IFFR 2015 #6: kopje onder.

27 januari 2015 · · Filmfestival + IFFR 2015

Ik zoek naar thema’s, de afgelopen paar artikelen, en vaak zijn deze, om een aantal films toch in een keurslijf te gieten, vrij algemeen. Op een festival als het IFFR zie ik ook veel films die ik van te voren niet thematisch thuis kan brengen, maar die na afloop toch hun plek vinden onder een vrij algemene kapstok. Dit keer zag ik echter drie films die compleet verschillend waren qua aanpak, lengte en kwaliteit, maar die een groot scala aan thematische gemene delers kenden: alle drie de film besproken in dit artikel spelen met een fictieve benadering van een waargebeurde periode of episode, alle drie de films hebben een specifieke setting die zeer belangrijk is voor de plotontwikkelingen, alle drie de films gaan over de zoektocht naar de ware toedracht van traumatische gebeurtenissen, en last but not least, alle drie de films bevatten pogingen tot suïcide in de buurt van een groot watergebied.

From What Is Before (2014)

Lav Diaz maakt over het algemeen behoorlijk lange films, die vaak ook stilistisch niet erg toegankelijk zijn. Het zegt wat dat zijn vorige, door Dostojevski’s Misdaad en Straf geïnspireerde, 250 minuten durende Norte, The End of History, werd gezien als een commerciëlere productie van Diaz. Want het was in kleur, en met een groter budget, en de camera bewoog, en was relatief kort voor Diaz’s doen. From What is Before, zijn nieuwste is een terugkeer naar Diaz’s oude stijl. De film duurt namelijk weer een acceptabele 340 min, is geschoten in statische lange shots in zwart-wit, en kent een kleiner budget, waardoor ook de voor Diaz gebruikelijke technische mankementen terug zijn: de sound mixing klinkt bij vlagen onaf, en ook de editing kent enkele technische oneffenheden.

Maar net als bij Norte praten we hier alsnog over een meesterwerk. De film is trager, vergt meer geduld. Het eerste uur bestaat voornamelijk uit het beschouwen van rituelen. Langzaam onderscheiden we twee protagonisten, Itang, en haar gehandicapte zus Joselina. Vanuit dat centrum, een uur inmiddels voorbij, ontvouwt de film zich als een bloem. Secundaire protagonisten worden geïntroduceerd en krijgen steeds meer ruimte. Uiteindelijk ontvouwt zich het beeld van een heel dorp, en dan van de plaats van dat dorp in een landelijk politiek conflict. De film voelt als een estafette, waarbij het narratieve stokje steeds wordt doorgegeven, en er bij elke overgang sprake is van schaalvergroting.

De film blijkt dan ook ingebed in het politieke verleden van de Fillipijnen. Datgene van hiervoor, uit de titel, is de aanloop naar het Marcos-regime, en de film is gebaseerd op de herinneringen van de jonge Diaz. Het is een film over de waarachtige en onwaarachtige herinneringen, met een uiterst geloofwaardig dorp in het vizier. De estafette-structuur keert een aantal keer visueel terug, waarbij een trits personages elkaar schaduwt, zonder dat ze zich er van bewust zijn zelf ook geschaduwd te worden. Leugens komen zo naar voren, met dodelijke gevolgen. Diaz brengt de waarheid langzaam aan het licht, maar laat ook vragen onbeantwoord. De narratieve flow van de film is een golfbeweging, in en uit de herinnering, van personage naar personage, van leugen naar waarheid en weer terug. De deining van de film keert ook visueel terug, op de bootjes in de rivier, de enkele keren dat de camera beweegt, of in de dreigende golven aan het strand, waar de actie culmineert. Alles gefilmd in prachtige composities en het voor Diaz kenmerkende monochroom. From What Is Before is met recht een epos te noemen, en ondanks de voor Diaz kenmerkende (visuele) uitdagingen zeker de moeite van het opzoeken waard.

★★★★★

Impressions of a Drowned Man (2014)

In 1928 probeerde dichter Kostas Karyotakis zichzelf te verdrinken. Het lukte niet. Hij schoot zichzelf vervolgens dood. In Impressions of a Drowned Man, van regisseur Kyros Papavassiliou, stapt Kostas Karyotakis vanuit het water het land op, het huidige Griekenland in. Daar wordt duidelijk dat hij gedoemd is zijn laatste dagen te herleven. Hij gaat langs bij familieleden, en op bijzondere plekken, op zoek naar een laatste rustplek. De reis is een surrealistische, op het hedendaagse Cyprus, maar vooral door Lacaniaanse symboliek en locaties van mythologische proporties.

Impressions of a Drowned Man is een temporele mindfuck, waarbij verschillende personages facetten van Kostas Karyotakis zoektocht vertolken, en tijdslagen moeiteloos door elkaar heen laveren. Narratief gezien valt het spel met tijd en ruimte niet compleet sluitend te maken, maar op symbolisch en emotioneel niveau is de film kloppend. De waarheid is immers niet altijd even sluitend, en bestaat uit verschillende tegenstrijdige facetten. Impressions of a Drowned Man is een zoektocht naar de waarheid over identeit en leven, en wat iemands innerlijke wereld betekent voor de mensen in zijn omgeving en voor zijn kunst.

Door de speelse narratieve stijl, en de prachtige plaatjes, die vaak spelen met textuur en oppervlak voelt Impressions of a Drowned Man fris aan, lang niet zo zwaar als het onderwerp doet vermoeden. De film is intellectueel ingesteld, maar heeft een lichtvoetig gevoel voor humor en noiresque pulpinvloeden die voorkomen dat de blik van de film zich naar eigen navel keert. Als er één groot manco aan de film is, dan is dat deze te zeer bewust is van stijl, op zowel narratief als visueel vlak.

De film ziet er uit om door een ringetje te halen, maar voelt enigszins geforceerd in de spielerij met teksten in beeld en Lacaniaanse spiegelingen en splitscreens. Ook het narratief voelt enigszins te hermetisch doortimmerd aan, en zelfs de tegenstrijdigheden lijken berekend ingebouwd. De pogingen om de film op een visueel en narratief uitdagende manier zware thematiek te laten behandelen zorgen ervoor dat het uiterlijk overheerst, en de thema’s enigszins naar de achtergrond verdwijnen. De makers hebben alles visueel en narratief goed doordacht, zo goed zelfs, dat er voor de kijker weinig te denken overblijft. Impressions of a Drowned Man voelt als rustig watertrappelen in een diep en ondoorgrondelijk thematisch meer. We hadden wat meer mogen verdrinken als kijker.

★★★½☆

Bridgend (2014)

In het dorp Bridgend in Wales pleegden tussen 2009 en 2012 tientallen tieners zelfmoord, zonder daarbij een afscheidsbrief achter te laten. Met deze mededeling eindigt Bridgend, een film die deze gebeurtenissen in een drama probeert te vangen. Het is een extra doodsteek voor de film van Jeppe Rønde, die tot dan toe een aantal zeer ongemakkelijke keuzes maakte in het verbeelden van dit thema.

Een film rondom de massazelfmoord van een gehele generatie, zeker als deze situatie gebaseerd is op werkelijke gebeurtenissen, danst langs de rand van een morele afgrond. Het probleem, bij voorbaat, is hoe dit thema aangepakt dient te worden. De filmmakers hebben aan de ene kant het risico dat als ze de gebeurtenissen proberen te verklaren de platitudes rondom onbegrepen jeugd op de loer liggen. Dooddoeners die de ernst van suïcide proberen te reduceren tot makkelijke psychologische gemene delers. Aan de andere kant is er het gevaar dat de filmmakers de kant van de exploitatie opgaan, en de suïcides (onbewust) verheerlijken, door in te spelen op de emotioneel uit te buiten kant van depressie: het gevoel van onbegrip, dat in films al snel zorgt voor een emotionele rollercoaster, maar dat bij werkelijke depressies lang niet zo filmisch of glamoureus is.

Een andere aanpak zou kunnen zijn de zelfmoorden niet psychologisch te willen verklaren. Het probleem is dat dit personages zou opleveren die niet grijpbaar zijn voor de kijker en daarbij op afstand blijven. De makers van Bridgend kiezen aanvankelijk voor deze methode, en blijven op psychologisch troebel terrein. Het levert een dramatisch mank narratief op, tot de filmmakers op een gegeven moment besluiten de spanning op te voeren door alsnog met beide voeten in de eerdere twee valkuilen te springen. SPOILERS: De filmmakers gooien de kern van het probleem, naarmate de film duurt, steeds meer op een generatieconflict tussen ouders en kinderen. Dat de kinderen daarbij een cultus beginnen te vormen die meer lijkt op een sekte dan op echte tieners is enigszins problematisch, maar ook de acties van de ouders worden steeds meer uitvergroot om de film te kunnen staven met psychologisch dooddoeners. [EINDE SPOILERS]

Wanneer de tieners, Gummo-stijl, wodka achteroverslaan en aan lianen voor treinen langs slingeren, is het duidelijk dat tieners voor de filmmakers volstrekt onduidelijke aliens zijn, die met hun enge hormonen een rauwe oerkracht dienen te symboliseren waar de filmmakers zowel bang als bewonderenswaardig naar lijken te kijken. Echt psychologisch inzicht in de tienerjaren blijft uit, ten faveure van videoclip-montages die tienerrebellie vooral vormgeven om hun fotogenieke aspecten: kampvuren, clubscènes, als wolven naar de maan huilen, en met zijn allen naakt in een riviertje gaan liggen drijven, in de buurt van de plek waar de tieners bij bosjes zichzelf ophangen.

Het gebrek aan inzicht, en de steeds duidelijker de kop opstekende exploitatie culmineert in een extreem stuitend laatste shot dat een magisch-realistische draai geeft aan wat we eerder hebben gezien. Losgekoppeld van de inhoud van de film is het een prachtig beeld, maar wanneer je deze combineert met de werkelijke situatie, is het een klap in het gezicht voor de echte bewoners van Bridgend. Elke uiterlijke schijn van begrip voor de situatie wordt losgelaten in een groteske parodie op werkelijk leed. De filmmakers mogen dit soort carnavaleske en symbolische shots best gebruiken voor hun plattelandshorrorfilmpje, maar het idee dat dit beeld gekoppeld wordt aan een ware tragedie geeft een enorm nare nasmaak. Bridgend reduceert suïcidale tieners tot sektarische wezens die elk psychologische platitude rondom depressie in zich verenigen en psychologisch nauwelijks te duiden acties op hun conto schrijven. Zolang ze maar fotogeniek zijn.
★☆☆☆☆


Onderwerpen: , , , , , ,


Reageer op dit artikel