De films van Jan Švankmajer – deel 4
Over Alice in Wonderland, eten en dergelijke

Jan Svankmajer is meester in de korte film. Maar in 1988 maakte hij zijn speelfilmdebuut met Neco z Alenky. Het zou 6 jaar duren voor hij deze zou opvolgen, maar ondertussen maakte hij nog wel een aantal andere korte films. Twee zijn zijn korste tot nu toe, met een speelduur van amper een minuut. Ik bespreek vandaag zijn film Neco z Alenky en zijn laatste 5 korte films. Na Jídlo zou Svankmajer zich volledig richten op lange films (die ik volgende keer alle vier ga bespreken).

Neco z Alenky A.k.a Alice (1988)
Eerder verfilmde Svankmajer al Jabberwocky van Lewis Carroll, maar met Alice zou hij zich wagen aan die andere grote klassieker: Alice in Wonderland. Het is een verhaal wat voor Svankmajer gemaakt lijkt te zijn, met zijn surrealistische scènes, vreemde wezens en groteske settings. Het idee van twee verschillende werelden, en van eten als aanstichter van kwaad (of chaos in dit geval) zijn thema’s die precies in Svankmajers straatje liggen. Bijzonder is dan ook dat Svankmajer het verhaal relatief simpel en realistisch vertelt, voor zover dat mogelijk is. In zijn vormgeving worden alle fantasiewezens opgebouwd uit voor Alice vertrouwde dingen, maar dan met een twist. Het konijnenhol wordt een reusachtig bureau, de tunnel een lift, de Catterpillar een sokpop, het konijn een vreemdsoortige knuffel, die zijn horloge uit zijn zaagsel tevoorschijn tovert. Terug zijn dus de levenloze objecten die door Svankmajer leven worden ingeblazen. Bijzonder sobere benadering die beter werkt dan de (behoorlijk sterke) kleurrijke Disneyversie. De film valt te lezen als een best-off van Svankmajer met een vleugje Carrol. Of andersom. De beste Alice-verfilming.

Meat Love (1989)
Svankmajer stelt eten gelijk aan agressiviteit, oergevoelens. Zijn commentaar op eten zou nooit zo sterk worden als hier (met uitzondering van Food, maar daarover later meer), waarin levende stukken vlees een vroegtijdige door sterven. Dood en leven lopen bizar in elkaar over, iets wat ook al terugkwam in The Ossuary, Jabberwocky en een aantal andere films. Grappig maar scherp. Valt te zien als sterk pamflet voor vegetariërs. Ik liet vanavond mijn steak staan.

Tma/Svetlo/Tma A.k.a Darkness, Light, Darkness (1989)
Een man bouwt zichzelf langzaam op. Eerst de handen, dan de ogen, dan de oren (die veel weg hebben van een vlinder), de neus (die veel weg heeft van een varken), de tong (andermaal een koeientong), de hersen, de penis en de benen. Wanneer klaar zit de man compleet vast. Cynisch commentaar op de zogenaamde evolutie van de mens, het “groei”vermogen van de mens? Mogelijk. Maar ook een commentaar waarop mensen met dieren omgaan, te zien aan de varkensneus en de oorvlinder. Erg vernuftig geanimeerd filmpje, met bizarre en groteske humor.

Flora (1989)
“De dood van Archimbaldo”. Een figuur opgebouwd uit groenten zit vastgebonden aan een “ziekenhuis”bed en sterft bij gebrek aan water. Pure horror, die extra sterk werkt vanwege de korte speelduur en het gebrek aan uitleg. Nachtmerrieachtig.

Konec stalinismu v Cechách A.k.a The Death of Stalinism in Bohemia (1990)
Gemaakt na de val van de muur. Een propagandafilm waarin afgerekend word met het communisme. Svankmajer onderkent zijn propagandistische toon door het in te lijden als een agitpropfilm (terwijl het een anti-communistisch filmje is), in een flink staaltje ironie. Helaas blijft het ook een typische propagandafilm. Sterk qua animatie en beelden, maar overtrokken en bombastisch in zijn kritiek, met er nogal dik boven op liggende symboliek. Svankmajer parodieert een propagandafilm in een film die zelf ooks sterk propagandistisch is. Alsof men vuur met vuur probeert te blussen. Mooie poging, halfgeslaagd.

Jídlo A.k.a Food (1992)
Breakfast: in een gezapig tentje worden mensen letterlijk voedselautomaten. Je eer eerst uit een ander mens (automaat), waarna wat je eet geryceclyd word en je zelf in een automaat verandert. Lunch: De vraatzucht van de mens is niet te stoppen. Eerst de planten op tafel, dan de kleding, het tafelkleed, de borden én de tafel. Maar wat blijft er dan over? Diner: een man bereid zijn maaltijd voor in een extreem luxe restaurant. Een kannibalistische maaltijd.
Svankmajer is niet subtieler geworden. Dit is zondermeer zijn meest ranzige film, waarin elk segment uiteindelijk een overtreffende trap is. De boodschap is duidelijk. De mens eet door en vernietigt daarmee uiteindelijk de wereld en zichzelf. De beeldtaal ligt er in dit filmpje erg dik bovenop, maar treft daardoor wel doel. Hyperbool kan ook wel eens een welkome afwisseling zijn op de eenheidsworst die men normaal ziet. Zoals men zegt: verandering van spijs doet eten.


Onderwerpen:


Reageer op dit artikel