De films van Jan Švankmajer – deel 1
Over lijstjes, stenen en dierenlijken.

Twee van mijn voorliefdes in film zijn het absurde en animatie. Ik houd ervan als een filmmaker je raakt met een onverwachte wending, een bizarre omdraaiing of een beeld wat vreemd uit context valt. Films die weten te verwarren en het onverwachte omarmen. Ik houd er eveneens van als een filmmaker leven blaast in wat stilstaat. Als het een tekening is, of een marionet of een kleien figuur. Of een koeientong. Jan Svankmajer ( geb. 1934, Praag) blaast leven in een koeientong. Hij blaast leven in stenen. Hij blaast leven in skeletten van dode vogels. Hij omarmt het absurde in zijn animaties. Als ode aan Jan Svankmajer, mijn favoriete animator zal ik de komende weken (met tussenpozen) zijn werk chronologisch bespreken. Een aantal artikelen voor de korte films (speelfilm Alice word besproken temidden van een selectie van korte films) en zijn vier laatste lange films ook gezamenlijk in één artikel.

Poslední trik pana Schwarcewalldea a pana Edgara A.k.a The Last Trick (1964)
Svankmajer debuteerde met deze korte film, waarin twee marionetten (half geanimeerd half live-action) elkaar proberen af te troeven met hun laatste truk. In het hoofd van de ene schuilt een gigantische mechaniek waarin hij een vis dood, de ander transformeert zijn lichaam letterlijk in een muziekinstrument. En dan is er ook nog het insect, die zich onbewust door de chaos heen beweegt.

Veel thema’s van Svankmajer komen al terug in het filmpje. Stilistisch is het filmpje geïnspireerd door Eisenstein en Méliès, geïnspireerd door de editing van de ene (die het verhaal voortstuwt) en de visuele magie van de ander. The Last Trick verbaast met zijn filmische magie en zijn sterke visuele effecten. Maar ook motieven als dode dieren, de mens als machine en de afwisseling van live-action en animatie in hetzelfde frame zijn al aanwezig. Het is een uitstekende introductie tot het oeuvre van Svankmajer, al bereikt hij hier nog niet de visuele of filosofische hoogten van later werk.

Johann Sebastian Bach: Fantasia G-moll (1965)
Op de tonen van een orgelconcert van Bach zien wij muren, en gaten in muren en chaos en destructie. Deze chaos word begeleid door de muziek. We worden als kijker geleerd om de structuur in de chaos te zien, in dit geval de muziek. Via montage ontstaat er een samenwerking tussen beeldritme en muziekritme. De beeldcompositie en de compositie van Bach gaan naadloos in elkaar over.

We zien hier al twee obsessies van Svankmajer: verval is de eerste. De gaten in de muren, de afbladderende vellen behang, de lelijke likken verf en de roest. Het word in beeld gebracht op een zintuiglijke manier. Zijn fascinatie spreekt uit alles. Verder heeft de film veel weg van een taxonomy, het maken van een lijstje. Hij categoriseert de verschillende beelden, in dit geval op de muziek. Het categoriseren op structuur en compositie zou hij ook doen in films als Historia Naturea, Suita. Svankmajer werkt hier tot het uiterste met herhalingen en compositie, en het werk doet erg denken aan Amerikaanse Avant-Garde uit dezelfde periode. Prachtig filmpje.

Hra s kameny A.k.a A Game With Stones. (1965)
Ook hier is er weer sprake van catogerisering. In dit geval worden stenen opgedeeld in verschillende categorieën. Het zijn spelletjes met stenen. We zien hier al Svankmajers fascinatie met Archimbaldo (een schilder uit het Maniërisme, een periode uit de kunst die veel invloed heeft gehad op het werk van Svankmajer), want met stenen worden mensen lichamen gebouwd. Archimbaldo stond bekend om portretten van mensen, opgebouwd uit tekeningen van andere voorwerpen. Maar in dit filmpje van Svankmajer is Archimbaldo niet het enige spel met stenen want ook op structuur en kleur worden stenen geselecteerd.

De kortfilm kijkt goed weg, want de korte segmenten volgen elkaar snel op, in een logische en mooi uitgedokterde volgorde. Het word steeds complexer, en het einde kan symbolisch opgevat worden. Het is een van de meest energieke films van Svankmajer, waarin zijn fascinatie met steen en levenloze materialen in het algemeen goed duidelijk word.

Rakvickarna A.k.a Punch and Judy (1966)
Punch en Judy. Jan Klaassen en Katrijn. Twee poppen, in een theater, bestuurd door lichaamloze handen. Ze vechtten om een hamster, maken elkaar kapot, in een nogal opzichtige allegorie voor oorlog. Punch en Judy dood, de hamster loopt weg. Het is extra pijnlijk dat een dergelijk zwartgallige visie qua visueel geweld het meest doet denken aan het werk van Tex Avery. Het is Svankmajer’s surrealisme gemixt met een zwartgallige versie van de Looney Tunes. Poppenkast zal nooit meer hetzelfde zijn. Niet een van Svankmajers beste, maar wel een goed filmpje.

Et Cetera (1966)
Een man wil vliegen maar ontdekt dat dit nutteloos is; een man temt zijn beest en verandert er zelf in een, terwijl het beest mens word, en het proces zich een aantal keer herhaalt in omgekeerde volgorde; een man tekent zichzelf vast in een huis en kan er niet uit, hij tekent opnieuw een huis met hem er buiten, maar hij kan er niet in. Et cetera. Et cetera.

De herhaling werkt vervelend, maar is nodig voor het filmpje. De nutteloosheid van mensendaden word gefileerd. Hoewel Svankmajer’s films goed wegkijken word het duidelijk dat hij geen hoge pet op heeft van de mens. Onder de energieke buitenkant en de visuele krachtpatserij (met een flinke vleug verval) schuilt er een pikzwarte blik op de mensheid.

Historia Naturae, Suita (1967)
De mens komt er ook bekaaid op in deze categorisering. Dode dieren en plaatjes van dode dieren worden tot leven gewekt. Hun overblijfselen vormen een visueel overdonderende beeldenstroom. De dood is hier energiek. We zien waar hun leven, hun vel gebleven is aan het eind van elke categorie. De vis, de aap, het insect, allemaal: hap, slik, weg. De mens vernietigt het leven. Als we in de laatste categorie komen, de mens, zien we uiteindelijk een skelet dat een laatste hap neemt. De mens eet zichzelf dood, letterlijk. Het is een parabel die er erg dik boven op ligt, en die daardoor ook niet compleet werkt. Maar visueel is de film een avant-gardistische droom. Een hyperactieve montage die vooruitloopt op de videoclip en die energie geeft aan de dood. Het doet erg denken aan A Zed And Two Noughts van Peter Greenaway. En dat is een groot compliment.

Wordt vervolgd.


Onderwerpen:


1 Reactie

  1. Jordi

    Vandaag binnengekregen van Moskwood Media:

    ‘”CARICE VAN HOUTEN STEM VAN ALICE IN WONDERLAND”
    Actrice Carice van Houten spreekt de Nederlandse stem in van Alice in de verfilming van Alice in Wonderland. Dat maakte het filmproductiebedrijf maandag bekend.

    Aanleiding voor de rol voor van Houten is de vertaling die haar vader Theodore van Houten van de film maakte. Alice in Wonderland wordt geregisseerd door Jan Svankmajer uit Tsjechië.

    De eerste speelfilm van Svankmajer gaat over Alice die in een wonderlijke wereld terechtkomt wanneer ze een pratend konijn zijn hol in volgt. Wonderland is een wereld tussen droom en nachtmerrie waaruit Alice wel hoopt te ontwaken. De film uit 1988 verscheen nooit eerder op dvd in Nederland. (ANP)’

    Binnenkort schijnt de dvd eindelijk te verschijnen.

    Overigens mooi artikel, Theodoor!


Reageer op dit artikel