De Indientjes 2013 – Beste Regisseur

Welkom bij de Indientjes 2013! De spiksplinternieuwe award in filmprijzenland, waarvoor de nominaties geheel onafhankelijk, doch zeer subjectief door de redacteuren van Salon Indien bepaald zijn. Een winnaar zal niet aangewezen worden. De voordracht per categorie (lees ze hier nog eens na) is vooral bedoeld als een persoonlijke getint favorietenlijstje. En bij de favorieten van de redactie houdt het niet op: reageer vooral wie jij dit jaar dit jaar hebt zien schitteren als regisseur of actrice, of wat jou favoriete filmmoment dit jaar was. We trappen af met: Beste Regisseur.

Paul Thomas Anderson – The Master

Paul Thomas Anderson, onder cinefielen P.T.A., behoeft geen introductie meer. Menig filmliefhebber keek eind vorige jaar reikhalzend uit naar The Master, waar de wereld na het fenomenale There Will Be Blood (2007) vijf jaar op moest wachten. Deze film bleek een bevestiging van de status die de regisseur heeft: één van de groten van zijn generatie. Zeker niet Andersons beste, maar met name de interviewscènes tussen hoofdrolspelers Phoenix en Hoffman getuigen van een feilloos gevoel voor timing, spanning en intensiteit. Naast zijn technische virtuositeit heeft Anderson al eerder bewezen een uitstekende acteur-regisseur te zijn. Dit maakt dat de machtsrelatie tussen de hoofdrolspelers krachtig en vol overtuiging is neergezet en zo deze film naar een hoog niveau tilt. De beste regieklus van het afgelopen jaar.
Hendrik de Vries

Jem Cohen- Museum Hours

Een relatief kleine film over grote thema’s maken. Jem Cohen doet het wonderwel. Zijn film, Museum Hours, schippert tussen kunsthistorisch thesis en een vriendschapsdrama over twee personages om verliefd op te worden. Het mooie is dat hij de thema’s rondom de kunst, namelijk de kunst van het observeren, vergankelijkheid en de schoonheid van het verval en het alledaagse, naadloos koppelt aan de persoonlijke gebeurtenissen. Daarom kan het dat Johanns plek als einzelganger binnen de Oostenrijkse samenleving mogelijkheden opent om zijn stad te zien als kunstobject, en dat Anne na het overlijden van haar nicht troost kan vinden in de morbide, aftakelende hoofden van Breugels figuranten.
Theodoor Steen

Harmony Korine – Spring Breakers

Ik had de afgelopen jaren wel wat appeltjes met Harmony Korine te schillen. De filmmaker die op jonge leeftijd doorbrak met het geweldige script voor Kids (1995) kende een dito regiedebuut met Gummo (1997) maar daarna zakte Korine toch wat weg met als dieptepunt het volstrekt overbodige en oerslechte Trash Humpers (2009). Zodoende was ik ietwat sceptisch over Spring Breakers maar Harmony Korine bleek in staat een uitstekende film af te leveren en zijn hand was (samen met een unieke rol voor James Franco) onlosmakelijk verbonden met het succes van de film. Korine’s energieke regie staat aan de basis van Spring Breakers, een film die even radicaal qua vorm als ook kritisch is op de hedendaagse Amerikaanse jeugd en de excessen hiervan. In tegenstelling tot eerdere films is Korine’s nieuwste echt wonderschoon geschoten met enkele briljante vondsten zoals een winkelroof waarbij de camera alles van buitenaf aanschouwt. Van sommige regisseurs weet je eigenlijk van te voren al wel dat het er piekfijn uit zal zien en in elkaar steekt en des te meer was de meer dan positieve verrassing een groot goed met een hoopvol teken van artistiek leven bij Harmony Korine. Korine’s regie mag misschien wel niet de meest gelikte van het jaar zijn, de meest in het oog springende is het zeker.
Erwan Ticheler

Brian De Palma – Passion

Het mag dan een remake van een recente Franse thriller zijn, Passion is een echte De Palma. In zijn uiterst capabele handen wordt een verhaal over verraad en vrouwen aan de top van de zakenwereld zoveel meer dan: een prachtig geschoten, ambigue film waarin dromen en realiteit in elkaar overvloeien, deels ingegeven door (al dan niet seksuele) obsessies, ambities en (zelf)decepties. Op lyrische wijze dompelt De Palma mij onder in zijn droomwerkelijkheid en vertelt het verhaal visueel, waarbij de stand van de camera, het kleurgebruik en de montage eigenlijk belangrijker zijn dan de dialogen om Passion te doorgronden. Juist die manier waarop De Palma techniek inzet (en ondertussen ook tot onderwerp maakt) zorgt er voor dat zijn film zo’n intens, gecompliceerd en gevoelsmatig plezier geeft, wat Adrian Martin en Cristina Álvarez López in dit fantastische essay veel uitgebreider beargumenteren. Een terugkeer naar het hoogste niveau van een meesterfilmer waarvoor ik bijna de hoop al had opgegeven.
Kaj van Zoelen

Ulrich Seidl – Paradies: Liebe

Met premières op drie toonaangevende festivals van zijn Paradies-drieluik leverde Ulrich Seidl niet alleen een knappe prestatie in 2013, maar forceerde hij ook een doorbraak bij een groter publiek. Zeker de meest eigenzinnige regisseur die ik dit jaar leerde kennen. Zijn kijk op de mens strijkt stevig tegen de haren in, en levert meer dan eens ongemakkelijk geschuif in de bioscoopstoel op. Macht, vernedering, blind fanatisme en liefdeloze liefde; het is de sombere rode draad die door zijn films loopt, in een interpretatie die pessimistische diepten bereikt waar weinig andere regisseurs zich durven te wagen. Ook zijn visuele stijl is uit duizenden herkenbaar. Zo uit balans als de personages zijn, zo harmonieus en symmetrisch zijn de beeldcomposities. Het is die frictie tussen de keurige oppervlakte van het sociale masker en de pijnlijke, onvoorspelbare psyche van de mens met al haar obsessies en verlangens die we zo minutieus onderzocht zien worden.
Rik Niks

Alfonso Caurón – Gravity

Met wat cynisme zou Gravity kunnen worden afgedaan als niet zo veel meer dan een veredelde versie van een film als Kentis’ Open Water (2003) maar dan met twee astronauten die op drift raken in de ruimte. Maar Alfonso Cauron heeft zonder meer één van de beste en meest memorabele regieprestaties geleverd van 2013. Hij stroomlijnt zijn film logischerwijs bewust tot een minimum aan narratief en dialoog om de zintuigen en het lichaam van de toeschouwer optimaal te kunnen bespelen en zo een unieke, vrijwel perfect uitgevoerde immersieve ervaring te kunnen creëren. Tot de vele vernieuwende technieken die Cauron gebruikt behoort onder andere de keuze het geluid zo te mixen dat het dit maal niet van de muren van de bioscoopzaal vandaan lijkt te komen, maar zich direct naast de toeschouwer lijkt te bevinden; voorheen werd dit gezien als een doodzonde. Het gebruik van 3D heeft nu ook eens werkelijk een meerwaarde voor een film. Het is van zeldzame klasse hoe sterk Cauron controle heeft over het creëren van anderhalf uur lang vrijwel onafgebroken, haast ondraaglijke spanning. De film voelt tegelijkertijd groots van opzet én claustrofobisch en intiem. In een Hollywood dat visuele effecten voor zijn spektakels slechts lijkt te gebruiken voor dreunende explosies, enorme monsters en grote veldslagen is Caurons alternatief een verademing.
Arjen


Onderwerpen: , , , , , , , , , , ,


1 Reactie

  1. beavis

    Erg mooi lijstje zo al. Heb Passion nog niet gezien, maar gezien de andere keuzes zal deze ook wel goed zitten. Zou er zelf nog Post Tenebras Lux (2012) en
    La Grande Bellezza (2013) aan toe kunnen voegen die net als the Master behoren tot die mooie opvallende films uit 2013 waarbij de auteur/regisseur boven zichzelf en alle beloftes uit voorgaande films uitsteeg en zijn ultieme meesterwerk volbracht


Reageer op dit artikel