De beste ballades van John Woo (2/2)
Helden van Hong Kong (7)

John Woo

John Woo was, zoals ik vorige week al uitlegde in het eerste deel van dit stuk, een van de eerste niet-westerse filmmakers die ik als jonge filmliefhebber ontdekte in mijn tienerjaren. Met zijn fantastisch gechoreografeerde actiescènes en verhalen over innige mannelijke vriendschap en broederschap veroverde hij mijn hart en verbeelding. Dat deed hij niet met de films en actiescènes die ik vorige keer besprak, maar met de top drie van de vijf onderstaande titels. Niet alleen zijn deze vijf de beste films van Woo, maar dit jaar ben ik er achter gekomen dat het de enige echt goede films van hem zijn.

Once A Thief

5. Once A Thief (1991)

Nadat Woo furore maakte met onder andere de nummers één en twee van deze lijst en zijn poging tot een oorlogsepos (Bullet In The Head) vond hij het eens tijd voor wat lichters. De invloed van de Nouvelle Vague op zijn werk is nog het duidelijkst in deze film te zien, over vrolijke juwelendieven in een driehoeksverhouding. De roofovervallen zijn erg leuk uitgevoerd en de actiescènes die daar het gevolg van zijn spectaculair zoals je van een Woo op de top van zijn kunnen mag verwachten. Zelfs de melodramatische romance en vriendschap tussen de drie dieven overtuigt. Er zit hier en daar wel wat Stephen Chow-achtige, maffe komedie in die je moet kunnen hebben wil je je daar niet aan ergeren, maar verder valt er weinig aan te merken op deze fijne heistfilm.

Red Cliff

4. Red Cliff (2008)

De comeback van Woo, zowel kwalitatief als in zijn geboorteland. Vijftien jaar daarvoor vertrok hij naar Hollywood, waar hij naar mijn mening nooit de voltreffers scoorden zoals de andere vier in deze lijst, en waar hij in de 21ste eeuw vrij snel zijn krediet verspeelde met enkele missers. Jarenlang wilde Woo epische films van drie of vier uur lang maken, maar zowel in Hong Kong als Amerika kreeg hij daar niet de ruimte voor. Uitgerekend in totalitair China kreeg hij wel die ruimte, met dit indrukwekkende epos met een lengte van vijf uur als resultaat. Takeshi Kaneshiro en Tony Leung spelen eeuwenoude Chinese helden, uit één van de grote vier Chinese historische klassiekers, Romance of the Three Kingdoms, in zekere zin vergelijkbaar met de Ilias behalve dat iedere Chinees dit verhaal uit zijn hoofd kent. Maar eigenlijk spelen Kaneshiro en Leung tegelijk typische Woo helden, die beiden een leger aanvoeren van één van die drie koninkrijken en daardoor tegenover elkaar staan maar een gelijkenis en vriendschap in de ander vinden. Van de vele historische (en fantasy) epossen die het vorige decennium onveilig maakten is Red Cliff één van de weinigen met echt levendige, interessante strijdscènes.

A Better Tomorrow

3. A Better Tomorrow (1986)

Hier begon het allemaal. Met Chow Yun-Fat, die koeltjes withete wraak pleegt door een ruimte vol gangsters binnen te lopen en ze allemaal af te knallen. Snelle shots van een schietende Chow, afgewisseld met langere, slow-motion beelden van de vallende lichamen van zijn slachtoffers. Gemonteerd volgens de principes van en met de precisie van Hong Kong cinema, geïnspireerd door Sam Peckinpah en Arthur Penn (met name het einde van Bonnie and Clyde (1967)). De andere definiërende scène volgt daar bijna meteen op: een montage van drie jaar in het leven van twee broers. De één die zijn straf uitzit in een Taiwanese gevangenis, de ander die zijn opleiding afrond op de politieacademie. Ze zitten aan weerszijden van de wet en komen daardoor tegenover elkaar te staan, maar blijven broers, in dit geval letterlijk. Het levert meesterlijk melodrama op en een kapstok voor Woo om zijn actiescènes aan op te hangen. Niet dat A Better Tomorrow slechts een kapstok voor actie is. Volgens sommigen is het zelfs een metafoor voor angst voor de overname van Hong Kong door China, waar de Britten in 1984 voor tekenden, wat o.a. in de scène waarin de twee oude vrienden over de stad uitkijken naar voren zou komen. Weer anderen zien in hun diepe vriendschap een heimelijke homoseksuele liefde.

Hard Boiled

2. Hard Boiled (1992)

Dit visitekaartje voor Hollywood, dat na deze film definitief hapte in wat Woo te bieden had, is wel zo’n kapstok voor actiescènes. Maar wat voor een actie! Het verhaal en de thematiek zijn min of meer herhalingszetten voor Woo en Chow Yun-Fay, die dat in The Killer en A Better Tomorrow eigenlijk al beter deden. De actie daarentegen is de beste uit zijn carrière. Het begint al meteen met de shoot-out tussen de vogelkooitjes in het theehuis. Dan is er de dramatische schietscène in de garage in het midden van de film, en uiteindelijk de climax: bijna veertig minuten aan non-stop spektakel in een ziekenhuis dat ontruimt wordt terwijl de gangsters en de politie elkaar afknallen, inclusief een long take van bijna vier minuten. Deze sequentie is Woo’s huzarenstuk, dat hij nooit meer zou overtreffen. Toch is het voor mij niet zijn beste film. Want dat is:

The Killer

1. The Killer (1989)

De film waardoor het westen Woo leerde kennen (en ik ook), die wat mij betreft de perfecte mix van de net genoemde twee films is. De voor hem typische choreografie en filmstijl van de actiescènes heeft Woo na A Better Tomorrow fantastisch verder ontwikkeld, met een aantal spectaculaire shoot-outs als gevolg die even goed zijn als die in Hard Boiled. En hoewel The Killer ontzettend melodramatisch is resoneert het verhaal net als bij A Better Tomorrow emotioneel toch wel, wat bij de eindeloze actie van Hard Boiled net wat minder is. Je kunt zowel de emotie als de actie over de top noemen, maar wat mij betreft is The Killer juist de top dankzij deze combinatie en doordat Woo voluit gaat op beide vlakken.


Onderwerpen: , , , , , ,


3 Reacties

  1. Straka

    Kijktip voor de liefhebbers van A Better Tomorrow: Story of a Discharged Prisoner uit 1967. (Leg ook even de Cantonese titels naast elkaar).

  2. Kaj van Zoelen

    Klopt, dat is de andere grote invloed op die film, Tsui Hark heeft letterlijk van die film de titel en het plot gejat/als invloed genomen. Behalve dat een van de belangrijke rollen in die film nog door een vrouw wordt gespeeld, en dat hier een man is om het broederschap thema nog verder door te voeren.

  3. Straka

    Bovenal is het ook gewoon een goede film. Gezien de status van de remake verdient deze meer aandacht.


Reageer op dit artikel