Een geschenk uit de hemel?: anti-religieuze animatie
Haff 2014: Dag 3

Pain Pity

Ik probeer voor de festivalverslagen altijd een thematische verbintenis te vinden tussen de films die ik bespreek. Het helpt de film te contextualiseren als je hem op een bepaald aspect met een andere film kunt vergelijken. Soms wordt het moeilijke werk al voor mij gedaan. Geheel per toeval plande ik twee films net na elkaar die thematisch wel zeer veel overeenkomsten vertoonden en die beiden hun pijlen richten op georganiseerde religie. Is zo’n makkelijk te leggen connectie die in je schoot word geworpen als recensent een geschenk uit de hemel?

The Pain and the Pity

The Pain and the Pity is het laatste deel in Phil Mulloy’s Mr. Christie-trilogy. Voor de mensen die de vorige twee delen gezien hebben zal het verbazingwekkend zijn dat er nog een nieuw deel zou komen, want dat deel eindige met totale vernietiging en de onthulling dat het hoofd van de al een film lang dode Mr. Christie gebruikt diende te worden om Hitler tot leven te wekken, aangezien Mr. Christie zijn biologische zoon bleek te zijn. De filmserie had dus een reset-knop nodig, en het lijkt bewust dat een grote rode knop een grote rol toebedeeld krijgt in The Pain and the Pity.

De film begint letterlijk met de aftiteling van het vorige deel, Dead But Not Buried. De aftiteling word bekeken door Mr. Christie en de overige personages, die allemaal boos zijn omdat op de credits staat dat zij gespeeld worden door non-existente acteurs. Net als in het vorige deel zijn alle stemmen namelijk volledig afkomstig uit spraakcomputers van AT&T, en bestaat de animatie uit een herhaling van vijf dezelfde, snel met een zwarte photoshop-paintbrush geschetste frames per personage. De silhouetten van de personages besluiten Phil Mulloy aan te klagen, maar voor ze hun beklag kunnen doen blijkt de deur verdwenen te zijn, en verandert de film in een religieus getinte versie van Jean-Paul Sartres Huis Clos en Agatha Christie’s Ten Little Indians.

Een spin, waarvan voor de kenners van de Christie-films duidelijk is dat deze een stand-in is voor zowel God als Satan, draagt een van de personages op de andere één voor één te vermoorden, maar lange tijd blijft onduidelijk wie nu precies deze moorden pleegt. Dat zorgt ervoor dat er paranoia uitbreekt en de duisterste kanten van de personages naar voren komen, inclusief die van Mr. Christie, die er van overtuigd is een acteur te zijn die Mr. Christie speelt.

De vierde wand word keer op keer doorbroken, en er word gehint dat het sadistische brein achter deze operatie niet zozeer de God-spin is, maar Phil Mulloy zelf. De film word daarmee een metafoor voor de regisseur als God, die de personages naar zijn pijpen laat dansen, en die een sardonisch genoegen schept in het drama dat ontstaat uit het falen van zijn schepsels. Ook is er een hint dat al deze personages een aftekening zijn van zijn eigen psyche, aangezien alle personages overeenkomstige achtergrondgeschiedenissen hebben die niet verklaard worden.

Breder zou je kunnen zeggen dat The Pain and the Pity breder over religie gaat, en de slechtheid van de mens. De titel wijst zowel naar de religieuze betekenis van Pity, als de empathische uitleg in Aristoteles Retoriek (waarin ook Pijn als term om de hoek komt kijken), maar toont vooral dat het de “pity” is die ontbreekt bij de personages. Alle personages blijken in staat te zijn tot het ultieme kwaad wanneer hun een gouden toekomst beloofd word door een alwetende macht. Dit kan (en moet waarschijnlijk) gelezen worden als een kritiek op georganiseerde religie, waarin de belofte van een hiernamaals of een beter leven genoeg is om mensen voor je karretje te spannen, ten goede of ten kwade. Ondanks dat de humor in dit deel minder sterk is dan de vorige delen, geeft The Pain and the Pity genoeg stof tot nadenken, en is de vorm dermate transgressief en bewust afstotelijk dat er wederom op sterke wijze een beroep wordt gedaan op de kijker om actief te investeren in de film.

★★★★☆

The Fake

The Fake

The Fake (2013) gaat qua boodschap verder waar The Pain and the Pity ophoud. Ook hier is de inzet een kritiek op religie, wanneer een malafide businessman en een streng-christelijke Priester hun congregatie geld aftroggelen in de belofte van een plekje tussen de slechts 144.000 mensen in de Hemel. De uiterst abjecte protagonist Min-Chul heeft als enige door hoe het zit, maar de alcoholistische vechtersbaas weet niemand te overtuigen van zijn gelijk, en Pastor Sung en de malafide businessman Choi weten al snel het dorp tegen Min-Chul te keren.

The Fake blijft echter niet bij een kritiek tegen religie. Jawel, de priester misbruikt zijn volgelingen en kent een religieus waanzinnige geestelijke inslag, en businessman Choi prostitueert de meisjes binnen de gemeente, troggelt mensen geld af en laat zijn bodyguards tegenstanders optuigen. Maar de rest van de mensheid is even slecht. De dorpelingen hebben geen ruggengraat en zijn uiterst goedgelovig en hypocriet, en lijken hun lot te verdienen. En Min-Chul, de enige ongelovige in de gemeenschap? Hij is misschien wel een van de meest abjecte hoofdpersonen die ik ooit in een film heb gezien.

Min-Chul is een drankorgel, een gokker, een man die met zijn vuisten denkt. Hij wordt geïntroduceerd wanneer hij de studiefondsen van zijn dochter plundert om zijn drankgelag te kunnen betalen, en dat is nog de minste van zijn transgressies. Hij slaat er op los en vooral zijn vrouw en dochter krijgen de klappen uitgedeeld. Zijn taalgebruik is weinig rooskleurig, waarbij de uitspraken over zijn vrouw en dochter, en zo’n beetje elk ander vrouwelijk personage zijn werkelijke aard verraden. Min-Chul is een seksist, een moordenaar en een zwaar getroubleerde ziel. Niet iemand voor wie je duimt.

Maar de aanvankelijk in gewetenswroeging lijkende Pastor Sung is geen haar beter. Regisseur Sangho Yeon, van wie vorig jaar al debuutfilm The King of Pigs op het festival draaide, heeft geen goed woord over voor de mensheid. Religie is volgens hem een kwaad, dat goedgelovige mensen tot makke schapen maakt, en dat kwaadaardige mensen een masker geeft om achter te verschuilen. Maar zonder dat masker blijft er geheel niks over. De menselijke ziel is duister en zwart, en er is geen enkele hoop.

De nihilistische boodschap wordt er ingeramd in een finale die gebruik maakt van grotesk geweld en duistere plottwists waar zelfs Lars von Trier zich nog voor zou schamen, vanwege het effectbejag. Hier en daar lijken er hints dat Sangho Yeon zijn film bedoeld als een gitzwarte komedie, en er is zeker een absurdistisch tintje te bespeuren in enkele van de welhaast apocalyptische beelden in de hellevaart. De film doet daardoor hier en daar denken aan meesterwerken als Bad Lieutenant en Taxi Driver. Het overgrote deel van de film voelt echter loodzwaar en enkel de virtuoze animatie weet de sfeer wat te verzachten. The Fake maakt indruk, maar de film hakt met dergelijk zware mokers in op de kijker, dat het geen wonder is dat de kijker door elkaar geschud achterblijft. Er valt toch ook wat te zeggen voor een subtielere aanpak.

★★★½☆


Onderwerpen: , , , , , , , , , , , , , ,


Reageer op dit artikel