Twilight Zone: The Movie (1986)

23 januari 2010 · · Kritiek

Het is een productie die al veel voeten in de aarde had toen men nog maar bezig was met de pre-productie: een film gebaseerd op de roemruchte serie The Twilight Zone, met achter de schermen vier diverse, maar immens getalenteerde regisseurs. Het is een productie die altijd de geschiedenis in zal gaan als “die-met-dat-helikopter-ongeluk”, maar ook zonder die zwarte bladzij in de filmgeschiedenis is Twilight Zone: The Movie een film met een bepaalde reputatie. Al is het alleen maar vanwege de proloog.

In de jaren 60 was The Twilight Zone een ware happening. Een anthology tvserie, waarbij elke week een ander verhaal verteld werd, met andere personages. Het is een serie die voor eeuwig zijn stempel zou drukken op high-concept science fiction. De formule was simpel: elke aflevering bevond zich in een schemergebied tussen realiteit en fantasie, waarbij een verhaal verteld werd van een gewone man (of wanneer men een moraal in het verhaal stopte een aristocraat), die terechtkwam in een ongewone situatie, waarbij de regels zoals die in de realiteit gelden eventjes wegvallen. In de allereerste aflevering van de tv-serie uit de jaren 60 wordt een man wakker en komt er achter dat er opeens geen enkel ander mens meer is op aarde, in een aflevering uit de jaren 80-versie van The Twilight Zone verandert de engelse taal zonder dat het hoofdpersonage mee-evolueert (wat Schizopolis-achtige taferelen oplevert: Mellow Rubarb Turbine. Nose Army…). Elk van deze verhalen eindigt met een twist, waarbij of de oorzaak bekend wordt, of de hoofdpersoon voor eeuwig gedoemd is, of het hoofdpersonage vanaf de start dood blijkt te zijn, of… etc. etc. Talloze high-concept films zijn schatplichtig aan The Twilight Zone (voor wie bij de vorige zin moest denken aan The Sixth Sense, juist), en het is dan ook verbazingwekkend dat er niet eerder een anthology-film verscheen, maar het ruim 20 jaar duurde.

Deze film werd geregisseerd door John Landis, Steven Spielberg, Joe Dante en George Miller, die vrijwel allemaal hun script baseerde op een oudere Twilight Zone-aflevering. De proloog is van de handen van John Landis, en heeft menig Amerikaanse tiener hevig getraumatiseerd: “wanna see something reeeeaaallly scary?”. Nadat de boeman uit het doosje ontsnapt is mag John Landis ook het eerste verhaal regisseren. Deze vertelt over een racistische man, gespeeld door Vic Morrow, die terechtkomt in respectievelijk Nazi-frankrijk, een vergadering van de Klu-Klux-Klan in de jaren twintig en de vietnamoorlog, en onder vuur komt te liggen van de plaatselijke bevolking, die hem aanzien voor jood, afro-amerikaan of Vietcong. Tijdens het opnemen van een helikopterstunt kwam Vic Morrow samen met twee Vietnamese kinderen terecht in de rotorbladen van de helikopter. De dood van deze drie acteurs zorgde voor een uitgebreide rechtzaak, waarbij John Landis werd vrijgesproken. Het drukt een zwaar stempel op zijn segment, die in zijn conclusie een morbide nasmaak krijgt.

Het tweede segment is van Steven Spielberg, die zijn stokpaardjes weer welig laat ronddraven. Het speelt zich af in een bejaardentehuis wat belandt in “de Twilight Zone van clichès”. Een werkelijk tenenkrommende versie van Peter Pan, waarbij schattige bejaarden met hulp van een “magical Negro” (een vreselijk Amerikaans clichè, waarvan vooral Frank Darabont, Stephen King en Spielberg een handje hebben) weer veranderen in kinderen, en zo de waarde van het leven leren doorheben, en vioolmuziek, slowmotion, jank, jank, barsten van tandglazuur. Het is een vreemde eend in de bijt van deze film, die zich verder vooral kenmerkt door cynische humor en anarchistische trekjes, zoals de proloog en het volgende segment laten blijken.

Het volgende segment is namelijk van ’s werelds meest amusante regisseur: Joe Dante. Het is een samenvatting van al Dante’s obsessies, waarbij cartoongeweld, morbide kinderfantasieën, horror, humor, en heel veel postmoderne tv-verwijzingen samenkomen. Het verhaal vertelt over een kind wat de wereld naar zijn hand kan zetten en zijn “familie” confronteert met de meest bizarre krochten van zijn geest. Later geparodieerd in The Simpsons Treehouse of Horror (dat sowieso Twilight Zone redux is), en Joe Dante maakt inderdaad lustig gebruik van cartoongeweld. Meest memorabel zijn de op Duits-expressionistisch gebaseerde vormgeving, het monsterlijke konijn wat uit de hoed tevoorschijn komt, en de mondloze zus. Het is horror bekeken door de ogen van een pulp-liefhebbend kind.

Ook George Miller’s segment is schatplichtig aan horror, en het is naast de proloog de meest spannende van de film. De markante John Lithgow speelt overtuigend een inzittende van een vliegtuig die te kampen heeft met een hevige combinatie van een paniekaanval, vliegangst, luchtmisselijkheid en een monster op de vliegtuigvleugel. Hij probeert de inzittenden en de stewards er van overtuigen dat het geen waanzin is, maar deze heeft al lang en breed genoeg van de kuren van onze protagonist. Het gegeven van een onbegrepen man, in een claustrofobische en levensbedreigende situatie wordt ten volle uitgebuit, en de film eindigt dan ook in een flinke adrenalinerush.

Zoals in vrijwel elke segmentfilm is er een rotte appel die het voor de rest verpest, en John Landis’ en Spielbergs segment verbleken bij het sardonische plezier van Miller en Dante die de kijker door de mangel halen. Het zijn briljant vormgegeven achtbaanritten, met enkele scherpe bochten, en flinke hobbels, die de kijker alert houden. Deze twee segmenten zijn de regisseurs op de toppen van hun kunnen. De film was helaas te weinig succesvol om een vervolg te garanderen. Gelukkig zijn er nog genoeg highconceptfilms die blijven stelen bij de meest baanbrekende scifi-serie aller tijden. Dit jaar nog kunnen we genieten van Richard Kelly’s The Box, gebaseerd op de jaren 80 Twilight Zone-aflevering Button Button, die destijds geschreven werd door culticoon Richard Matheson.


Onderwerpen: , , ,


Reageer op dit artikel