Graven in eindeloos trage en diepzinnige cinema?
The Stone (1992)

The Stone (1992)

Een kenmerk en wellicht vooroordeel van Russische cinema: het is traag. Andrei Tarkovsky zei ooit al dat de traagheid van films kan fascineren, mits goed uitgevoerd. In zijn oeuvre geldt deze stelling veelvuldig. Voor andere films of filmmakers uit dit deel van de wereld wil nog wel eens gelden dat ze tot het randje of er zelfs overheen gaan wat betreft traagheid. The Stone (1992) van Aleksandr Sokurov is hier wat mij betreft een duidelijk voorbeeld van. Het roept de vraag op: wanneer is film te traag?

Om maar meteen een ander kenmerk van Russische cinema te benoemen: schoonheid. Sokurov heeft een timmermansoog voor fenomenale, in dit geval, zwart-wit fotografie veelal onder schuine hoeken en speelt hij met vervorming van het beeld. Het draagt allemaal bij aan de sfeer. Waar The Stone over gaat? De dood, althans, dat denk ik.

We zien een jongen een op het oog verlaten huis betreden waarin hij de geest van de overleden eigenaar lijkt tegen te komen. Samen dineren ze, maken een wandeling en wisselen hier een paar woorden bij. Dit is kort maar compleet de plot van deze spiritueel onderlegde film. Sokurov, theoloog, lijkt hiermee een inkijkje in het hiernamaals of dodenrijk te willen geven zonder zich hierin te betreden. Hij doet dit door intens sombere, grijze beelden te tonen en deze eindeloos vast te houden, wat enig geduld van de kijker vergt. Geduld wat gewoonlijk in dit soort films nog weleens beloond wil worden, maar is dat bij The Stone ook het geval?

De dialoog die mondjesmaat gevoerd wordt is in lijn met de beelden: somber. Het hiernamaals lijkt niet ideaal en de dode lijkt blij te zijn weer even op aarde te mogen verkeren. Het is dat ik in samenvatting denk dat dit de strekking is maar om heel eerlijk te zijn is het lastig om gesprekken letterlijk terug te halen. Voor mij een effect van het trage karakter: weliswaar oogstrelend en meditatief maar daardoor verdwijnt bij mij de scherpte. Na een speelduur van nog geen 80 minuten moet ik toch enige vermoeienis onderkennen en lijkt herkijk, wat wellicht wel erg waardevol zou kunnen zijn, weinig aanlokkelijk.

The Stone (1992)

Het trage karakter van de film lijkt daarom niet meteen een mogelijk positief effect te kunnen bewerkstelligen. Hoe dit kan? Sommige takes zijn echt te traag om de aandacht vast te houden. Waar bij bijvoorbeeld Tarkovsky enkele beelden al zo bol van de symboliek kunnen staan lijkt ook dit bij Sokurov minimalistisch op een vogel in de hoofdrol na. Mogelijk ontgaat mij één en ander. Je zou kunnen vermoeden dat Sokurov ons middels de dode duidelijk wil maken het leven meer te waarderen. Een positieve boodschap lijkt echter niet in lijn met de beelden en geluidsband, die bij vlagen klinkt als een oude vinylplaat, en wat overblijft is sobere, deprimerende cinema. Diepere betekenis of interpretatie, indien aanwezig, ontgaat mij wat toch aan de vorm lijkt te liggen.

Of de film daarmee goed of slecht is vind ik eerlijkgezegd lastig te beantwoorden. Liefhebbers van trage cinema in prachtig zwart-wit zullen mogelijk smullen. Dit maakt ook dat The Stone voor mij beter bevalt dan een vergelijkbare film uit Sokurovs oeuvre als The Lonely Voice of Man (1987), een traag en sober tranendal wat zo mogelijk nog minder hoopvol stemt en waarin schoonheid afwezig lijkt. Ondanks deze sobere schoonheid kijkt The Stone voor mij net iets te traag weg maar moet gezegd worden dat het toevoegen van een soundtrack, wat mondjesmaat gebeurt, of de toename in beweging fascinatie en beroering snel doet toenemen. Zo had deze film dus met een paar andere keuzes een snaar kunnen raken zoals bijvoorbeeld het eerder door mij besproken The Mirror (1975) dat kan. Zo zie je maar hoe subjectief filmbeleving is en hoe dun de scheidslijn tussen fascinatie en verveling kan zijn.


Onderwerpen: , , , ,


5 Reacties

  1. Rik Niks

    Dat vooroordeel heb ik deze maand meer gehoord, maar kan dat toch niet helemaal plaatsen. Misschien heeft het er mee te maken dat (de inderdaad trage) Tarkosvky als boegbeeld van de Russische cinema al snel als representatief voor de gehele cinema beschouwd wordt. Dat lijkt me niet helemaal juist. Sowieso is alles van voor die tijd van een prima tempo; hooguit kunnen de simpele plots van bijv. de jaren 20 films de kijkervaring wat sloom maken. Maar ook de 2 Sokurovs die ik deze maand zag (Russian Ark, Aleksandra) zou ik niet direct traag noemen. Met name die laatste begeeft zich op een delicaat snijvlak; werpt net genoeg vragen op om de kijker daarmee te boeien. Het moet gezegd, als dat niet als zodanig aankomt, dan zit je al snel te kijken naar een eindeloos verdwalende oma in een legerkamp. Of iets traag aanvoelt of niet, valt en staat dus toch vooral met of je als kijker voldoende intellectueel bezig gehouden wordt. Dat is wel iets wat van 2 kanten moet komen overigens. Ik denk dat liefhebbers van slow cinema begunstigd zijn met een creatieve geest die ook aan een minimum aan hints en plot uiteenlopende betekenis weet te geven.

  2. Hendrik De Vries

    Lijkt mij een juiste en mooie constatering, nu moet ik zeggen dat je waarschijnlijk wel de vlottere van de Sokurovs gekeken hebt.

    Over het algemeen weet trage cinema mij prima te bekoren, wat ik probeer aan te geven is dat er een (wellicht dunne) grens bestaat. Ook geloof ik dat bij films als deze je stemming en referentiekader alles uit kunnen maken. Ben daarom ook zeer benieuwd hoe anderen deze film beleefd hebben en wat ik wellicht gemist heb.

  3. beavis

    Je kan moeilijk tegen mensen zeggen wat ze moeten zien in of denken bij een film. Kamen is wat mij betreft het beste werk van Sokurov en staat bol van schoonheid en spanning. Wat je wellicht gemist heb is iets van Tsjechov, wat toch de directe inspiratie is, maar dat lijkt me eigenlijk nog van ondergeschikt belang om de film aan te kunnen voelen en te begrijpen… maar je miste duidelijk wel ‘iets’.

    Je bent waarschijnlijk ook geen fan van de lange films van de Quay brothers, zelfde stijl, maar dan een tikkie trager voor mijn gevoel :)

    Maar de conclusie is al een paar keer naar gehint, zodra een film boeit is het niet traag. ik val meestal in slaap bij de standaard oorlogsfilms en westerns waarbij er constant gecut wordt van de ene schietende dude naar de volgende en dan weer naar een dude die veel te overdreven achterovervalt… en dat soms tientallen minuten achterelkaar door, omgeven door een slap en doorzichtig plotje dat in elke film ook nog eens gerecycled lijkt te worden :) hele trage cinema is dat.

  4. Kaj van Zoelen

    Met dat laatste ben ik het niet eens, beavis. Traag betekent toch echt langzaam, niet saai. En je geeft zelf al aan dat die films niet langzaam zijn. Dat je het niet boeit, is toch een andere kwestie dan of iets traag of snel is. Trage films kunnen spannend zijn en snelle films doodsaai, maar snel is het tegenovergestelde van traag.

    Eigenlijk ben ik het ook niet eens met het idee dat zodra iets boeit, niet meer traag is. Soms is iets juist boeiend omdat het traag is. De laatste, 15-20 minuten lange scène van Tsai’s Stray Dogs is ontzettend traag. Minutenlang kijken we naar mensen die stilstaan voor een muurschildering, met minieme beweging tussen die twee mensen. Juist door daar zo lang de tijd voor te nemen, en je die tijd te laten voelen, zegt Tsai heel veel over de ontwikkeling van de relatie tussen de twee mensen, en doordat er zo weinig beweging en variatie in zit (het bestaat immers ook nog eens uit slechts 2 of 3 shots) wordt elk minuscuul gebaar significant. Juist de traagheid creëert een eigen soort spanning, die het een fascinerende en voor mij ook emotionele kijkervaring maakt. Maar ontegenzeggelijk een trage.

  5. Beavis

    Ok, dat klinkt ook logisch, maar dan wordt het semantisch :)
    Voor mij klinkt traag als geklaag, en betekent het TE langzaam.
    Als vermoeiend ook. Terwijl inderdaad films met een laag tempo waarin niet of nauwelijks wordt gesneden vaak ook heel goed zijn in het opbouwen van spanning.
    Kamen vind ik zelf dus ook wel een mooi voorbeeld daarvan!


Reageer op dit artikel