IFFR 2015 # 2: een man en zijn land.

23 januari 2015 · · Filmfestival + IFFR 2015

Het IFFR heeft een naam te verdedigen als pleitbezorger van de wereldcinema. Dat levert aan de éne kant een divers en rijk programma op, maar zorgt er ook voor dat het IFFR soms het imago heeft van “dat festival met die trage films waar mensen in de jungle staren naar kiezelsteentjes in de rivierbedding”. Die kritiek is zonder meer kortaf, maar een groot deel van de films die hier draaien vergen inderdaad wat geduld. Vandaag bespreek ik twee exponenten van de wereldcinema: twee films ook die thematisch gaan over de menselijke verbondenheid met hun omgeving. De één is een conventioneel drama, met een gangbaar tempo, over een Aboriginal die vecht voor zijn rechten, de andere is zo’n film uit de Slow Cinema movement (“Steen-staar-films”). De een is alleraardigst, de ander is een meesterwerk.

Charlie’s Country (2014)

De van oorsprong Nederlandse Rolf de Heer maakte in Australië naam met enkele groezelige cultfilms, maar in zijn latere werk preoccupeerde hij zich met de dagelijkse problemen waar de inheemse Australische bevolking, de Aborigines, mee te maken heeft. Ook Charlie’s Country is, net als De Heer’s filmhuishit Ten Canoes, een film die hij in nauwe samenwerking maakte met acteur David Gulpilil, die we ook kennen uit Rabbit Proof Fence en Australia. Dat Gulpulil meeschreef aan het script werkt mee aan de authenticiteit, en zijn centrale personage is Gulpulil dan ook op het lijf geschreven.

Charlie’s Country gaat over het conflict tussen Aboriginal Charlie, die leeft op een stuk land, een reservaat, dat beheerd wordt door een aantal blanke politiemannen. Ondanks dat Charlie afstamt van de oorspronkelijke bewoners, zijn de afstammelingen van de kolonisten duidelijk aan macht, en beletten ze Charlie in het uitvoeren van de tradities van zijn volk. “Weg met de speer, dat is een gevaarlijk wapen”. De botsing met de bureaucratie zorgt er voor dat Charlie zich verzet, en bij het halen van zijn gelijk zich problemen op de hals haalt.

Gelukkig is de botsing tussen autoriteit en Aboriginal in Charlie’s Country niet compleet zwart-wit. Er zijn zeker racistische motieven aanwezig bij enkele van de politiemensen, maar enkele van de betuttelingen zijn er ook om Charlie tegen zichzelf te beschermen. Charlie heeft namelijk een kwakkelende gezondheid, en is erg koppig ingesteld, wat bij het uitleven van zijn tradities er voor zorgt dat hij enkele keren aan de rand van de dood komt te staan. Dit soort nuances maken van Charlie’s Country meer dan een pamflet.

De aandacht die aan de karakterschets is besteed, en de klasse van het acteerwerk, zijn helaas niet altijd aanwezig in de wat fletse regie. Zelden komt de film echt tot leven, omdat het camerawerk grotendeels fantasieloos is, en de editing het schoolvoorbeeld van adequaat. Slechts in enkele scènes, die teruggaan op Aborigines-motieven over de droomwereld en de oude rituelen van het volk, weten tot de verbeelding te spreken, met mooi gebruik van licht en schaduw en opvallend camerawerk. De botsing in de film tussen de gevestigde orde, en de outsider bevindt zich dus ook in de stijl van de film: wanneer Charlie’s Country de kant kiest van de underdog komt de film tot leven, maar de rest van de film is angstvallig volgens de nummertjes.

★★★☆☆

Jauja (2014)

Lisandro Alonso staat bekend als een van de lastiger regisseurs uit de Slow Cinema-beweging, wiens lengte en stijl vooral vervreemdend en vermoeiend schijnen te werken. Jauja is de eerste die ik hem zag, en hoewel vervreemdend zeker van toepassing is, kan vermoeiend wat mij betreft vervangen worden voor meeslepend. Ondanks dat het verhaal dun gespreid word over de beelden, is er door de beelden alleen al te spreken over een meesterwerk. Als het verhaal dan ook nog onverwachte wendingen neemt, en de kijker op positieve wijze verward achterlaat, kun je wel spreken van een volstrekt unieke film.

Nog bijzonderder is dat Lisandro Alonso met zijn film knipoogt naar de popcultuur, zonder een knieval te doen naar commerciële handgrepen. De hoofdrol wordt vertolkt door ster Viggo Mortensen, die zich met elke rol weer bevestigt als een van de avontuurlijker acteurs uit Hollywood. Hier is hij een man van weinig woorden, wat ook gepast is gezien het genre waaruit Alonso put: Jauja is namelijk een onvervalste ode aan de western. Viggo Mortensen speelt een legerman wiens dochter er van door gaat met een van zijn ondergeschikten. Op de vlucht stuit hij op vijandige Indianen, en in de woestenij raakt hij dermate verloren dat het landschap meer mythische en symbolische vormen begint aan te nemen.

De film krijgt al snel een surrealistische ondertoon, wat mede komt door het prachtige camerawerk van Kaurismaki’s vaste cinematograaf Timo Salminen. De beelden, veelal bij natuurlicht geschoten, hebben een schilderachtige gloed over zich, als een nachtmerrie van Goya. De kleurrijke kostuums neigen naar Technicolor, de geschilderd lijkende luchten komen uit het beste werk van John Ford, en de onwerkelijke landschapskleuren versterken het idee naar een ingekleurde vroege verloren film te kijken. De hint dat Alonso ons bewust wil maken van het filmische aspect van de werkelijkheid in Jauja, valt ook te zien in de ongewone aspect-ratio: de Academy Ratio, met afgeronde hoeken, zoals gebruikelijk in het prille begin van de filmindustrie.

Jauja is droomachtig, koortsachtig zelf, en de reis van Mortensen neemt metafysische aspecten. Gaat de film over droom of herinnering? Is Jauja door de hints naar de filmgeschiedenis een film over film? Dat niet, want Jauja is te weerbarstig om te reduceren tot enkel meta-spielerij. Jauja gaat echter wel over de droomachtige mogelijkheden van film, of nee, maakt er gebruik van. De abrupte overgang tegen het einde van de film is als het ontwaken uit een droom. Met Jauja maakt Alonso een droom van een film, letterlijk en figuurlijk.

★★★★★


Onderwerpen: , , , , , , ,


3 Reacties

  1. Peter Verstraten

    Zo zie je maar weer. Jauja bungelt in de publiekspoll bijna onderaan; het lot van weerbarstige, droomachtige cinema, terwijl er in de eerste 10 minuten van deze film volgens het blad Variety meer gepraat wordt dan in zijn vorige 5 films bij elkaar …. Ben je nog van plan om ook nog naar Cavalo Dinheiro te gaan? Ook een zeer magere publieksscore, maar benieuwd wat je daar van vindt …

  2. Theodoor Steen

    Ik ga morgen naar Cavalho Dinheiro, maar volgens mijn huidige schrijfschema zal ik er geen verslag van doen. Verwacht nog recensies van het fantastische Above and Below, Duke of Burgundy en de Takashi Miike-films.

  3. Kaj van Zoelen

    Toch nog een bespreking van de nieuwe Costa op Salon Indien, Peter:
    http://www.salonindien.nl/2015/iffr-2015-weerbaar-en-weerbarstig/2/


Reageer op dit artikel