Philip Marlowe ontrafeld
The Long Goodbye (1953) & The Long Goodbye (1973)

Dick Powell in Murder, My Sweet (1944) is de best gelukte Philip Marlowe. Zo, de knuppel maar eens in het hoenderhok. Natuurlijk is ons Humphrey Bogarts vertolking van Raymond Chandlers private dick in The Big Sleep (1946) het meest bijgebleven. Terecht. Na lezing van The Big Sleep en The Long Goodbye ben ik echter gaan twijfelen of het daarmee ook de beste weergave is van het personage zoals Chandler dat in zijn boeken tot leven bracht. Mijn favoriete Philip Marlowe is Elliott Gould in The Long Goodbye. Zijn interpretatie staat mijlenver af van zijn voorgangers, maar juist daardoor ben ik Chandlers roman anders gaan lezen. En de verfilming vervolgens weer anders gaan zien.

De plot

Een ding weet je bij Chandler zeker: over de plot hoef je het niet te hebben. Ondanks dat een zeer hoog percentage van de tekst 'opgeofferd' is aan plotontwikkelingen. Bovendien rammelen de plots aan alle kanten. Fameus is de anekdote dat Chandler geen antwoord had op Howard Hawks' vraag wie toch Owen Taylor in The Big Sleep vermoordde. Ook The Long Goodbye zit vol onlogica en, typerender nog, ontwikkelingen die uit de lucht komen vallen. Net als in The Big Sleep wordt Marlowe vroeg in het verhaal voor een simpele opdracht ingeschakeld, maar kun je als lezer achteraf enkel in verwarring blijven waarom hij ooit het spinnenweb van intriges ingelokt is. Als lezer is het doorlopend moeilijk grip te krijgen op de plot, waardoor je als vanzelf vereenzelvigt met de positie van Philip Marlowe. Hij lijkt een pion in een ondoorzichtig spel dat boven zijn hoofd groeit. Gedicteerd door partijen die volgens hun eigen wetten macht op de samenleving uitoefenen. In The Long Goodbye zijn dat met name de politie, de journalistiek en de rijke elite (opvallend genoeg heeft de georganiseerde misdaad een kleinere rol). Scènes daaromtrent staan steeds vol van thema's als macht, recht, ethiek. Maar ook aan de foute kant lopen er geen genieën rond in Chandlers romans. Misdaad is geen haarfijn uitgedokterd superplan, maar een gezwel dat overal woekert, door niemand echt beheerst.

De protagonist

In zulke troebelheid moet Marlowe zijn weg zien te vinden. Deels intuïtief, deels door scherpzinnigheid, maar, zoals gezegd, ook vaak door toeval, komt hij stappen verder. Ik geloof niet dat ik eerder een plot zag dat zo vaak tot stilstand kwam (zaak 'opgelost'), en, soms weken later, weer aan het rollen ging. Marlowe is dan ook zeker geen superdetective. Het personage was een reactie op de klassieke masterminds, die verheven boven zoiets onethisch als misdaad, de puzzel oplosten. Marlowe zit midden in de troep en onderaan de ladder van gezag. Hij wordt gebruikt als anderen dat zo uitkomt en pas serieus genomen als het te laat is. Principieel in de uitoefening van zijn vak blijft hij dagenlang onterecht in de cel, en weigert zich te laten betalen voor middelmatig werk. Deze Marlowe is verfijnder dan de filmversies die we kennen. Hoewel, van Dick Powell zou je je wel voor kunnen stellen dat zijn Marlowe T.S. Eliot en Flaubert leest en schaak speelt. Tegen zichzelf. In de eerste hoofdstukken sukkelt hij achter Terry Lennox aan, in iets wat in Marlowes leven nog het meest in de buurt komt van een vriendschap. De troosteloosheid van die ontmoetingen druipt er echter vanaf. Marlowe is in al zijn cynisme sympathiek, heeft iets cools, maar de geur van een mislukkeling raakt hij nooit helemaal kwijt.

De adaptatie

Daarmee zijn we aangekomen bij het uitgangspunt van Robert Altmans verfilming. Voordat Marlowe ook maar één personage ontmoet heeft, is hij al te kijken gezet door zijn kat en een vakkenvuller die hem dist. Die kat raakt kwijt, maar is in afwezigheid aanwezig doordat Marlowe zelfs hem niet kan opsporen. Als detective oude stijl (die auto!) in de jaren 70 is Marlowe nog meer een buitenbeentje dan in Chandlers romans. Altman vergroot alle facetten die hem in de romans al af deden steken tegen zijn milieu. Zijn wisecracks (ook bij Chandler (bewust?) lang niet altijd even scherp) slaan vaak nergens op, een klapje in de maag is genoeg om knock-out te gaan en hij mompelt voortdurend in zichzelf. Nee, dit is geen Marlowe die in control is, zoals Humphrey Bogart dat te allen tijde schijnt te zijn. Het zou ook nauwelijks passen bij Robert Altman, de regisseur die gedijt bij nonchalance en chaos. Strakke plots kennen zijn films nooit, hij zoomt gewoonlijk in op een veelheid aan personages en de manieren waarop ze met elkaar in verband staan. Geen kenmerken die hem een logische verfilmer van een Chandler-roman maken. Toch zijn dat de kenmerken die ook in de verfilming terug te zien zijn. In de details, zoals zijn wereldvreemde benadering van de trippende buren, of juist in de onderonsjes met de parkeerwachter, het enige personage dat ook een anachronisme schijnt. Overigens, beide zijn vondsten die niet in de roman voorkomen, wat ook geldt voor bijna alle dialoog in de film.

Conclusie

Voor mij is The Long Goodbye een schoolvoorbeeld hoe een roman met behoud van eigen stijl verfilmd kan worden. Chandler en Altman liggen mijlenver uit elkaar, maar Altman heeft een manier gevonden Chandlers universum in te passen in zijn eigen signatuur. Zonder het bronmateriaal geweld aan te doen, maar door een interpretatie te geven die nieuw licht werpt op de Philip Marlowe zoals Chandler die gecreëerd heeft.

Roman: ★★★☆☆
Film: ★★★★★

jfdghjhthit45

Onderwerpen: , , ,


2 Reacties

  1. Kaj van Zoelen

    Fijn stuk over een favoriete film van mij. Dat, urm, loze van Marlowe is een van de sterke punten van de film, inderdaad. Dick Powell speelde overigens Marlowe in een TV-versie van The Long Goodbye. En tja, of Bogart nou de meest getrouwe vertolking is of niet, ik zag The Big Sleep voordat ik ooit aan de boeken van Chandler begon en tijdens het lezen zag ik altijd Bogey voor me en hoorde hem de dialogen van Chandler uitspreken.

  2. Olaf K.

    Hear hear! Met grote afstand mijn favoriete Marlowe.