Roja (1992): Lost in Translation
De politieke musicals van Mani Ratnam (2)

Madhoo als Roja

Roja (1992) is de eerste film in Mani Ratnams “terrorisme trilogie”, drie films waarin de regisseur romantische relaties tegen een achtergrond van sociale oproer en politieke aanslagen verbeeldt. Roja is een nog groter kassucces dan eerdere films als Nayakan (1987), en levert Ratnam nationale en internationale erkenning op plus meerdere National Film Awards. Waarvan het merendeel naar de muziek ging. Roja is de eerste film waarvoor Ratnam componist A.R. Rahman inschakelde, en het begin van een lange, succesvolle samenwerking tussen de twee. Rahmans muziek is een belangrijk onderdeel van wat Roja tot een sterke romantische thriller maakt.

Roja (Madhoo) is een jonge, net volwassen meid in een klein dorp in Tamil Nadu, een deelstaat in het zuiden van India. Tegen haar wil in moet ze trouwen met een welvarende, moderne man (Arvind Swamy) uit de grote stad (Chennai, de hoofdstad van Tamil Nadu, in de film nog Madras geheten). Eerst wil ze niets van deze Rishi weten, maar valt toch langzaamaan voor hem. Dan moet hij voor zijn werk als cryptoloog 2500 kilometer reizen naar Kashmir, in het uiterste noorden van het land, waar hij prompt wordt gekidnapt door rebellen die hun leider willen uitwisselen voor hem. Zonder de taal te spreken of iemand te kennen moet Roja van haar kant de overheid tot deze ruil zien te overtuigen.

Madhoo als Roja

Niets illustreert beter hoe India bestaat uit een variëteit aan talen dan de scène waarin Roja de Kashmir politie probeert duidelijk te maken dat haar man voor haar ogen is ontvoert door de lokale rebellen. Niemand begrijpt haar Tamil, en zij begrijpt hun Hindi niet. Dit leidt meerdere malen tot wanhopige confrontaties tussen Roja en de politie, door het gebrek aan wederzijds begrip. Zelfs als zij een vertaler weet te vinden. Ratnam benadrukt hiermee niet alleen de culturele diversiteit van India, maar ook de onderlinge vooroordelen (onder andere noordelijke autoriteiten versus zuiderlingen) die tussen verschillende culturele identiteiten bestaan. Tegelijk overbruggen de dorpse Roja en de stadse Rishi met hun liefde ook culturele verschillen, terwijl de rebellen in Kashmir ten strijde trekken tegen India om hun culturele identiteit te beschermen.

Pankaj Kapur in Roja

Rebellenleider Liaqat spreekt verrassend genoeg wel Tamil, wat leidt tot felle politieke en filosofische discussies tussen hem en Rishi, mooi gefilmd in lange takes waarbij de camera voortdurend om hen heen draait, net zoals zij in hun debatten als twee kemphanen om elkaar heen cirkelen. Liaqat is een sterke rol voor Pankaj Kapur, wiens eerste significante acteerwerk in Ghandi (1982) was en die tegenwoordig tot één van de zes leden van de zogenaamde “Walking Acting school of India” wordt gerekend. Liaqats groeiende twijfels over zijn revolutionaire/terroristische gewelddaden in de naam van de onafhankelijkheid van Kashmir, worden door Kapur prachtig gecommuniceerd met slechts zijn ogen. Zijn motivaties zijn overtuigender dan het nationalisme van Rishi, die probeert te voorkomen dat hij als gijzelaar wordt geruild voor een andere rebellenleider, en in een bizarre scène op een brandende Indiase vlag springt om te voorkomen dat die verder afbrandt.

Madhoo en Arvind Swamy in Roja

De muziek dient net zoals in Ratnams Nayakan niet slechts als garnering van het bovenstaande verhaal. Het eerste nummer, “Chinna Chinna Aasai”, is niet alleen een introductie tot Roja en haar aspiraties in het leven, maar laat ook haar optimisme en vrolijke naïviteit zien, karaktereigenschappen die in sterk contrast staan met de ontwikkeling die ze de rest van de film doormaakt. De manier waarop het pasgetrouwde stel gaandeweg op elkaar verliefd wordt, vertelt Ratnam uiteraard ook via een lied, “Pudu Vellai Mazhai” . En hoe beter weer te geven dat een gevangen Rishi verlangt naar zijn vrouw dan met “Kaadhal Rojavae”?

Een ander goed nummer is “Rukkumani Rukkumani”, waarin het belang van de aanstaande bruiloft voor het dorpsleven wordt weergegeven doordat het hele dorp om een waterval meezingt en danst. A.R. Rahmans kenmerkende percussie en koren zijn hier al te horen, in zijn eerste filmsoundtrack. Van 1986 tot en met 1991 maakte Mani Ratnam zeven films met componist Ilaiyaraaja, maar voor Roja wilde hij een nieuw geluid en zijn oor viel op Rahman, nadat de regisseur een reclame met een jingle van hem hoorde. Hun eerste samenwerking levert meteen een hit soundtrack op, waar het succes van Roja deels aan te danken is. Rahman en Ratnam werken nadien tot op de dag van vandaag samen. Daarnaast heeft Rahman onder andere twee Oscars voor Slumdog Millionaire gewonnen en de bijnaam “de Mozart van Madras” gekregen.


Onderwerpen: , , , ,


Reageer op dit artikel