Steven Soderberghs The Knick (2014-2015)
Experimenteren op televisie

17 november 2015 · · Kritiek + Televisie

Clive Owen

Steven Soderberghs The Knick wordt in Amerika op het voormalige softporno kanaal Cinemax uitgezonden, maar is in Nederland via HBO gezien. Eind vorige maand pakte HBO groot uit om het tweede (en laatste) seizoen van de serie te promoten, inclusief posters op alle grote treinstations. Zulke promotie en hype is The Knick helemaal waard. Meer dan welke serie ook op dit moment slaat de serie van Steven Soderbergh een brug van televisie naar cinema. Sterker nog, puur qua cameravoering, belichting en montage is The Knick een stuk filmischer dan de stripverfilmingen van Marvel, die juist steeds meer televisie met een overtrokken budget worden.

The Knick is de bijnaam voor het Knickerbocker ziekenhuis, in de gelijknamige buurt van New York anno 1900. Clive Owen speelt dokter Thackery, een briljant en vooruitziende chirurg die experimenteert met nieuwe soorten operaties en altijd medisch onderzoek blijft doen. Helaas leverde dat hem in het eerste seizoen ook een verslaving aan cocaïne op, waar hij voor behandeld wordt met een nieuwe revolutionaire drug: heroïne. Naast medische vooruitstrevendheid draait The Knick ook om het sociale equivalent, en het gebrek daaraan: Algernon Edwards is een even slimme dokter, maar zijn zwarte huidskleur verblindt veel mensen daarvoor. Thackeray en de rijke eigenaren van het ziekenhuis zien wel zijn talent en intelligentie, de rest van het bestuur, een deel van de staf en de patiënten echter minder tot niet.

The Knick

Naast raciale kwesties aan het begin van de twintigste eeuw behandelt The Knick ook de positie van de vrouw in deze tijd, in zowel de boven- als onderlaag van de bevolking. De verhaallijnen rondom de vrouwen en zwarte mensen werden gaandeweg het eerste seizoen boeiender dan de hoofdlijn rondom Thackeray – die wel interessant is, maar ook de zoveelste blanke mannelijke antiheld in de stijl van Tony Soprano en Don Draper is. De plot is echter niet wat The Knick zo bijzonder maakt; het is de manier waarop dat verhaal visueel verteld wordt, die The Knick uniek maakt. De enige serie die op dit vlak in 2015 kon wedijveren met The Knick was Hannibal (2013-2015).

Net als Hannibal is The Knick echt experimenteel te noemen. The Knick is echter de enige serie die van televisie een regisseursmedium maakt. Doorgaans is bij televisie de schrijver de bepalende persoon, maar hier zijn het de regie, de montage en de cameravoering die de serie zijn identiteit geven (die Steven Soderbergh allemaal voor zijn rekening neemt, in tegenstelling tot het script). Dat de verhaallijnen en personages hier en daar al bekend overkomen, zelfs archetypisch, geeft juist ruimte voor Steven Soderbergh om de vorm te benadrukken en daarmee zijn stempel op de serie te drukken. Hij mag dan klaar zijn met films maken in het commerciële systeem van Amerika, hij is zijn experimenteerdrift nog lang niet kwijtgeraakt.

The Knick

Het begint al bij de fantastische, veelal naturalistische belichting, die alleen mogelijk is met digitaal filmen. Weinigen maken zo’n sterk argument voor de digitale film als Soderbergh met hoe hij de warmte van lampen en de kou van het ochtendgloren in beeld brengt. Daarnaast leek het in het eerste seizoen gaandeweg of hij elke aflevering gebruikte om te experimenteren met nieuwe stijlvormen. De ene keer met extreem lange takes om de spanning over te brengen van een bestorming van het ziekenhuis door boze familieleden van patiënten (die niet willen dat hun familie door een niet-blanke dokter wordt behandeld) en relschoppers. De andere keer met intense staccato montage die overbrengt hoe Thackeray zich voelt tijdens een poging om van zijn cocaïneverslaving af te kicken.

Het experimentele zit daarnaast ook in de manier waarop Soderbergh de personages met een handheld camera volgt, terwijl hij daarmee heel knap toch regelmatig uit de losse hand statige beelden creëert. Het zit ook in de manier waarop hij soms juist de personages die aan het woord zijn onscherp laat en in plaats daarvan de toehoorder of een derde in focus brengt. Of één of meerdere van hen door het tegenlicht geheel in duisternis hult.

The Knick

Overigens zijn vorm en inhoud niet geheel van elkaar los te zien: Soderberghs experimenteerdrift op televisie komt terug in die van de dokters met hun zoektocht naar nieuwe remedies en operaties, en in de strijd van minderheden en vrouwen om tot het bastion van de blanke man door te dringen. In een recente aflevering van het tweede seizoen spreekt een verpleegster de wens uit om dokter te worden, maar ziet daar nog weinig heil in, want er bestaan (nog) geen vrouwelijke dokters.

Net zoals Soderbergh telkens weer met nieuwe en andere manieren komt om een televisieserie in beeld te brengen, presenteert hij met The Knick een wereld die sociaal en wetenschappelijk voortdurend in beweging is. Niet altijd op een positieve, progressieve manier: in het tweede seizoen doet ook de verschrikkelijke pseudowetenschap van eugenetica geïntroduceerd, dat een tijdlang onder blanke elites populair was omdat het uitlegde waarom alle andere rassen en klassen inferieur waren. Dat tweede seizoen komt overigens nog wat langzaam op gang. Maar dat was net zo met het eerste seizoen. Pas in de tweede helft daarvan ging Soderbergh echt los, en die helft maakte de serie de beste van 2014. Het is te hopen dat dit nu ook weer gaat gebeuren.


Onderwerpen: , ,


2 Reacties

  1. Erwan

    Echte topserie inderdaad. Ik verbaas ik me ook iedere keer weer over de kwaliteit van de special effects, ook afgelopen aflevering weer.

    Maar waar heb jij de informatie vandaan dat het tweede seizoen alweer het laatste van The Knick wordt? Dat zou ik namelijk ontzettend zonde vinden.

  2. Kaj van Zoelen

    Ik meen me te herinneren dat Soderbergh van te voren gezegd had dat hij niet meer dan twee seizoenen wilde maken. Het tweede seizoen was al aangekondigd voordat vorig jaar het eerste seizoen werd uitgezonden, en de serie werd toen echt als een verhaal van 20 afleveringen gepresenteerd.


Reageer op dit artikel