Eindscènes: M (1931)
Stem van het volk, naam van de wet

3 mei 2016 · · Analyse + The End

Filmstill M (1931) - Beckert en het merkteken

Is het rechtvaardig om moord met moord te vergelden? Om te laten zien dat het verkeerd is om iemand te doden, juist door iemand te doden? Een doodvonnis als bestraffing van moord lijkt een contradictio in terminis. En wat dient er te gebeuren wanneer een moordenaar niet verantwoordelijk kan worden gehouden voor zijn daden? Het is dit moreel en juridisch heikele onderwerp dat de Duitse regisseur Fritz Lang (1890-1976) aansnijdt in de eindscène van zijn eerste geluidsfilm, het magistrale M (1931).

M‘s protagonist, de wat sullige Hans Beckert (Peter Lorre), is een kindermoordenaar. Op straat spreekt hij kleine meisjes aan, geeft ze wat snoep of speelgoed zodat ze nietsvermoedend met hem meegaan, waarna de meisjes vervolgens dood worden gevonden. Zo wordt de kleine Elsie Beckmann (Inge Landgut) ook één van zijn slachtoffers, terwijl haar wachtende moeder steeds radelozer wordt van angst en bezorgdheid. Beckert weet ook dat hij degene is die de politie al sinds maanden zoekt; hij schrijft zelfs brieven naar de autoriteiten, waarin hij deze uitdaagt om hem te vangen.

M (1931) - Elsie Beckmann

Intussen zet de politie, in verlegenheid gebracht door de aanhoudende moorden en de opruiende brieven van de dader, alle beschikbare mensen en middelen in om de moordenaar te arresteren. Onder leiding van de ervaren inspecteur Lohmann (Otto Wernicke) zit de politie de onderwereld zelfs zo dicht op de huid dat de inkomsten uit hun illegale praktijken eronder lijden. Vandaar dat de leider van deze onderwereld, de schimmige meester-dief Schränker (Gustaf Gründgens) besluit om zijn mensen de moordenaar op te laten sporen.

Filmstill M (1931) - Hans Beckert in het nauw

Na enkele dagen weet Schränker’s geboefte Beckert in het nauw te drijven. Na een klopjacht in een nachtelijk verlaten kantoorgebouw wordt Beckert overgebracht naar een verlaten brouwerij. Hier wordt hij voor een volksgericht van criminelen geleid, voorgezeten door Schränker, dat over zijn lot zal beslissen. Beckert krijgt een advocaat toegewezen, maar de uitspraak van dit criminele tribunaal lijkt al van tevoren vast te staan. Deze ‘rechtbank’ is een farce, een quasi-juridische formaliteit, voordat de aanwezigen Beckert onschadelijk zullen maken.

M (1931) - volksgericht

De kracht van de scène schuilt daarentegen in de fenomenale acteerprestatie van Peter Lorre, die als Hans Beckert op indringende wijze invoelbaar maakt dat zijn pathologie hem tot moorden dwingt. En het is juist deze dwang, voert zijn verdediger aan, die verhindert dat Beckert verantwoordelijk kan worden gehouden voor zijn daden en als gevolg daarvan ter dood zou kunnen worden veroordeeld. In plaats daarvan dient hij aan de autoriteiten te worden overgeleverd, die hem onder psychiatrische behandeling dienen te stellen.

Filmstill M (1931) - Peter Lorre als Hans Beckert

Dit standpunt stuit op hevig verzet van de aanwezigen, met name Schränker. Beckerts advocaat laat zich echter niet vermurwen, en wijst op het feit dat de staat psychiatrische inrichtingen juist heeft bedoeld voor het behandelen van pathologische misdadigers zoals Beckert. Daarnaast wijst de verdediger fijntjes op het feit dat alle aanwezigen misdadigers zijn, en als zodanig geen enkel moreel recht hebben om een andere misdadiger te veroordelen, geestesziek of niet.

Filmstill M (1931) - Beckert onder arrest

Vervolgens lijkt regisseur Lang heel even een knieval te maken voor goedkoop sentiment, wanneer vanuit het publiek een vrouw opstaat die Beckert’s advocaat herinnert aan hoe vreselijk de moeders van de vermoorde kinderen moeten lijden onder de afwezigheid van hun geliefde kleintjes. Net voordat de emotionele, opgehitste meute zich vervolgens op Beckert wil storten valt de politie binnen, die na een tip van een gevangen dief weet waar en in welke situatie Beckert zich bevind. De hand die, onder het uitspreken van de woorden “Im Namen des Gesetzes” vervolgens op Beckerts schouder wordt gelegd, symboliseert het zich ontfermen van de staat over pathologische misdadigers zoals Hans Beckert.

Filmstill M (1931) - Elsie Beckmann's moeder

Regisseur Fritz Lang onderschrijft dus (visueel) het standpunt van Beckerts advocaat, iets wat versterkt wordt in de korte epiloog die op deze scène volgt. Hierin verschijnt een rechtbank, die een bonafide juridisch oordeel zal vellen in deze zaak. Waarna Elsie Beckmanns moeder (Ellen Widmann), te midden van een groep treurende vrouwen, opmerkt dat dit haar kind ook niet zal terugbrengen. M besluit met een emotionele oproep van mevrouw Beckmann, gericht aan het publiek (‘Ihr!’), waarin zij alle toeschouwers op het hart drukt om toch vooral goed op hun kinderen te letten.

Bladzijdes: 1 2


Onderwerpen: ,


Reageer op dit artikel