Spike Lee draait eindelijk weer joints
Gered door een terugkeer naar Brooklyn

30 december 2015 · · Kritiek + Onterecht Onbemind

Da Sweet Blood of Jesus

Spike Lee is terug! Al een hele tijd eigenlijk. Je kunt het als Nederlander echter moeilijk weten, omdat de enige film van Lee die dit decennium onze bioscopen bereikte Old Boy (2013) was. Een film die vanwege de bemoeienis van de filmstudio niet zijn kenmerkende predicaat “A Spike Lee Joint” mocht dragen. Toch heeft hij de afgelopen jaren twee zeer interessante films gemaakt die duidelijk zijn stempel dragen: Red Hook Summer (2012) en Da Sweet Blood of Jesus (2014). In de VS is zojuist Chi-Raq (2015) uitgebracht, naar het schijnt een terugkeer naar zijn gloriedagen. In Nederland zal de film slechts via Amazon te zien zijn.

Red Hook Summer

Red Hook Summer

Zeven jaar geleden wierp ik op Salon Indien een blik op Spike Lee’s hele carrière tot dan toe, met de conclusie dat hij ongeveer tien jaar geleden de weg kwijt leek te zijn, zeker op het gebied van speelfilms (zijn documentaires over de gevolgen van orkaan Katrina voor de bevolking van New Orleans blijven uitstekend). Het clichématige oorlogsdrama Miracle of St. Anna (2008) was een dieptepunt in zijn carrière, en daarna hoorden we in Nederland eigenlijk niets meer van hem. Dat leek een teken aan de wand, maar niets is minder waar. Vier jaar later keerde Lee terug naar zijn roots: hij draaide in een paar weken tijd en voor een appel en een ei Red Hook Summer, zijn terugkeer naar Brooklyn.

Red Hook Summer wordt wel de zesde film in zijn Chronicles of Brooklyn-reeks genoemd, na She’s Gotta Have It (1986), Do the Right Thing (1989), Crooklyn (1994), Clockers (1995) en He Got Game (1998). De terugkeer naar zijn thuisbasis geeft Lee meteen een creatieve impuls, met een echte Spike Lee Joint als resultaat. De felle, opvallende kleuren die je verder zelden ziet in films over Amerikaanse getto’s, het gebruik van meerdere soorten film door elkaar (in dit geval digitaal en 8mm), de muziek en de oraties over wat er mis is met Amerika en waar de zwarte Amerikaan allemaal mee te kampen heeft: het voelt na al die jaren als een warm bad voor de fan.

Lee knipoogt zelfs nog even naar zijn fans door in enkele scènes te verschijnen als pizzabezorger Mookie, het hoofdpersonage van Do The Right Thing. Maar het is Clarke Peters (bekend van The Wire (2002-2008) en Treme (2010-2013)) die de film draagt als Da Good Bishop Enoch Rouse die in de ‘Lil’ Piece of Heaven’ kerk vurige preken over raciale, sociale en maatschappelijke problemen houdt. Ondertussen is het een coming of age-verhaal van Enochs kleinzoon en zijn buurmeisje, dat een beetje doet denken aan Crooklyn. Op tweederde van de film gooit Lee een twist in het verhaal waardoor Red Hook Summer bijna volledig ontspoort, maar uiteindelijk recht hij het schip en blijkt het in de gecompliceerde thematiek te passen. Een terugkeer naar de oude vorm waar Lee in de jaren tachtig en negentig naam mee maakte.

Da Sweet Blood of Jesus

Da Sweet Blood of Jesus

Misschien wel Spike Lee’s vreemdste film? Da Sweet Blood of Jesus is zozeer een remake van Ganja & Hess (1973) (onlangs nog door Rik Niks besproken op SI) dat de schrijver/regisseur daarvan, Bill Gunn, ook als schrijver van Da Sweet Blood of Jesus wordt vermeld op zowel begin- als aftitels. Toch is de remake van Lee op geheel eigen manier even vervreemdend als het origineel. De film begint in de ‘Lil’ Piece of Heaven’ kerk uit Red Hook Summer en keert daar later nog eenmaal naar terug, maar speelt verder volledig op het eiland Martha’s Vineyard. Daar beweegt Dr. Hess Greene zich als enige zwarte in een volledig blanke bovenklasse, waarvoor hij zich bijna als een soort compensatie omringt met Afrikaanse kunst.

Onder invloed van een bepaald artefact uit zijn verzameling wordt hij een soort vampier, hier vooral gedefinieerd als een verslaving aan mensenbloed en desinteresse in normaal voedsel – hoewel er ook over het eeuwige leven wordt gepraat. Als de ex van één van zijn eerste slachtoffers hem bezoekt, Ganja Hightower, vallen ze voor elkaar en maakt Hess van Ganja zijn metgezellin in zijn eenzame vampiersbestaan. Lee verkent de morele problematiek die hun bloedlust met zich meebrengt, alsmede de erotische aspecten ervan. De geaffecteerde dialogen en dictie plus de afstandelijke filmstijl werken in eerste instantie zeer vervreemdend, maar Lee slaagt er uiteindelijk met zijn kenmerkende directheid in toch iets intiems te maken van Da Sweet Blood of Jesus. Tegelijk levert dat een originele draai aan zijn gebruikelijke raciale thematiek op, waardoor ook dit een echte Spike Lee Joint is.


Onderwerpen: , , , , ,


Reageer op dit artikel