Top 10 Stephen King-verfilmingen (2/2)

9 april 2011 · · Lijst

Vorige week begon ik deze toplijst van Stephen King-verfilmingen met het statement dat alleen een stevig en krachtig regisseur in staat zou zijn om uit de ruwe diamanten in King’s oeuvre een meesterwerk te breien. Veel van King’s boeken hebben namelijk het mankement dat de beste man soms niet weet wanneer hij moet stoppen voor hij de acceptatie van het publiek verliest. Het vitriool over de beruchte Deus Ex Machina’s waar King patent op lijkt te hebben is niet van de lucht. In de vorige vijf titels op de top tien lijst zijn de kwalijke excessen van King gestroomlijnd. De films zelf zijn bovengemiddelde films, maar het is in de top vijf dat het bronmateriaal wordt omgevormd tot (semi-)meesterwerken. Nu zijn daar wel briljante regisseurs als Brian De Palma, David Cronenberg en uiteraard Stanley Kubrick voor nodig.

5. The dead zone (1983)

The Dead Zone is niet zozeer een film, als een tweeluik. Het plot bestaat min of meer uit twee episodes en conflicten, die beiden zeer verschillend zijn van toon. Beiden blijken echter thematisch aan elkaar verwant te zijn. Johnny Smith (Christopher Walken) komt uit een coma en houdt daar clairvoyante gaven aan over. Eerst moet hij die inzetten om een seriemoordenaar te stoppen, anders gezegd, een misdaad op te lossen. Daarna komt hij erachter dat een senator er op uit is om de wereld te vernietigen, of anders gezegd, Johnny moet een misdaad voorkomen. Wat uit deze twee gecompliceerde situaties ontstaat is het filosofische vraagstuk over wanneer moord gerechtvaardigd is. Cronenberg geeft dit morele vraagstuk vorm door middel van een strak geschoten, ijzingwekkende thriller. Cronenberg’s Body Horror is aanwezig, net als het oog voor mooie plaatjes. Aansluitend bij de thema’s van goed en kwaad maakt Cronenberg vooral gebruik van zwart, wit en grijstinten, waarbij vooral het prachtige shot met de zwarte tunnel met blik op sneeuw een stilistisch hoogtepunt is. Cronenbergs meest pretentieloze thriller is een semi-meesterwerk.

4. Apt Pupil (1998)

Net als de nummer 5 is Apt Pupil een film die vooral gaat over het menselijke kwaad, al maakt deze film geen gebruik van een bovennatuurlijke twist. Bryan Singer regisseert deze duistere psychologische thriller, waarin een jonge man een oud-nazi manipuleert en zichzelf verliest in de duistere kanten van de mens. Het kat-en-muis-spel werkt zo sterk doordat nergens duidelijk wordt wie nu kat is en wie nu muis. De ongemakkelijkheid van het onderwerp zorgt voor een onderhuidse spanning. Elk moment lijkt het ware monster in de personages naar boven te kunnen komen, en de film geeft wijselijk geen simpele conclusie. Beste scènes zijn de oncontroleerbare Nazi-mars waarin Ian McKellen zich verliest, de koortsachtige shots in de tunnel en de moord op de homoseksuele zwerver. Naargeestig en compromisloos.

3. Stand by Me (1986)

Een van de zeldzame niet-duistere (langere) verhalen van Stephen King wordt op zeer invoelbare wijze verfilmd door Rob Reiner. De film werkt toe naar een duidelijke climax, maar verder is het plot van ondergeschikt belang. De pelgrimage van een aantal tieners richting het lijk van een vermist jochie gaat vooral over de vriendschapsbanden tussen de jochies. Dat de kindertijd een fucked up tijd kan zijn wordt duidelijk bij de jongens uit verschillende achtergronden, die allemaal te maken krijgen met hun eigen onzekerheden. De jongens slepen zich door een roemruchte periode door te praten over meisjes, muziek, de dood, kots, scheten en allerlei andere tieneronderwerpen. Het is de invoelbare band tussen de jongens, grotendeels dankzij het bronmateriaal van Stephen King, die de film zo memorabel maakt. De film heeft, afgezien van een akkefietje met een trein, meer ook niet nodig.

2. Carrie (1976)

Carrie was de eerste roman van Stephen King en de eerste King-verfilming. Veel films gingen de mist in door King’s excessen letterlijk te nemen, maar Brian de Palma herkent het groteske van het geheel en omarmt de waanzin. De eerste anderhalf uur bouwen toe naar een crescendo waarin Carrie White een bloedige wraak stort over haar pesters. De eerste scènes hinten echter al naar de duistere ontwikkelingen, waarin een idyllische douchescène uitmondt in Carrie’s hysterische reactie op haar eerste menstruatie en de daaropvolgende pesterij. De volgende vijf kwartier zijn bedoeld om Carrie als personage te laten ontluiken voor ze weer bloederig door het slijk gehaald kan worden. Het is het ultieme sadisme van de personages (en ook regisseur en auteur) die de wraak uiteindelijk climactisch laten voelen. Brian De Palma, die zich afgezien van wat fast motion zich visueel aardig in heeft gehouden, gaat in het laatste half uur compleet los. Splitscreen, een hyperactieve montage, geklooi op de geluidsband, caleidoscopische shots, kleurenfilters, levende brandslangen, stroboscope…. je kan het zo gek niet bedenken of De Palma gooit het in de mix. Dat, in combinatie met de religieuze waanzin, en de tergende langzame opbouw maakt Carrie een uiterst naargeestige, heftige en hysterische film. Memorabel.

1. The Shining (1980)

Waar Brain De Palma in Carrie de visuele excessen omarmt, stript Kubrick The Shining juist van de meest ongeloofwaardige elementen. Weg zijn de levende heggenbeesten, de grote explosies en de meeste van de geestverschijningen. Daarvoor in plaats komt een focus op de personages. Kubrick wordt vaak verweten dat Jack Nicholson vanaf het begin af aan al gestoord lijkt en Shelley Duval het bloed onder de nagels vandaan haalt. Ik geloof dat Kubrick zich zeer bewust is van zijn acteurs en zijn doel heeft bereikt. De latente gekte die Nicholson vanaf het begin bezit zorgt voor een groot deel van de spanning. Het is pas vrij laat in de film dat de boel losbarst, maar vanaf het begin is er geen twijfel dát de boel gaat losbarsten. Shelley Duval’s hoofdpijn opwekkende vertolking is ook een meesterzet. We worden gevraagd ons deels te verplaatsen in Jack’s situatie, en dat maakt de uiteindelijke climax zeer ongemakkelijk. The Shining is zo’n magische film waarin alle elementen kloppen. Het prachtige gebruik van steadycam, de inventieve en indringende geluidsband, de atmosferische soundtrack, de ijzingwekkende locatie, het waanzinnige script, de iconische montage én het uitstekende acteerwerk maken dit ongetwijfeld de beste King-verfilming.


Onderwerpen: , , , , ,


10 Reacties

  1. Thiver

    Mooie afsluiter met bovenaan de twee titels die ik daar verwacht had. Maareh… geen notering voor The Shawshank Redemption?

  2. theodoor

    Ik vind The Shawshank Redemption enigzins overgewaardeerd. Prima film, en hij zou zeker op 11 of 12 komen, maar goed genoeg voor de top 10 vind ik hem niet.

  3. Erwan

    Goed dat je The Shawshank Redemption en The Green Mile er buiten hebt gelaten, ik kan bar weinig met die doorsnee films. Heb sowieso weinig aan te merken op de lijst, al heb ik van de top vijf Apt Pupil en Stand By Me niet gezien (die tweede kijk ik binnenkort een keer).

    En inderdaad, The Shining en Carrie zijn de twee beste adaptaties. Zeker bij Carrie kan ik genieten van de complete waanzin bij Piper Laurie en de coda die altijd werkt bij mensen die de film niet kennen :-) The Shining is een puur meesterwerk, vooral dat shot waarbij Jack naar de maquette kijkt van het doolhof en er vervolgens mysterieus wordt ingezoomd en je zijn vrouw en kind ziet lopen: creepy!

  4. Rogier

    Ik had in iedergeval TSR en TGM wel in de top 10 genoteerd, die kun je naar mijn mening niet ontwijken, maar Stand by Me, een ietwat onbekendere verfilming heeft zeker ook een hoog plaatsje verdiend. Dat was echt een mooie film. Christine blijft natuurlijk ook een topper samen met The Shining

  5. theodoor

    Het is niet dat ik TSR en TGM ontwijk, zoals eerder gezegd zeker goed voor een top 15 notering, maar dat ik me werkelijk afvraag waarom deze gezien worden als de beste King-verfilmingen. Zeker in de films in mijn top 10 gebeuren er interessantere en rauwere dingen dan in deze gepolijste en adequate verfilmingen. Ik heb het vermoeden dat de fans van TSR en TGM veel van de titels in mijn lijstje niet eens gezien hebben of een kans hebben gegeven omdat de echte horror van de meeste titels voor veel filmkijkers viezig of nerdy is. Horror wordt vaak geen kans gegeven door ‘serieuze’ filmkijkers vanwege het stigma dat het slechts gaat om bloedvergieten. Omdat The Green Mile en The Shawshank Redemption geen horror zijn hebben deze wel meer waardering kunnen verdienen, terwijl veel van de titels op mijn lijstje die waardering net zo goed verdienen (goed, The Shining heeft dan buiten het horror-getto ook nog enige eer verdiend). Voor mij zijn TSR en TGR-mile Stephen King-light. Ze bevatten de goede elementen van zijn werk, maar vergeleken met de Top-10-titels zijn ze erg veilig. En dat geld ook voor de non-horror. Een film als Stand By Me of Dolores Claiborne, ook non-horror-titels, zijn directer, eerlijker, rauwer en nemen meer risico’s.

  6. Fedor Ligthart

    Mooie top drie en ik blij dat je The Shining prijst als een goede adaptatie van King omdat het juist elementen van zijn boek weglaat, waardoor de horror meer realistisch wordt. Het is dus te doen om de visie van de regisseur en niet letterlijk het boek op film overzetten. Typisch dat King daar niet van gediend was en The Shining naar zijn smaak nogmaals liet remaken in een mini-serie. Fail!

  7. theodoor steen

    Let wel, ik kan de bizardere elementen van King ook goed waarderen (zie mijn hoge waardering voor The Dark Half en Christine). Realistischer horror is niet per definitie beter. Wat de kracht van The Shining is is niet zozeer dat de film realistischer is dan het boek, maar dat de film begrijpt wat wel en wat niet zou werken op film. King begreep dit niet, want hoewel de mini-serie trouw is op de letter is het een complete mislukking. Het boek blijft erg sterk (een van de engste boeken aller tijden), maar de film van Kubrick is een geheel ander beest en daardoor een van de beste (horror)films aller tijden. De miniserie is (pardon my eskimo) compleet ruk.

  8. Rogier

    Ik begrijp wat je bedoelt, mij maakt het ook niet uit dat jij ze niet in je top 10 hebt staan. Het leuke aan Stephen King is dat al zijn verfilmingen top zijn. Het is ook een kwestie van kiezen vind ik. Ik had dan TGM en TSR hoger gedaan, maar iedereen zijn mening. Ik ben dan wel weer iemand die meerdere films van hem gezien heb. Zo ben ik ook blij dat je Stand by Me en Christine die waardering heb gegeven die ze verdienen.

  9. theodoor steen

    Ik vind echt niet al zijn verfilmingen de moeite waard. Neem het gemiddelde werk van Mick Garris, erg matig. Echt slecht zijn Graveyard Shift, Maximum Overdrive, Sometimes They Come Back For More, The Rage: Carrie 2 en Dreamcatcher. Ondergewaardeerd en best de moeite waard zijn Creepshow, No Smoking, Cujo, Thinner, en ondanks de matige special effects The Langoliers.

  10. Rogier

    Jk wist helemaal niet dat Thinner en Cujo verfilmingen van Stephen King zijn. Die andere heb ik trouwens niet gezien, maar in iedergeval vind ik de meeste verfilmingen van hem echt goed


Reageer op dit artikel