The Long Goodbye (1973)
Allemaal Altman (9)

19 september 2010 · · Allemaal Altman + Kritiek

Raymond Chandler is de koning van de noir-detective en zijn creatie Phillip Marlowe is een klassieke private eye. Altman leent het personage en de plot van The Long Goodbye, en maakt een neo-noir die een satire is op Hollywood en een ontleding van de hard-boiled personages uit klassieke film noir.

Zoals de traditie vraagt wordt Philip Marlowe in de plot van The Long Goodbye betrokken bij twee zaken, die uiteraard met elkaar overlappen. In dit geval een zaak waarin Marlowe zijn gestorven vriend Terry Lenox postuum probeert vrij te pleiten van de moord op Lenox’s vrouw, en een zoektocht naar een drankverslaafde schrijver die spoorloos verdwenen is. Marlowe’s zoektocht brengt hem op het spoor van een plaatselijke crimineel, die het gesnuffel niet in dank afneemt. De zonovergoten straten van Hollywood blijken vol te zitten met corruptie, leugens en bedrog en Marlow laat het zich verdwaasd overkomen.

De plot van The Long Goodbye is verplaatst van 1950 naar 1970, en de iconische Phillip Marlowe overleeft deze transformatie niet zonder kleerscheuren. In de noirfilms uit de vijftiger jaren was hij een held van het type ruwe bolster, blanke pit met veel oog voor de dames, een man van oneliners en slimmer dan iedereen. In 1970 is Phillip Marlowe een soortement van loser, een dinosaurus die de corrupte glamour om hem heen niet begrijpt, die door anderen mensen gebruikt wordt en dat niet doorheeft. Ook is hij een kettingroker in een stad waar roken inmiddels is afgezworen.

Voor Chandler-fans is dit misschien even slikken, maar dat maakt van The Long Goodbye wel een van de beste demythologiserende neo-noirs. Elliot Gould speelt Marlowe als een man met een kater van de stad waarin hij leeft. De plot is ingewikkeld, maar Marlowe heeft ditmaal geen grip en het geweld is niet van een Hollywood-kaliber. Nee, hier wordt de femme fatale door de schurk tot bloedens toe in haar gezicht gebeukt met een glazen colafles. Hollywood en commercie zijn vernietigend en onder alle glamour schuilt rot. De pasteltintjes van zonnig Californië, die Altman van het doek af laat branden, vormen een groot contrast met de schimmige plot.

In dat plot zijn er personages die Barbara Stanwyck imiteren of zich met geld overal uitkopen. De song op de aftiteling (Hooray for Hollywood) maakt het cynisme extra duidelijk. De film is daarin een geestverwant en voorloper van The Player. Het laatste danspasje van Marlowe tijdens de aftiteling toont Elliot Gould die uit zijn rol valt of Marlowe verder ontleedt en is een groot contrast met de ellende die ervoor volgde. Marlowe heeft een prijs betaald doordat mensen hem bedonderden, en dit laatste danspasje is een laatste cynische knipoog van Altman. Een semi-happy end dat totaal niet strookt met de werkelijke situaties, zoals het een Hollywood-film betaamt.


Onderwerpen:


Reageer op dit artikel