2D is dood. Lang leve 3D!

20 december 2012 · · Beschouwing

Lantaarnlicht flikkert door een nauwe grotdoorgang. Je oog valt op stalagmieten die in de loop van duizenden jaren zijn ontstaan. Dan muren met tekeningen, van dieren met geweien. En paarden. Je zet een paar stappen naar links en de volgende tekening doemt op, van een beer. Niet eerder waande ik me fysiek zo aanwezig in een schijnwerkelijkheid als in Cave of Forgotten Dreams (2010). De langzame tred in de openingsbeelden is precies die van een observerende bezoeker. Met de 3D-bril op de neus voel je je daadwerkelijk die bezoeker. De beelden nog eens terugkijkend op YouTube stelt het allemaal weinig voor. Functionele cinematografie, meer niet. Voor zover dat nog nodig was bevestigt de momenteel draaiende documentaire van Werner Herzog dat 3D een buitengewoon interessante ontwikkeling is.

De associatie van 3D met blockbusters en films die het moeten hebben van pakkende special effects, zal voorlopig nog wel onuitroeibaar zijn. Om eerlijk te zijn is het mede daardoor dat mijn eerste kennismaking pas vrij recent was; The Adventures of Tintin (2011). Misschien maar goed ook, want de fase van kinderziektes en probeersels is deze film voorbij. In Spielbergs handen bleek de techniek een verlenging van artistieke mogelijkheden. De dieptewerking als de deep focus van de 21e eeuw. toegepast op een strip die speelt met visueel diepte is Spielbergs spielerei met gelaagdheid een treffende vertaling naar film.

Zoals in Tintin het gebruik van 3D artistiek gemotiveerd is, geldt dat ook voor Cave of Forgotten Dreams. De grotten van Chauvet bevatten rotstekeningen van 30.000 jaar oud. Doordat ze al die tijd luchtdicht bewaard zijn gebleven, verkeren ze in uitzonderlijk goede staat. Om die te behouden is publieke toegang niet mogelijk. Slechts onderzoekers mogen naar binnen, en bij uitzondering mocht Werner Herzog opnamen maken. Hij heeft de kans gegrepen om een filmische ervaring te maken die zo dicht mogelijk bij werkelijk bezoek komt. Dichter dan deze driedimensionale illusie zal de gewone sterveling niet komen bij de oeroude tekeningen. Gegeven de omstandigheden is het as good as is gets.

Daarmee zie ik voor het eerst 3D gebruikt worden in een dienende rol. Sinds de popularisering zitten we nog steeds in de fase waarin 3D een doel op zich is. Berucht zijn de films waar weinig 3D aan te zien is, op enkele gekunstelde effecten na. Het doet me denken aan de overgangen naar geluid, kleur en breedbeeld, die vaak, ook in de mainstreamcinema, gepaard gingen met experimenten binnen de nieuwe mogelijkheden. Introducties die met vallen en opstaan verliepen, maar door de nieuwe mogelijkheden ook nieuwe creativiteit opriep.

Hopelijk zijn genoemde titels het topje van de ijsberg. Als het idee losgelaten kan worden van 3D als spektakelstuk op zich, maar gezien wordt als één van de vormen die een regisseur kan gebruiken om zich artistiek uit te drukken. Zoals kleur, zoals geluid. Dieptewerking en de benadering van een schijnwerkelijkheid worden daar dan aan toegevoegd. Dat biedt oneindige artistieke mogelijkheden. Wat zou een door virtuele realiteit gefascineerde regisseur als David Cronenberg bijvoorbeeld maken met deze techniek? Of wat zou de impact zijn van meditatieve films, met hun lange, bedwelmende shots? Leuke dagdromerij, maar wat mij betreft vragen die zich eens laten beantwoorden.


Onderwerpen: , , , ,


Reageer op dit artikel