Twee verschillende kijkjes in de keuken
Swimming with Sharks (1994) en Living in Oblivion (1995)

Swimming with Sharks (1994)

Zolang de filmindustrie bestaat lijkt deze op verschillende niveaus en manieren gebruikt te worden om zichzelf onder de loep te nemen. Bekende voorbeelden zijn Fellini’s 8½ (1963), Lynch zijn Mulholland Dr. (2001) en Robert Altmans The Player (1992). Drie grote filmmakers die elk op hun manier kritiek uitten op de industrie waarin ze zelf groot zijn geworden. Met name Altmans film lijkt een inspiratie geweest te zijn voor andere filmmakers om in de jaren 90 het medium film en wat daar bij komt kijken te bekritiseren. Deze ontwikkeling heeft onder andere twee films opgeleverd die elk een totaal verschillend aspect van filmmaken belichten.

De eerste is Swimming with Sharks (1994) van regisseur George Huang. Deze film gaat over Guy (Frank Whaley) die als kersverse assistent van studiobons Buddy Ackerman (Kevin Spacey) aan de slag mag. Ackerman blijkt een hork van een werkgever die Guy constant met de grond gelijk maakt en hem duidelijk instrueert vooral niet na te denken en precies te doen wat hem opgedragen wordt. De goedzakkerige jonge filmmaker ziet in zijn nieuwe rol als slaafje een kans om zich op te werken binnen de industrie zoals dat ook zijn voorgangers gelukt is. Wanneer Guy gevoelens ontwikkelt voor een vrouwelijke producer worden zijn werk en privéleven gecombineerd op een wijze die hem teveel lijkt te gaan worden.

De hoofdreden dat deze film slaagt is absoluut de aanwezigheid van Kevin Spacey. Hij speelt de rol van horrible boss alsof hij al jaren op die stoel zit en lijkt geboren voor dit type rol. Met Whaley als ‘zachte’ tegenspeler wordt zijn autoriteit en macht nog eens versterkt. Wanneer Whaley’s karakter Guy uiteindelijk doorslaat en drastisch ingrijpt weet Spacey hem nog steeds de les te lezen en blijft de film met name dankzij een aantal fantastische dialogen de moeite waard. Al met al geeft Swimming with Sharks vooral een humoristisch en bij vlagen schrijnend inkijkje in de meedogenloze wereld die filmproductie heet.

De kritiek die deze film levert kan eigenlijk doorgetrokken worden naar de algemene bedrijfsmentaliteit zoals die in de jaren 80 een flinke opmars gekregen lijkt te hebben. Eerder is hier met films als Wall Street (1987) en Boiler Room (2000) al uitgebreid en kordaat kritiek op geleverd. Swimming with Sharks past zeker in dit rijtje thuis en is in die zin universeel en hoeft zich qua kritiek niet tot de filmindustrie te beperken. Dit gegeven geeft de kijker mogelijk het belangrijkste inzicht: film mag dan een kunstvorm zijn, in Hollywood is het net als in menig andere branche gewoon keihard zaken doen.

“This is not a business, this is show business. Punching below the belt is not only all right, it’s rewarded”

Living in Oblivion (1995)

Living in Oblivion (1995) van filmmaker Tom DiCillo laat het filmmaken vanuit een compleet ander oogpunt zien. We worden meegenomen naar de wereld van een onafhankelijke filmmaker en de vele makken en frustraties die gepaard kunnen gaan met het schieten van een low-budget productie. Nick Reve (mooie rol van Steve Buscemi) beleeft de nachtmerrie van elke regisseur. Alles wat fout kan gaan tijdens het schieten van een cruciale scène gaat fout. Een geluidsman die een microfoon in beeld hangt, een actrice die haar tekst vergeet, een alarm dat afgaat, een lamp die ontploft en ga zo maar door. Dat Reve uiteindelijk een woede-uitbarsting krijgt zal elke kijker zich voor kunnen stellen.

Na dit voorval zien we hoe in een andere scène een over het paard getilde acteur zijn stempel op een film wil drukken en hoe de regisseur hier mee om probeert te gaan. De takes verlopen vergelijkbaar met de eerdere scène met dit verschil dat het nu vooral de acteur is die denkt een creatieve bijdrage te moeten leveren. Met zijn spontane ideeën weet hij het proces flink te vertragen en te frustreren wat uiteindelijk wederom tot een uitbarsting en zelfs een vechtpartij leidt.

Wat Living in Oblivion vooral duidelijk maakt is wat er allemaal bij komt kijken om een film te maken. Welke problemen zich voor kunnen doen, hoe vervelend acteurs kunnen zijn en hoe belangrijk de onderlinge verhoudingen op een filmset zijn. Regisseur DiCillo putte uit zijn eigen ervaringen. Saillant detail is de rol van James LeGros, die de onmogelijke kapsonesacteur Chad Palomino speelt. Zijn rol zou een bekende Hollywoodacteur moeten representeren. Geruchten dat dit om Brad Pitt zou gaan zijn door zowel de regisseur als LeGros ontkracht. De laatste gaf wel toe dat het iemand is met wie hij vlak voor deze film had samengewerkt. Wie dit zou moeten zijn is tot op heden niet door de makers losgelaten.

Behalve een inkijkje in het proces van filmmaken op spaarcentenniveau is Living in Oblivion ook een inventieve en vooral leuke film. De inventiviteit zit hem in een plot waardoor je als kijker een aantal malen prettig verrast wordt. DiCillo lijkt hiermee te willen zeggen dat je met een laag budget ondanks de mogelijke mankementen nog steeds een goede film kunt maken. De laatste akte van deze film illustreert dit feit en leert ons dat de beste filmmomenten spontaan kunnen ontstaan.


Onderwerpen: , , , , , , , , , , , , ,


Reageer op dit artikel