Odes aan Alfred: een top 10 (1/2)

30 augustus 2014 · · Kritiek + Suspense Indien

Key to Reserva

Als er één filmregisseur iconisch is geworden met zowel zijn films als zijn stijl en beeltenis an sich, dan is het Alfred Hitchcock. Zijn stilistische technieken en een aantal van zijn plotelementen zijn gemeengoed geworden in het thriller-genre. Een film in één kamer laten afspelen? Hitchcock deed het al. Een personage op de helft van de film het loodje laten leggen? Hitchcock deed het al. Andere Hitchcockiaanse motieven waarvan veel filmmakers veelvuldig lenen zijn onder andere identiteitsverwisselingen, MacGuffins, voyeurisme, globetrottende spionnen, gewelddadige scènes in badkamers, sympathieke seriemoordenaars, moorddadige dieren en twists op het einde. Hitchcocks beeldtaal en verteltechnieken zijn overal in terug te vinden, maar sommige filmmakers spelen opzichtiger leentjebuur dan anderen. In de komende lijst een tiental films, verspreid over twee dagen, in semi-willekeurige volgorde, van films die stilistisch verwijzen naar de meester of zich verhaalsgewijs in hetzelfde vaarwater bevinden. Directe vervolgen, zoals Psycho 2-4 en directe remakes, zoals Lifepod of Gus van Sant’s Psycho zijn buiten beschouwing gelaten, al scheren sommige van deze titels akelig dicht langs het zijn van een regelrechte “rip-off”.

10. The Key to Reserva

The Key to Reserva (2007) is een vreemde eend in de bijt, want het is de enige korte film op de lijst, en is officieel een reclamefilmpje voor champagnecompagnie Freixenet. Key to Reserva is echter geregisseerd door Martin Scorsese, en is vooral de moeite van het bekijken waar om één meester de andere meester op de hak te zien nemen. Key to Reserva toont een Scorsese die duidelijk plezier heeft in de parodie, en die zichzelf in een extensieve “cameo” te kakken zet. De film bevat onder meer verwijzingen naar The Man Who Knew To Much, Frenzy, Dial M for Murder, North By Northwest, Rear Window, Spellbound en The Birds, en werkt uitstekend als komisch raadfilmpje. Het is Scorsese als Hitchcock-coverband: de greatest hits en weinig eigen inbreng, maar zonder meer erg vermakelijk en de moeite waard.

High Anxiety

9. High Anxiety

Hitchcock-parodieën als Key to Reserva zijn echter niet nieuw. Ook Mel Brooks’ High Anxiety (1977) parodieert Alfred Hitchcock bij de vleet, maar deed dat als één van de eerste films zo extensief. Sommige scènes zijn nu zo vaak gekopieerd dat ze in High Anxiety qua humor dood neervallen, zoals de inmiddels sleets aandoende douchescène-parodie, maar sommige scènes in High Anxiety zijn dermate vreemd en geïnspireerd dat ze klassiek zijn geworden. Een fantastische parodie op Hitchcock’s vreemde perspectieven met een shot dat van onder de tafel word gefilmd, of vrijwel alle scènes waarin Madeline Kahn de ietwat neurotische reacties van Hitchcock’s blonde damsels in distress te kakken zet. Ondanks dat werkt de film prima als parodie op onder andere The Birds, Vertigo, North by Northwest en Spellbound. Maar de film werkt eigenlijk nog beter op de momenten dat de film de meer standaard Hitchcock-obsessies parodieert, zoals in voornoemde voorbeelden. Het sterkst is de film zelfs wanneer de zich helemaal distantieert van Hitchcock, zoals in de geestige scène waarin Kahn en Brooks vermomd als bejaard Joods stelletje door de elektrische poortjes op het vliegveld heen proberen te komen.

LA Mala Educacion

8. La Mala Educación

Vertigo is misschien wel de meest nageaapte van Hitchcock’s thrillers, want de identiteitsverwisselingen en pruiken van Kim Novak zijn fotogeniek, en ook de dollyzoom vond (o.a in Steven Spielberg’s Jaws) gretig aftrek. Almodovar komt in La Mala Educación (2004)echter met een unieke variant, door de blonde pruiken en identiteitsverwisselingen ook op genderniveau te betrekken. Gael Garcia Bernal mag niet alleen een mannelijke brunette zijn, maar ook een vrouwelijke blondine, en later in de film blijkt deze, ala Kim Novak, eveneens de rol van een ander over te hebben genomen. De dubbele lagen worden eveneens gebruikt om misstanden in de katholieke kerk aan te kaarten, en dus zijn hints naar I Confess ook niet te onderdrukken. De beste ode aan Hitchcock is echter aanwezig in de openingstitels: Saul Bass’ ontwerp voor Psycho krijgt een duistere homoseksuele pop-art make-over met een dikke knipoog, zoals alleen Almodovar dat kan.

So long at the fair

7. So Long at the Fair

Vertigo is niet de enige film van Hitchcock van welke de plotelementen met enige regelmaat herhaald werden. Ook The Lady Vanishes kent meerdere officieuze remakes, in de vorm van films als Breakdown, Bunny Lake is Missing en Flightplan. Ook kende de film meerdere vervolgfilms in de vorm van Night Train to Munich en Crook’s Tour. Het meest interessante zijpad van The Lady Vanishes is echter So Long At The Fair (1950), wat het regiedebuut markeerde van Hammer-regisseur Terence Young. So Long At The Fair kent eenzelfde uitgangspunt als The Lady Vanishes, waarbij een kennis van de protagonist spoorloos verdwijnt en de rest van de mensen in de omgeving ontkent van het bestaan van deze persoon te weten. In het geval van So Long At The Fair is de bekendheid van het verhaal te wijten aan het feit dat zowel So Long At The Fair als The Lady Vanishes op exact hetzelfde broodje aap gebaseerd zijn, dat zich naar verluid op de wereldexpo van Parijs afgespeeld moet hebben. The Lady Vanishes wijkt echter op verschillende punten af van dit broodje aap, terwijl So Long At The Fair opbouwt naar de conclusie uit deze anekdote. De grap is dat So Long At The Fair beweert op dezelfde bron gebaseerd te zijn, in plaats van een directe ode aan Hitchcock te spreken, maar zeker de eerste passages, met onder andere taalbarrières bij het inchecken in een hotel, zijn sterk op Hitchcock’s voorbeeld gestoeld. Ondanks dat So Long at The Fair van de tot nu toe genoemde films het meest afwijkt van het Hitchcock-stramien is het toch onmogelijk om uit de schaduw van de meester te ontsnappen.

Charade

6. Charade

Dat je een ode aan iemands werk kunt maken zonder directe verwijzingen bewijst Stanley Donen’s Charade (1963), dat zich stevig in het idioom van Hitchcock bevind, maar waarin geen enkele scène een carbon kopie is. Stanley Donen maakte Charade omdat hij een film wou maken in de geest van North By Northwest, een film die hij bewonderde, maar de film zit net zo goed in de mal van The 39 Steps, To Catch a Thief en The Man Who Knew To Much. De film bevat vergelijkbare elementen: extravagante locaties, grootschalige internationale complotten waar de CIA onderdeel van uit maakt, een leading man die slachtoffer word van identiteitsverwisselingen en die opgescheept word met een jonge dame die uiteindelijk zijn gelijke blijkt te zijn, en vele treinritjes. Charade is wat losser, speelser en minder spannend dan Hitchcock’s films, maar kan toch wedijveren met voornoemde films. Stanley Donen doet Hitchcock bijna net zo goed als Hitchcock.

Morgen tellen we af van nummer 5 tot nummer 1.


Onderwerpen: , , , , , , , , , , , , ,


Reageer op dit artikel