Yellow Brick Road (2): Hollywood achter het gordijn.
Oz als een metafoor voor Hollywood

The Wizard of Oz is misschien wel het summum van de glorieuze nepheid van Hollywood. De weelderige kostuums en kleurrijke decors spatten in technicolor van het scherm af, en nergens wordt geprobeerd de kunstmatigheid te verbloemen. Sterker nog, deze wordt dikker aangezet door de ‘reeële’ wereld te tonen als een desolaat landschap in grauwe tinten. Dorothy reist niet vanuit Kansas af naar Oz, maar naar Hollywood.

The Man behind the curtain

In de film wordt de kunstmatigheid van de wereld ook kenbaar gemaakt, wanneer Dorothy de confrontatie met de titulaire figuur aangaat: The Wizard blijkt geen tovenaar, maar een doodgewone man die gebruik maakt van illusies om de goedgelovige inwoners van Oz om de tuin te leiden: hij is een regisseur, of eerder nog een ‘special effects guy’. Het grote tovenaarshoofd is een projectie, en zoals bij elke magietruc maakt hij gebruik van ‘smoke’ en ‘mirrors’. Hij is de doodgewone man achter het gordijn, ‘The man behind the curtain’, dat later als term gemeengoed is geworden om een charlatan aan te duiden.

Veel films die later naar The Wizard of Oz verwijzen herkennen de film als een metafoor voor het verleidelijke bedrog van Hollywood. The Man Behind the Curtain duikt als term op in series Seinfeld, Mystery Science Theatre 3000, Lost, Will and Grace, The West Wing en Spongebob om algeheel bedrog aan te duiden, en de paranoia complotdocumentaire Zeitgeist heeft zelfs een heel hoofdstuk met deze naam om de zogenaamde geheime organisaties achter de huidige wereld aan te duiden. Maar The Wizard of Oz is als geheel een epitoom geworden van Hollywood en kapitalistisch exces, waardoor het niet verwonderlijk is dat er een aantal films zijn die expliciet te Wizard of Oz als inspiratiebron gebruiken om iets te zeggen over film en commercie.

Dromen uit de droomfabriek

Aan het positieve einde van het spectrum vinden we Baz Luhrmanm’s Australia. De film speelt zich af op het titulaire continent, wat in de volksmond ook wel Oz wordt genoemd, vanwege de verbastering van Oz-tray-lia in het typische dialect van Down Under. Dat Baz Luhrmann dus veelvuldig verwijst naar de Judy Garland-film is niet verwonderlijk, ook niet gezien zijn voorliefde voor een overdaad aan technicolor. In Australia wordt The Wizard of Oz een metafoor voor dromen: in de Aboriginalcultuur speelt de regenboog een grote rol, en voor jonge Aboriginal Nulla blijkt The Wizard of Oz een perfecte weerspiegeling van zijn eigen cultuur en zijn grote hoop op een beter leven: somewhere over the rainbow, inderdaad. Australia laat de overrompelende kracht van de film zien, maar trekt deze ook breder, naar een pleidooi voor de overrompelende kracht van fantasie en dromen an sich. De film legt impliciet een link tussen het geloof van de Aboriginals dat de wereld ontstaan is uit een droom, en het feit dat Hollywood dromen werkelijkheid probeert te maken.

Het idee dat de dromen uit de droomfabriek vlees kunnen worden zien we ook in Who Framed Roger Rabbit, een film waarin cartoons de werkelijkheid bevolken, maar ook weggedrukt worden in hun eigen ghetto. Het is aan Eddie Vallaint, een geharde detective, om de cartoonfiguren te redden van de boosaardige Judge Doom. Een tripje naar de cartoonwereld wordt uiteraard gemaakt. Daarmee deelt de film zich, net als The Wizard of Oz, in twee delen: we hebben de grimmige ode aan de noir in het Hollywood uit de jaren 50 als stand-in van Kansis, en de technicolor Toontown als stand-in voor Oz. De transgressie van de ene naar de andere wereld, is een overgang tussen de Hollywood-versie van realisme (het noir-genre, of de bordkartonnen huizen in Kansas) naar puur, ongedestilleerd Hollywood (musicals of animatie). De analogie met The Wizard of Oz wordt er nog dikker opgelegd wanneer blijkt dat Judge Doom geen echt mens is, maar een cartoonfiguur in vermomming: net als The Wizard is hij een charlatan, iemand uit de ene wereld die zichzelf probeert te verkopen aan de andere wereld.

Positieve poppen en rubberen rotzakken

Ook The Muppet Movie en Gremlins leunen op The Wizard of Oz om commentaar te leveren op Hollywood. Zoals altijd zijn de poppen van Jim Henson eeuwige positivo’s: net als Judy Garland begint Kermit The Muppet Movie met een liedje over een regenboog, en aan het einde van de film ontmoet hij de grote baas, die op onverwachte wijze toch aanbied waar men voor kwam (in dit geval is dat Orson Welles als filmproducent). Maar de reis door Oz is hier een reis richting Hollywood, waarbij de vergaarde reiskompanen in dit geval bestaan uit The Muppets. En ook hier is er sprake van een raamvertelling: The Muppets zelf bekijken hun eigen levensverhaal. Hollywood is een fabeltjesland, maar wel een met prachtige mogelijkheden.

Gremlins is minder positief ingesteld, wat zich al uit in het soort verwijzing: in plaats van het droppen van quotes als ‘Follow the yellow brick road’ of ‘I don’t think we are in Kansas anymore’ verwijst de film naar het meest vileine personage uit de film: Mrs. Gulch. De vrouw die Dorothy’s hond bedreigt en zo het plot in gang zet, krijgt hier een gelijke in Mrs. Deagle, die er praktisch hetzelfde uit ziet, en precies dezelfde dreigingen uit naar de hond van hoofdpersoon Billy. Joe Dante lijkt duidelijk te maken dat het perfecte stadje uit Gremlins net zo treurig is als Kansas in The Wizard of Oz, maar eveneens net zo nep: Kingston Falls ziet er uit als een ansichtkaart van een typisch stadje uit de jaren 50, vol witte tuinhekken en charmante kerstversiering. Maar Gremlins laat de rotte onderlaag van deze Amerikaanse droom zien, in de beruchte Kerstmanspeech wordt Amerika’s grootste jaarlijkse traditie met de grond gelijk gemaakt als holle verbloeming van verdriet en eenzaamheid. Het is glorieus om het stadje met kerst met de grond gelijk gemaakt te zien worden door de Freudiaanse id-monsters uit de titel. Ze zijn de perfecte consumenten: grootverbruikers, onnadenkend en compleet hedonistisch in hun zoektocht naar basaal genot. Het toppunt van genot? Huishouden in een warenhuis, en het kijken van die andere technicolor-klassieker: Snow White and the Seven Dwarfs.

Yellowbrickroad en The Man Behind the Curtain

Meest opzichtig in het spelletje leentjebuur is de film Yellowbrickroad, een lowbudget horrorfilm over een groep documentairemakers die onderzoek doet naar een mysterieuze verdwijning. Jaren geleden verdween een geheel dorp nadat zij een plek opliepen genaamd The Yellow Brick Road. Ze werden allen teruggevonden, op één iemand na, die compleet krankzinnig was geworden. We volgen het team terwijl zij dezelfde weg proberen af te lopen. Op de tocht zelf wordt duidelijk dat er een nachtmerrieachtige kant wordt getoond van de dromen uit Australiä: de groepsgenoten worden getijsterd door constant aanwezige muzak uit oude Hollywood-films, die door de bossen schalt, en waarvan de bron niet achterhaald kan worden. Het verlies van ruimte en tijd, plus het constante bombardement aan ouderwetse muzikale schmaltz drijft de mensen tot waanzin, en uiteindelijk moord.

SPOILERS volgen: De film eindigt in een bioscoopzaal, waar de hoofdpersoon zijn teamleden te zien krijgt in de hel. De bioscoop waar ze vandaan vertrokken is, eenmaal teruggekeerd, verworden tot een existentialistische nachtmerrie van herhaling, herhaling, herhaling. De droom van Hollywood is omgeslagen in een eindeloos bombardement aan terugkeer, een Yellowbrickroad die oneindig naar binnen spiraalt, in plaats van naar buiten. Is het een metafoor voor de manier waarop Hollywood naar zijn eigen navel staart? Weer een Yellow Brick Road? Of is de vergelijking die de film trekt tussen The Man Behind the Curtain en de demonische bioscoopmedewerker breder te trekken [EINDE SPOILERS]: is het gordijn waarover we spreken niet gewoon het filmdoek? Als dat zo is, dan is de sardonische charlatan achter dat doek niemand minder dan de regisseur, die ons fabeltjes opspeld, of het nu gaat om nachtmerries of dromen. Of dat erg is, is een tweede. Want zoals we in Australia zagen: dromen worden (een) werkelijkheid.


Onderwerpen: , , , , , , , ,


Reageer op dit artikel