Bloederig boeiend: de zes beste vampierfilms zonder Dracula

29 oktober 2012 · · Lijst + The Horror


Graaf Dracula is zonder meer de meest bekende van alle vampiers, maar ook zonder zijn aanwezigheid zijn er zat prima vampierfilms op de markt gebracht. Films die de ene keer de puntige hoektanden kenden, maar ook regelmatig werd dit cliché vermeden en was de vampier meer een tragische antiheld. Wat volgt is een top zes van wat ik beschouw als de beste vampierfilms waarin Dracula niet voorkomt.

6. The Night Stalker (John Llewellyn Moxey, 1972)
Deze TV-film met Darren McGavin als onderzoeksjournalist Kolchak is een culthit die een kort durende TV-serie als gevolg zou kennen. The Night Stalker is meer een mysterie en detective dan een volbloed horrorfilm, maar de grote tegenstander van Kolchak is in de film wel een vampier. Zoals te doen gebruikelijk in de latere serie begint het verhaal met een korte introductie van Kolchak die vertelt dat hem wel iets heel vreemds is overkomen waarna we het mysterie induiken. The Night Stalker moet het vanwege zijn overduidelijke low-budget hebben van een erg fijne sfeer en kent enkele spannende scènes, zeker wanneer Kolchak zelf in contact komt met de vampier. De TV-serie kende iedere aflevering een ander bekend en mythisch monster waaronder de weerwolf, de zombie en de alien. Deze serie geldt overigens als grote inspiratiebron voor The X-Files.


5. Stake Land (Jim Mickle, 2010)
Een politiek getinte post-apocalyptische film gekoppeld aan vampirisme, zo is de bescheiden festivalfilm Stake Land het best te omschrijven. Een desolaat Verenigde Staten wordt bevolkt door ronddwalende vampiers die op zoek zijn naar de enkele niet besmette mensen die op primitieve wijze proberen te overleven. Ondanks dat de film met een summier budget is geproduceerd ziet het er allemaal zeer fraai en groots opgezet uit met verlaten vergezichten, uitgestorven gebouwen en enkele overtuigende slachtpartijen. Je zou de film ook onder de noemer coming-of-age kunnen plaatsen waarbij tiener Martin (al dan niet refererend aan een later te noemen film) onder hoede wordt genomen door de keiharde en no-nonsense vampierjager Mister. Samen trekken ze door het land op naar het veilige noorden en onderweg worden ze naast vele vampiers ook geconfronteerd met de religieus fundamentalistische groep The Brotherhood. Stake Land is een knap staaltje low-budget filmmaken en kent met regisseur Jim Mickle een talentvolle naam voor de toekomst.

4. Twins of Evil (John Hough, 1971)
Enkele jaren geleden schreef ik al over deze derde en beste film uit de zogenaamde Karnstein trilogie, films die naast horror ook tamelijk wat aandacht schenken aan lesbische vampiers. Maar Twins of Evil is bovenal de show van Peter Cushing die fenomenaal is als de uiterst vrome heksenjager Gustav Weil. Weil ergert zich behoorlijk aan zijn voluptueuze nichtjes die het niet zo nauw nemen met Weils moraal. Weils primaire doel is de mysterieuze graaf Karnstein die inderdaad kwade bedoelingen heeft en zich laat omvormen tot vampier. Zoals zoveel Britste horrorfilms uit die tijd kent ook Twins of Evil een fraaie aankleding met prachtige sets en kostuums die doen denken aan de zo bekende Dracula films van dezelfde productiemaatschappij, te weten het legendarische Hammer. De Collinson tweeling zorgt voor het vrouwelijk schoon en het contrast met het doorgeleefde gezicht van Cushing kan niet groter zijn. Twins of Evil valt in het niet bij de overbekende Dracula-reeks, maar is absoluut de moeite van het bekijken waard. Daarbij is het niet noodzakelijk om de andere twee films van de trilogie te zien.


3. Trouble Every Day (Claire Denis, 2001)
Van een geheel andere orde is het existentiële Trouble Every Day, een film die traag en vrijwel zonder echt verhaal voortkabbelt en een bijna hypnotiserende ervaring is. De tamelijk kierewiete Vincent Gallo is Shane, een Amerikaan die met zijn vrouw op huwelijksreis in Parijs is. De echte reden voor dit bezoek is dat Shane contact wil met een arts die onderzoek doet naar libido. De gehele film is Shane een ongeleid projectiel die verdwaasd op zoek is naar een medicijn tegen zijn curieuze ziekte. Hij lijkt het noodlot te vinden zodra hij in contact komt met de naar bloed hunkerende vrouw van de arts, een angstaanjagende rol van Béatrice Dalle, bij velen bekend als de moordende vrouw uit À l’Intérieur. Zoals gezegd hoef je qua eenduidig plot niet veel te verwachten van Trouble Every Day en dat is ook een van de punten waarom de film niet door iedereen goed verteerd zal worden. Als je echter bereid bent je over te geven aan de verontrustende beelden van cameravrouw Agnès Godard, de duistere muziek van Tindersticks en het intense spel van Gallo en Dalle wordt je getuige van een van de meest originele en fraaie horrordrama’s met een tamelijk unieke kijk op de vampiermythe.

2. Martin (George A. Romero, 1976)
De koning van het zombie-genre bleek met Martin ook in staat een uitmuntende horrorfilm te regisseren die op subtiele wijze speelt met het concept van vampirisme. En net als hij eigenhandig de conventies van de zombiefilm voor eeuwig veranderde, zo creëert Romero met Martin ook zijn geheel eigen visie. Tijdens de opening wordt een vrouw verdoofd en haar nek doorgesneden met een scheermes waarna het titelpersonage het bloed van het slachtoffer drinkt. Wat volgt is een tamelijk tragisch verhaal rondom Martin, een jongeman die de morbide obsessie heeft het bloed van vrouwen te drinken zonder daarbij overigens bovennatuurlijke taferelen toe te passen, een vooroordeel wat hij tijdens een radio-show duidelijk probeert te maken. Romero beschouwt Martin als zijn favoriete werk en het is goed te zien waarom. Daar waar je geen enkele sympathie of aantrekkingskracht hebt met ‘zijn’ zombies, is Martin wel een persoon die meerdere lagen kent ondanks dat het zeker geen sympathiek personage is. Het meest interessante aspect aan Martin is net als bij Trouble Every Day het realistische aspect van vampirisme wat het vele malen enger maakt dan de in fantasie rustende vampierfilms.


1. Vampyr (Carl Theodor Dreyer, 1932)
Dreyer is allicht het meest beroemd om zijn legendarische stomme film La Passion de Jeanne d’Arc, maar zijn eerste geluidsfilm mag er ook absoluut zijn. En dat voor een film die aardig wat haperingen ondervond. De cast bestond vrijwel uit niet professionele acteurs en het werd in drie verschillende talen opgenomen. De dialogen zijn beperkt tot een minimum waardoor het echt een visueel spektakel wordt met een behoorlijk aantal titelkaarten. De meest geniale keus van Dreyer was om de film er regelmatig wazig uit te laten zien wat bijdraagt aan de zeer dromerige en surrealistische sfeer van Vampyr. En de film mag dan wel van 1932 dateren, dit neemt niet weg dat het hier en daar onwijs eng is door middel van onbehaaglijke close ups, onwennige camerastandpunten en een bewust spookachtige opbouw. Het is een trage film en geen al te makkelijke zit ondanks de relatief korte speelduur van 73 minuten, maar je krijgt er ontzettend veel fraais en pure horror voor terug. Daarbij is de bovenstaande still van een oude vrouw die een grafkist inkijkt nog altijd een van de meest angstaanjagende filmbeelden die ik ooit gezien heb.


Onderwerpen: , , , , , , , , , , , ,


4 Reacties

  1. springrose

    Waarom geen Top 10 van maken?
    Het verbaast me bijvoorbeeld dat “Thirst” van Chan-wook Park er niet tussen staat. Erg de moeite waard vind ik.

  2. Erwan

    Ik zat aan een top 10 te denken, maar ik kwam qua tijdsdruk niet verder dan zes. En het leek me ook qua symboliek met het nummer wel aardig, beetje flauw maar om nou een top 666 te maken…
    Thirst heb ik tot de dag van vandaag vreemd genoeg nooit gezien, dus dat verklaart een hoop. Ik hoor daar inderdaad erg goede verhalen over. Maar bij een top 10 zou in mijn lijst dan ook het originele Let the Right One In, The Addiction de Fright Night remake en Bava’s I Vampiri komen. Zo even snel uit mijn hoofd nu.

  3. Springrose

    Aha, ik had die connectie van het cijfer “6” niet gemaakt. Het is leuk om te zien dat je niet beperkt tot films die gemaakt zijn voor het witte doek maar dat ook tvfilms in aanmerking komen.

  4. beavis

    mijn top 5:

    daughters of darkness
    near dark
    martin
    interview with the vampire
    the hunger

    nog een paar afwijkende “indie” vampieren zonder the count
    the addiction, habit, blood (2000) … en er zijn daar vast nog veel meer van


Reageer op dit artikel