Black humor
De hilariteit van realiteit in de films van Shane Black.

30 april 2016 · · Analyse + Sa-lol Indien

Kiss Kiss Bang Bang

In zijn regiedebuut Kiss Kiss Bang Bang (2005) speelt Black wederom met de botsing tussen realiteit en fictie, maar op een gelaagdere wijze. Aan de ene kant is er de voice-over van Robert Downey Jr. als Harry Lockhart. Een stijlmiddel dat onmiddellijk duidelijk maakt dat we naar een film aan het kijken zijn, inclusief het doorbreken van de vierde wand en het stilzetten en terugspoelen van scenes. Aan de andere kant is juist dit doorbreken van de vierde wand een middel dat Black gebruikt om het personage van Lockhart agency te geven en de clichés te benoemen. Hij komt hierdoor eerder over als een echt personage dat een audiocommentaar verzorgt bij zijn eigen avonturen.

Toch is de verhaalwereld in Kiss Kiss Bang Bang eerst onmiskenbaar dat van een neo-noir, inclusief een femme fatale in een roze pruik, slechterikken met hulpjes, detectives, dode vrouwen in een meer en nachtclubs waar whisky in grote getale vloeit. Het is niet verwonderlijk dat de personages zichzelf in een film wanen. Maar keer op keer benadrukt Black, door middel van de acties van Lockhart en zijn handlanger Gay Perry (Val Kilmer) dat de realiteit anders is dan een film: Harry schiet iemand dood als hij wil bluffen met een revolver, een handlanger wordt overmeesterd omdat hij zijn pistool houdt zoals mensen in films dat doen, etc, etc. Veel van deze deconstructies van noir-clichés zijn humoristisch, maar aan de andere kant gebruikt Shane Black ook hier de realiteit voor drama: de scène waarin Lockhart net iemand dood heeft geschoten is opvallend omdat Downey Jr. er uitziet als een menselijk wrak. Trillend, huilend en in shock.

Zelfs het overkoepelende plot gaat in wezen over het verschil tussen fictie en werkelijkheid. Uiteindelijk blijkt de intrige waarin Harry en Perry in verwikkeld zijn geraakt nagenoeg gelijk aan een bestaande detectiveroman. Hier zijn Hollywoodmagnaten de schurken, die proberen hun droomwerelden een realiteit te maken, maar daarbij niet rekenen op helden die constant op een realistische manier reageren.

In Iron Man 3 (2013) speelt Shane Black eveneens met deze discrepantie. Ook hier blijkt de schurk een fictie, in werk gesteld door een denktank van schrijvers en producers die een dekmantel nodig hebben voor explosies. Shane Black maakt een politiek statement over de manier waarop de propagandamachine van Hollywood werkt, en over hoe deze fabels wel degelijk impact hebben op de realiteit. Daarover schreef ik eerder hier meer. Het is verrassend gedurfd om de schurk The Mandarin letterlijk in zijn eigen film te bekritiseren als ouderwetse racistische oorlogspropaganda, en de fantasiewereld van Marvel te voorzien van eens stevige reality check. Het is geen wonder dat Shane Black door fanboys met de nek wordt aangekeken, want hij prikt door hun fantasiewereld heen en laat de weinig rooskleurige realiteit achter die fantasie zien.

Misschien is het daarom passend dat zoveel films van Shane Black zich afspelen met kerst (afgezien van Monster Squad, Last Action Hero en Lethal Weapon 2 zijn dat ze allemaal): de dagen van het jaar waarop mensen even bij elkaar komen, of waarbij mensen nog eens extra geconfronteerd worden met hun eenzaamheid. Het zijn de dagen waarop de realiteit extra voelbaar is, juist vanwege alle nepheid om de mensen heen. Deze botsing fascineert Shane Black mateloos, en hij weet er humor en drama uit te halen. Want niets is zo absurd of tragisch als zelfmoord willen plegen terwijl de Looney Tunes op de achtergrond in kerstmutsen door het beeld buitelen.

Bladzijdes: 1 2


Onderwerpen: , , , , , , , ,


Reageer op dit artikel