een medium dat in de historische setting van de film net aan zijn opmars is begonnen. Dracula kan dan ook gezien worden als Coppola’s ode aan de filmkunst, waarbij hij visueel veelvuldig verwijst naar ouderwetse films. Ook kunst duikt veelvuldig op, met visuele verwijzingen naar Gustav Klimt, schaduwpoppen, Arabische prenten, Japanse prenten en Kabuki-theater.

De film is visueel opgezet volgens ouderwetse technieken, er zijn geen post-production computer-effecten gebruikt. De ouderwetse make-up en sets geven de film een gedateerde look, die in combinatie met de op Japanse prenten gebaseerde kostuums en de gotische sets de film een kitscherige sfeer verlenen. De setting is doelbewust hoogst gestileerd, en dat kan waarschijnlijk ook verklaren waarom het acteerwerk bij vlagen ontzettend over the top is (schuldigen: Gary Oldman, Anthony Hopkins, Tom Waits). Het lijkt alsof Francis Ford Coppola van de film een visuele ervaring wou maken, doelbewust camp en overdreven. Het gebruik van gotische sets en schaduwen bevestigen de nadruk op de visuele kant van de film, maar het is voornamelijk de manier waarop scènes aan elkaar gesmeed worden die opvalt.

De montage maakt bijvoorbeeld veelvuldig gebruik van beeldrijm, waarbij het oog op de veren van een pauw verandert in een treintunnel. Maar ook binnen een enkel beeld worden ideeën vaak aan elkaar gesmeed. Kenmerkend is een scène waarin het dagboek van Jonathan Harker, zittende in een trein, voorgelezen wordt via voice-over. Op de voorgrond van het beeld zien we een dagboek in close-up die de horizon vormt, terwijl de stoomtrein letterlijk over de rand van het boek heen rijdt. Ook Dracula, die zich ver van Londen bevindt aan het begin van de film, wordt via montage als een donkere schaduw over de andere beelden heen gemonteerd. Zijn dreigende gezicht binnen een storm is daardoor letterlijk een bovennatuurlijke toeschouwer op het leven van Mina Harker. Dracula verwordt in deze film tot een bovennatuurlijk stalker en Mina Harker lijdt aan het Stockholm-syndroom. Coppola’s visie, niet Stokers.

zp8497586rq

Onderwerpen: ,


Comments are closed.