Close-Up (1990)
De waarheid ontmaskeren door de leugen

6 april 2014 · · Beschouwing + Close Up: Iran

**Dit artikel verscheen eerder in 2010 op Salon Indien nav vertoning in het Filmmuseum en dvd-uitgave door Criterion.**

Van een verhalende complexiteit zijn Iraanse films over het algemeen niet. Toch is het juist de ogenschijnlijke simpliciteit die suggereert dat er meer moet schuilen achter plotjes over kinderen die hun school zoeken, mannen die onbestendig in Landrovers rondcruisen of, in het geval van Close-Up, een man die aangeklaagd wordt omdat hij zich uitgeeft voor een ander. Vertoond in het kader van Doku.Arts in het Filmmuseum, liet Close-Up me na afloop met veel vraagtekens achter, ondanks het simpele verhaal met afgerond einde. Regisseur Abbas Kiarostami ontregelt de vertelling continue, de kijker daarmee uitdagend dieper te graven dan het basale plotniveau.

Het begint al met de openingsscène, waarin een journalist, twee agenten en een taxichauffeur op weg zijn naar een arrestatie van een man die zich uitgeeft voor de beroemde regisseur Mohsen Makhmalbaf. In plaats van de arrestatie zien we vervolgens echter minutenlang beelden van een keuvelende taxichauffeur, en een blikje dat traag de straat naar beneden rolt. Na de openingscredits lijken we opeens naar een documentaire te kijken. Politieagenten en rechters worden over de arrestatie geïnterviewd, de microfoon (zelfbewust?) in beeld hangend. En dan weer een overgang; Kiarostami komt zelf in beeld, als hij Sabzian in de gevangenis interviewt over zijn impersonatie. Kiarostami op de rug gefilmd doet het direct denken aan Citizen Kane (1941), gelijk de nimmer en face gefilmde journalist die het raadsel Rosebud wil ontcijferen. Wordt Close-Up ook een zoektocht naar diepere motieven, samengebracht in een smeltkroes van vertelvormen?

Ja en nee. Het motief van Sabzian zich uit te geven voor Makhmalbaf is nauwelijks de raison d’être van de film. Het gegeven van impersonatie fascineert Kiarostami echter mateloos, zodoende dook hij direct op deze zaak toen hij er van vernam. Een bekende uitspraak van hem is dat de kortste weg naar de waarheid de leugen is. De fraude van Sabzian grijpt hij aan deze persoon te ontleden, alsmede de rol van (film)kunst in de Iraanse samenleving. En, meer nog, om het wezen van film te ontleden. Hij trekt een parallel tussen het spel met de werkelijkheid dat Sabzian speelt, en het spel dat acteur en regisseur spelen met de kijker. Daarom de verschillende vormen; rechtbankscènes die authentiek documentair ogen, scènes als de genoemde met Kiarostami waarvan volstrekt onduidelijk is of het geacteerd is, tot flashbacks die wél geacteerd moeten zijn. Sabzian wordt gespeeld door Sabzian, en Sabzian speelt bij momenten dus Sabzian die speelt dat hij Makhmalbaf is.

De echte Makhmalbaf komt aan het slot ook voorbij. Ook dan is echter weer onzeker wat de status van het woord ‘echt’ is. Is zijn rol geënsceneerd, Makhmalbaf speelt Makhmalbaf, of echt: Makhmalbaf is Makhmalbaf? De scène ontregeld door steeds wegvallend geluid: een echte technische storing, of een Godardiaans trucje de kijker te attenderen op het onechte gehalte dat inherent is aan film? Hoe dan ook, de zoveelste keer dat Kiarostami de verwachtingen van de kijker omzeilt en de regels van de klassieke dramatische opbouw nonchalant negeert.


Onderwerpen: , , ,


Reageer op dit artikel