De Indientjes 2010-2014 – Beste Regisseur (nieuwkomer)

De Indientjes

Net als vorig jaar zal Salon Indien, nu het einde van het jaar nadert, haar eigen prijzen, de Indientjes, uitreiken. Vorig jaar gingen deze prijzen over 2013. Aangezien we deze maand gebruiken om terug te blikken op de afgelopen vijf jaar zullen ook de Indientjes dit jaar de afgelopen vijf jaar beschouwen. Mede daarom beginnen we vandaag met de categorie ‘Beste nieuwe regisseur’, waarin elke redacteur een relatief nieuwe regisseur naar voren brengt die volgens hem indruk heeft gemaakt in de afgelopen jaren en die we dus in de gaten moeten gaan houden. Mis je een regisseur die volgens jou absoluut niet mag ontbreken? Wij zijn erg benieuwd!

Taihattu

Jim Taihuttu

Heel chauvinistisch een keus van eigen grond. Jim Taihuttu leverde met Rabat (2011) en Wolf (2013) niet alleen 2 uitstekende films af, hij morrelt ermee aan het eenvormige filmlandschap dat Nederland in sommige opzichten kent. Op beide films is het servet/tafellaken-verhaal van de lacune tussen arthouse en grote publieksfilm van toepassing. Veel lijkt het hem niet te deren, het volgende project is een film over Nederlands Indië, niet de fraaiste bladzijde uit onze geschiedenis. Zal dan eindelijk eens een echt kritische bespiegeling over de zwarte kanten van de Nederlandse geschiedenis het licht zien? Hoe dan ook, Taihuttu heeft zich inmiddels bewezen als een neutraal observerende regisseur die authenticiteit hoog in het vaandel heeft. Van method acting in zijn films is Taihuttu niet vies, wat vooral Wolf een grimmig soort echtheid verschaft. Referentiekader blijkens zijn optreden bij Zomergasten dit jaar is Jacques Audiard. Inderdaad, geen naam die je snel met een gemiddelde Nederlandse regisseur zou associëren…
-Rik Niks-

Maneesh Sharma

Dat Bollywood vandaag de dag meer is dan alleen maar overdadige musicals is (waar overigens op zijn tijd niets mis mee is) toonde o.a. Anurag Kashyap met zijn misdaadfilms als Black Friday (2004) en Gangs of Wasseypur (2012). Aanstormend talent Maneesh Sharma is in de laatste vijf jaar een even bijna even belangrijke nieuwe stem geworden in de filmindustrie van Mumbai met moderne, kleurrijke romantische komedies waar de concurrentie in Hollywood nog een puntje aan kan zuigen. In zowel Band Baaja Baaraat (2010) als Shuddh Desi Romance (2013) combineert Sharma vrolijke zang en dansscènes met oprechte emoties en een intelligente kijk op hedendaagse relaties in India. Tussen die twee films zit het wat mindere (en niet toevallig zeer clichématige) Ladies vs Ricky Bahl (2011), maar zijn debuut en daarna de terugkeer naar die vorm geven hoop voor de toekomst van Sharma en Bollywood. Waarbij hij hopelijk nog vaker zal samenwerken met Parineeti Chopra, de sprankelende actrice die debuteert in Ladies vs Ricky Bahl en de ster is van Shuddh Desi Romance.
– Kaj van Zoelen –

Joe Swanberg

Joe Swanberg

Joe Swanberg debuteerde al in 2005, dus een echte nieuwkomer is het misschien niet. Maar het leeuwendeel van zijn oeuvre, en zijn belangrijkste werken, vallen allemaal na 2010. Na 2010 was hij verantwoordelijk voor 11 speelfilms, een segment in een lange film, twee korte films en een televisie-aflevering. Ook speelde hij nog in 25 films, en schreef, produceerde en filmde het grootste gedeelte van zijn eigen films zelf. Hij geldt als één van de belangrijkste exponenten van de mumblecore-beweging, en vanwege zijn snelle, improvisatorische werkwijze, hebben zijn films een fijne, frisse inborst. Eerlijk en rauw, komisch en speels, meta of zelfs eng; hij schakelt moeiteloos. De keuze voor Swanberg als beste nieuwkomer is voor mij niet alleen ingegeven door zijn fijne films, die ergens inzitten tussen het werk van Woody Allen en John Cassavettes, en prettig los van opzet zijn, maar ook door zijn belang in de huidige filmwereld. De mumblecore-beweging krijgt steeds meer voeten aan de grond in de Amerikaanse filmindustrie, en door Swanberg ontdekte talenten als Greta Gerwig, Amy Seimetz en Kate Lyn Sheill krijgen een steeds grotere naam. Daarnaast heeft hij een groep van mensen om zich heen verzameld die een steeds grotere inbreng hebben in de onafhankelijke (horror)-film: mensen als Ti West, Adam Wingard, Larry Fessenden Simon Barrett en Kent Osborn spelen min of meer zichzelf in zijn films, en hebben ook een grote staat van dienst buiten de films. Het is niet voor niets dat hij voor recente films sterren als Anna Kendrick, Lena Dunham en Olivia Wilde wist te casten.
-Theodoor Steen-

Evans

Gareth Evans

Velen onder ons associëren de actiefilm met de Hollywood-films uit de jaren 80 en 90 en waarom ook niet? Eindeloos veel spectaculaire actieknallers werden er in die periode gemaakt. Helaas zijn de helden van toen nu echt op leeftijd geraakt ondanks verwoede en vaak tragische pogingen hun in het dal geraakte status nieuw leven in te blazen. Nee, we moeten heden ten dage echt blij zijn met het frisse nieuwe gezicht dat Gareth Evans heet. Notabene geboren in Wales, maar vooralsnog werkzaam in Indonesië en in 2011 als een razende doorgebroken met de spetterende en op het eerste oog doodeenvoudige martial arts actiefilm The Raid (2011). Op het eerste oog, want de plot mag dan oersimpel zijn (een agent die een flatgebouw moet bestijgen en iedere etage een veelvoud aan tegenstanders dient te overmeesteren) maar de uitwerking qua choreografie, camerawerk en montage waren allemaal eersteklas. Het bleek voor Evans slechts een bescheiden aanzet want het vervolg dat eerder dit jaar op Imagine te zien was is in alle opzichten epischer qua opzet. Het verhaal is vele malen meer omvattend met corruptie in het politieapparaat en dubbele infiltratie, de speelduur hikt tegen de twee en een half uur aan zonder ook maar een minuut verveling en de getoonde actie was dit jaar onovertroffen. Een magistraal gefilmd massaal gevecht in een modderpoel, een evenzo fenomenaal en bijna onmogelijk gefilmde auto-achtervolging en een een-op-een slotgevecht in een keuken die qua intensiteit en lengte zo’n beetje alle man-op-man knokpartijen naar de kroon steekt. Evans regisseert het allemaal met verve alsof hij al decennia dergelijke actie maakt en als klap op de vuurpijl bleek de man ook nog prima in staat overdonderende horror te regisseren met zijn segment voor V/H/S/2 (2013). Je hoopt dat als hij ooit opgepikt wordt door Hollywood, hij niet in de nachtmerrie van bemoeizuchtige producenten belandt zoals zoveel overzeese filmmakers hem voor zijn gegaan.
-Erwan Ticheler-

Margin Call (2011)

J.C. Chandor

Bij een ‘beste nieuwe regisseur’ denk ik al snel aan Margin Call (2011), het regiedebuut van J.C. Chandor, die tevens verantwoordelijk is voor het uitstekende script. Het is de vooravond van de financiële crisis en we volgen de perikelen binnen een groot bedrijf waarvan de werkelijke ‘handelswaar’ nooit echt duidelijk wordt, wat meteen de pijn van de crisis aangeeft. Een scherp script en uitstekende acteerprestaties in een film waarin de machtsverhoudingen ver af liggen van de kennisdragers. Veel hiervan komt op het conto van Chandor, die hiermee een film neerzet die wellicht spoedig vertoond zal worden in menig geschiedenisles en in retrospect wel eens als ‘historisch drama’ de boeken in zou kunnen gaan. Alleen al op basis van dit debuut zou ik Chandor in de gaten blijven houden, en daar komt gelukkig genoeg de gelegenheid voor. Hij heeft zich met deze film meteen gevestigd in Hollywood en maakte dit jaar All Is Lost (2013) met Robert Redford en volgens IMDb staat er nog meer op de rol.
– Hendrik de Vries-


Onderwerpen: , , , ,


Reageer op dit artikel