Hardware (1990)

7 november 2009 · · Kritiek

Een man, we herkennen zijn gezicht niet vanwege zijn zonnebril, sjawl en hoed, loopt door een bloedrode woestijn. Op de soundtrack horen we een radio waarin een DJ (ingesproken door Iggy Pop) mensen waarschuwt om vooral uit de zon te blijven, want de ozonlaag is al een geruime tijd naar de kloten. De man, een handelsreiziger, vindt onder een dikke laag zand een robothoofd. Via hem komt het metalen hoofd terecht bij Jill, een kunstenares. Zij maakt van grote hopen metaal ruige kunstwerken. Wanneer het robothoofd in één zo’n kunstwerk terechtkomt, wordt deze weer actief, en regenereert zichzelf uit het overtollige materiaal in Jill’s garage. De robot, onderdeel van een mislukt regeringsproject, gaat als een onstopbare allesvernietigende kracht te werk in het appartementenblok van Jill, en kunst keert zich zo als het ware tegen zijn maker.

Voor Richard Stanley (over wie ik eerder al artikelen schreef, respectievelijk over Dust Devil en de mislukte productie van The Island of Dr. Moreau) bleek dit profetisch. Zowel Hardware als Dust Devil flopte, en kregen te maken met inmening van studio’s, zijn versie van Dr. Moreau werd nooit voltooid, en daarna maakte Stanley nog slechts relatief obscure docu’s en shorts. Hardware was zijn filmdebuut, en er scheen nog licht aan de horizon. De film werd aanvankelijk bedoeld om mee te liften op het toenmalige succes van de cyberpunk stroming, maar in tegenstelling tot films als The Terminator is Hardware meer punk dan cyber.

Hardware is namelijk verrekte nihilistisch. In de toekomst waarin deze film zich afspeelt, is de aarde zo naar de kloten gegaan, dat mensen zichzelf binnen opsluiten, en zo bezig zijn met overleven, dat alle menselijke contact tot de basis is teruggebracht. Om te overleven in dit drastische klimaat zijn er slechts enkele opties, vluchten in andere bezigheden, of de harde confrontatie aangaan. De complete mensheid vlucht in sex, drugs, kunst en rock’n’roll, en punk is de mainstream geworden. Er is geen sprake van non-comformisme meer, want alles is non-comformisme. Iedereen leeft hedonistisch langs elkaar heen, of sluit zichzelf buiten.

Naast haar kunst leeft Jill vooral teruggetrokken in haar eigen appartementje. Maar deze veiligheid is maar relatief. Net als haar kunst bekeert haar beveiliging zich tegen haar. De portier die de beveiligingscamera’s beheert, de deuren opent en de elektriciteitsknoppen bedient is een ranzige voyeur die zijn ogen op Jill heeft gezet. En net als de beveiliging en haar kunstwerk (dat dus verandert in een moorddadige robot) keert ook haar appartement zich tegen haar. Niks werkt, dus nergens is ze veilig.

En ook de kijker is niet veilig. Net zoals voor Jill de wereld verandert in complete chaos ontspoort ook Hardware. De kijker wordt voorbereid door inserts van bizarre televisiebeelden tijdens enkele horrorscènes, maar op het einde ontspoort de film pas echt. Een chaos van zwiepende camera’s, ironische inserts, trippende beelden, en snelle lichtwisselingen roept onder andere de trip in 2001: A Space Oddysey tot herrinering, maar ook het werk van Argento, wanneer deze beiden gefilterd zouden worden door een speedtrip. De mtv-montage is in dit geval wel toepasselijk, want de relatieve veiligheid van het plot wordt op dat moment compleet losgelaten. Dit maakt van Hardware een vermoeiende, maar onvergetelijke sci-fi-horror, die met zijn bloedrode, gesatureerde en statische beelden er ook nog uniek uit ziet.


Onderwerpen: ,


1 Reactie

  1. Verhoeven

    Dust Devil en Hardware staan bij deze genoteerd!


Reageer op dit artikel