De kosmos van Angelopoulos (1/2)
Chroniqueur van een volk op drift

15 augustus 2015 · · Beschouwing + Eighties, Europe?

Griekenland: van bakermat der Westerse beschaving tot instabiel land aan de rand van de afgrond. De huidige malaise staat natuurlijk niet op zichzelf. Wie kennismaakt met de films van Theo Angelopoulos, maakt kennis met een ontwricht land. Griekenlands grootste cineast belichtte vrijwel de gehele moderne geschiedenis, bekeken vanuit de gewone burger. Machtswisselingen, interne vetes, buitenlandse overheersing en bemoeienis; een cocktail waarbij de gewone man niet anders kan dan dwalen. Waar naartoe? Niemand die het weet. Toegankelijk is Angelopoulos’ werk niet, consistent wel. Een kennismaking aan de hand van drie kenmerken:

Meester van het lange shot

Op zijn meest simplistisch kan Angelopoulos samengevat worden in twee woorden: lange shots. Zijn grootste film The Travelling Players (1975) telt zo’n tachtig shots, en dat voor een film van bijna vier uur. Zelf noemde hij Orson Welles (deep focus) en Kenji Mizoguchi (gebruik van tijd en ruimte) als belangrijkste inspirators. Een iets langere samenvatting zou dan ook kunnen zijn: het openingsshot van Touch of Evil (1958), een keer of dertig per film. De afwezigheid van montage onderstreept de eenheid van wat er binnen een scène gebeurt. Dat is nogal paradoxaal, want Angelopoulos laat graag zaken bij elkaar komen die totaal geen verwantschap met elkaar hebben. Bijvoorbeeld: kinderen in de sneeuw + een hysterische bruid + een tractor die een dood paard voortsleept (Landscape in the Mist (1988)). De betekenis moet natuurlijk gezocht worden in het onvermijdelijk bijeenkomen van die elementen. Even zo consequent breekt die samenkomst altijd weer op; het aantal ontmoetingen is even zo groot als het aantal opbrekingen. Iets melancholisch hebben Angelopoulos’ films daardoor wel. Meer over de opbouw van zijn lange shots in het artikel van morgen, waarin ik vijf voorbeelden uitlicht.

De puinhopen van decennia oorlog en machtsstrijd

Wie de Wikipediapagina over de moderne Griekse geschiedenis leest, raakt onvermijdelijk verstrikt in de kluwen van wendingen die het land heeft meegemaakt. Toch is het voor de kijker raadzaam er enige nota van te nemen, want Angelopoulos veronderstelt het allemaal als bekende kost. Zijn films spelen zich bovendien allemaal af tegen deze context. Het onderwerp dat het meest voorbij komt is de burgeroorlog die na de Tweede Wereldoorlog uitbrak. Communisten, met een machtsbasis in de bergstreken, vochten toen tegen regeringstroepen die gesteund werden door Engelsen en Amerikanen. Die laatsten wonnen in 1949, maar het land was gebroken. Tegen die achtergrond groeide Angelopoulos (1935 – 2012) op, waarbij zijn vader een tijd ontvoerd was omdat hij niet sympathiseerde met de communisten. De afwezigheid van een vader komt als thema herhaaldelijk terug in zijn films. De meest autobiografische film is Voyage to Cythera (1984), waarin een filmregisseur bezig is met een project over een oude man die terugkeert uit ballingschap. Die film-in-film-situatie vloeit naadloos over in het eigenlijke verhaal van de worsteling van de oude man met zijn verleden.

Grieken op drift

In een land waar instabiliteit de norm is en velen een (politiek) pijnlijk verleden met zich meedragen, is vluchtgedrag een veel bewandeld pad. Het begon al met het reizende theatergezelschap uit The Travelling Players, op een tot mislukken gedoemde missie hun stuk in verschillende plaatsen uit te voeren. Ook alle vier films uit de jaren tachtig kennen vluchtende hoofdpersonages. Van de veredelde commune vol outlaws in Alexander the Great (1980) (geen verband met de historische figuur overigens), tot het daaropvolgende drieluik. In die ‘trilogie van stilte’ stapt Angelopoulos af van het filmen van groepen mensen, om zich op individuen te richten. De oude man in Voyage to Cythera keert na decennia terug naar huis, om dat vervolgens weer te ontvluchten. Ook Marcello Mastroianni ontvlucht in The Beekeeper (1986) zijn familie, in wat vooral een existentiële crisis lijkt te zijn. De kinderen in Landscape in the Mist zijn op zoek naar hun vader in Duitsland, waarvan we al vroeg horen dat die maar een bedenksel is. Met name deze film gaat over begrenzingen, in allerlei vormen. De uitkomst van hun reis ligt schrijnend weinig in eigen hand. Succes of falen wordt vooral bepaald door de ontmoetingen die ze hebben. Die hebben ze meestal met andere reizende personages, mensen zonder concreet doel. Een volk van dolende zielen.


Onderwerpen: , , , , ,


Reageer op dit artikel