Met een lach en een traan
De sentimentele film als typische genrefilm van de jaren dertig

Beulah Bondi in Leo McCareys Make Way for Tomorrow

Het sentimentele verhaal is een genre dat bijna zonder uitzondering verguisd en afgedankt wordt. Althans, door de zichzelf erg serieus nemende commentatoren van zulke verhalen. Het genre zou te veel dwepen met goedkope emoties en geen psychologische diepgang bieden. Laurence Sterne schreef al een briljante satire op het genre met A Sentimental Journey Through France and Italy en Flauberts Emma Bovary gaat ten onder aan haar eigen identificatie met de heldinnen uit sentimentele romannetjes. Toch is het sentimentele verhaal een genre dat keer op keer weer terugkeert, zeker op momenten dat de morele nood onder de doelgroep van het genre het grootst is. Zo was het sentimentalisme het dominante vertoog in slavenverhalen zoals Uncle Tom’s Cabin en zie je na de aanslagen van 11 september weer een groeiende populariteit van het sentimentele verhaal in de Verenigde Staten. De jaren dertig is ook een tijdperk waarin het sentimentele verhaal een opleving kende. Interessant aan de jaren dertig, echter, is dat deze opleving vooral op het witte doek plaatsvond.

Aangezien historische fenomenen zich niets aantrekken van arbitraire tijdsindelingen als decennia, zou je kunnen beargumenteren dat de jaren dertig niet noodzakelijkerwijs moeten beginnen op 1 januari 1930 (de literaire jaren zestig beginnen volgens velen bijvoorbeeld ook al met de publicatie van Kerouacs On the Road). Sociaaleconomisch gezien zou het begin van de jaren dertig samen kunnen vallen met de beurskrach van 1929, het begin van de Grote Depressie. In de filmgeschiedenis kunnen de jaren dertig op eenzelfde manier beginnen aan het einde van de jaren twintig: met de komst van de geluidsfilm. Het (bijna) samenvallen van deze gebeurtenissen heeft ervoor gezorgd dat er een compleet nieuw tijdperk in Hollywood begon. De drang naar het escapisme en de nieuwe technische mogelijkheden zorgen voor de opkomst en opleving van genres als de musical en de gangsterfilm, maar een genre dat in de jaren dertig ook sterk tot bloei komt, maar vaak over het hoofd gezien wordt, is de sentimentele film.

Charles Farrel en Rose Hobart in Frank Borzages Liliom

In de jaren twintig was dit genre al mondjesmaat aanwezig. Murnaus Sunrise (1927) en Borzages 7th Heaven (1927) en Lucky Star (1929) zijn uitblinkers in het genre. De sentimentele film begint echter pas echt in het oog te springen wanneer de Verenigde Staten sociaaleconomisch volledig in het slop zit. Een vroeg voorbeeld hiervan is Borzages Liliom (1930). De film verhaalt over de kermisklant Liliom en zijn meisje, Julie, die uit liefde voor elkaar alles opgeven en daardoor volledig aan de grond geraken. Wanneer de onsympathieke Liliom na een mislukte roofoverval zelfmoord pleegt, belandt hij in een hiernamaals waar hij, na eerst enkele jaren in de hel te zijn gestraft, een tweede kans krijgt. De engel Gabriel brengt hem naar de aarde om Liliom nog een goede daad te laten verrichten. Liliom komt bij het huis van Julie, waar hij hun kind aan het lachen probeert te maken. In plaats daarvan slaat hij het kind en moet hij weer met Gabriel terug naar de hel, maar voor hij vertrekt komt Julie naar buiten. Ze ziet Liliom niet, maar voelt zijn aanwezigheid en biecht op dat, ondanks dat hij niet de beste persoon is geweest, de herinnering aan hun liefde voor elkaar haar altijd staande heeft gehouden.

Het is een typisch voorbeeld van een sentimenteel narratief. De hoofdpersonages worden door vele, nogal heftige tegenslagen getroffen, maar ondanks alles blijven ze strijdbaar door hun onwrikbare geloof in diepe en oprechte emoties als liefde, compassie en medelijden. Deze emoties kunnen als triviaal en goedkoop gezien worden, toch is de boodschap die de film uitdroeg een boodschap die aansloot bij de sociaaleconomische malaise van de Grote Depressie. Echter, de studiobonzen wisten niet goed wat ze met de film aanmoesten (mede dankzij de controversiële zelfmoordscène) en de film werd slechts beperkt en sterk gecensureerd vertoond.

Bladzijdes: 1 2


Onderwerpen: , , , , , , , ,


12 Reacties

  1. Rik Niks

    Interessante beschouwing Looi. Wat uit je stuk niet zo blijkt, maar ik wel benieuwd naar ben is: wanneer is een film in dit genre geslaagd? Of zelfs: wat maakt dit genre geslaagd? Je hebt het over studio’s die niet wisten wat ze er mee aan moesten, beschrijft de ‘negatieve stereotypen’ die er heersen, en over een regisseur als McCarey schrijf je dat die zich bezig hield met het ‘uitdragen van pro-Amerikaanse sentimenten, verpakt in zoetsappige emoties en morele vertellingen’. Wat staat er aan de andere kant van de balans?

    Ook voor mij geldt dat ik me maar moeilijk kan verhouden tot dit genre. Een curiositeit, interessant om zijn (historische) context? Of bevat het een bepaalde artisticiteit die specifiek voor het genre is? Ergens voel ik bij een film als Now, Voyager (waarschijnlijk een van de weinigen in dit genre die ik echt goed vind) wel aan hoe zo’n film kan werken, maar zelfs daar kan ik niet geheel door de clichés die je beschrijft heenkijken.

  2. Fedor Ligthart

    Je kunt je overigens afvragen of het sentimentele drama ooit echt is weggeweest uit klassiek Hollywood. Als ik bijvoorbeeld aan musicals denk in die traditie, dan denk ik niet alleen aan Babes in Arms (1939), maar aan Meet me in St. Louis (1944) van tijdens de oorlog. En is Mrs. Miniver (1942) ook niet sentimenteel te noemen, behalve dat de achtergrond nu de oorlog zelf is geworden? Al snel in de jaren vijftig zie je ieder geval het melodrama tot bloei komen (Douglas Sirk), die een soort van evolutie van het sentimentele drama lijkt in te houden. Overigens een leuke trivia: Fritz Lang heeft in 1934 een Franse versie gemaakt van Liliom. Benieuwd hoe die zich laat vergelijken!

  3. Fedor Ligthart

    P.S. Als ik overigens aan sentimenteel denk, dan roept dat bij mij snel de connotatie van nostalgie op. Ik denk ook dat veel sentimentele drama’s zo te bestempelen zijn: een verlangen en terugkeer naar het verleden (How Green Was My Valley, Make Way for Tomorrow, etc.). In tegenstelling zijn de emoties van het melodrama in mijn beleving eerder geworteld in een (subversief, uitvergroot) heden.

  4. Looi van Kessel

    Absoluut, dat is een erg belangrijk verschil tussen de sentimentele film en het melodrama. Veel van de succesvolle sentimentele films worden ook letterlijk gesitueerd in de tijd dat de sentimentele roman een populair genre was (zie bijvoorbeeld Alice Adams), zijn verfilmingen van boeken uit die tijd (Little Women) of zelfs slechts losjes gebaseerd op elementen die met die tijd verbonden worden. Zo is Quality Street gebaseerd op de beroemde koekblikken van het gelijknamige merk.
    Dat nostalgische element in de sentimentele film is denk ik vooral te danken aan de socio-economisch situatie van de Verenigde Staten op dat moment en op dat punt verschillen de jaren dertig natuurlijk enorm met het economische exces van de naoorlogse jaren vijftig, het decennium waarin het melodrama een groot genre was. De worsteling in melodramatische films houden dan ook veel vaker verband met de maatschappelijke veranderingen die zulke economische groei met zich meebrengen. Denk bijvoorbeeld aan het subgenre van de young adult-melodrama zoals Rebel Without a Cause en Peyton Place, of een film als All That Heaven Allows, waarin het liberale naoorlogse Amerika (gesymboliseerd in de klassenoverschrijdende relatie tussen Rock Hudson en Jane Wyman) frontaal botst met het conservatieve Amerika van het McCarthyism (gesymboliseerd in de kinderen van Jane Wyman en het roddelende dorp).

  5. Looi van Kessel

    @Rik: Ik heb mezelf ook afgevraagd wat een sentimentele film nu geslaagd maakt. Ik denk dat we hierbij wel een scheiding moeten maken tussen wat we nu zien als hedendaagse kijker, en wat het publiek waarschijnlijk zag in de tijd dat de films uitkwamen. Bijvoorbeeld, een film als Little Women zou ik dé archetypische sentimentele film noemen. Die voldoet denk ik het best aan de genreregels: een gezin van enkel vrouwen dat door verlies van de mannelijke kostwinner moeilijke tijden moet doorstaan, maar door de tomeloze liefde voor elkaar alles toch weer te boven komt. De emoties zijn meeslepend en dik aangezet en de boodschap: “family comes first” wordt met dikke klodders stroop over iedere scene heen gegoten.
    Zoals ik dat nu beschrijf klinkt dat inderdaad alsof de film slechts bestaat uit een aaneenschakeling van negatieve stereotypen, en wellicht heb ik dat zelf ook wel als zodanig ervaren (om eerlijk te zijn, de zoetsappigheid van deze film werd me inderdaad vaak iets te veel). Ik denk dat als immer ironische hedendaagse kijker, het ook moeilijk is om dit genre nog onbevooroordeeld te kijken. Dat is, als de film zich puur aan de genreregels houdt.
    Films als Liliom of Make Way for Tomorrow, zijn in de ogen van de moderne kijker dan ook beter geslaagd omdat ze de regels van het eigen genre lijken te overstijgen. Ze gaan verder dan enkel het nostalgische en sentimentele dat het genre typeert. Het hiernamaals in Liliom is een modernistisch netwerk van treinen dat heel sterk doet denken aan Vestdijks De Kellner en de Levenden, waardoor het veel meer een idee van metafoor of allegorie opwekt. Make Way for Tomorrow, aan de andere kant, legt zijn vingers nadrukkelijk op contemporaine maatschappelijke kwesties, zaken die in de meeste andere sentimentele films niet ter sprake komen. In de typische sentimentele films moeten veel problemen overwonnen worden, maar zelden drukken ze het publiek echt met de neus op hun eigen specifieke situatie. Stella Dallas doet dat bijvoorbeeld ook, en daarmee overschrijden deze films al veel meer de grens richting de melodrama.

    Daarover gesproken. Ik zou zodoende toch wel zeker willen betogen dat er een verschil is tussen de sentimentele film en het melodrama, waartussen de Tweede Wereldoorlog als scheidslijn loopt. De verschillende sociaaleconomische situaties van de jaren dertig en jaren vijftig hebben duidelijk hun weerklank in de thematiek en retoriek die in beide genres naar voren komt. Natuurlijk zijn de genres sterk verwant aan elkaar, maar waar de sentimentele film voornamelijk gericht lijkt op het uitdragen van het moraal van maatschappelijke saamhorigheid en de familie als hoeksteen van de samenleving, is het melodrama juist veel meer geïnteresseerd in het kritisch bekijken van diezelfde waarden in een sterk veranderende maatschappij.
    Dat wil niet zeggen dat je in de jaren dertig geen melodrama tegen kunt komen, of in de jaren veertig/vijftig geen sentimentele film. Inderdaad, Meet Me in St. Louis is wat mij betreft ook een archetypische voorbeeld van dat laatste. Maar in het grote plaatje signaleer ik toch wel degelijk een verschil in thematiek en retoriek tussen beider genres, met als omslagpunt de Tweede Wereldoorlog, die simpelweg om een andere retoriek vroeg dan de sentimentele films uit de jaren dertig uitdroegen.

  6. Kaj van Zoelen

    ” (de literaire jaren zestig beginnen volgens velen bijvoorbeeld ook al met de publicatie van Kerouacs On the Road)”

    Heh… en die was oorspronkelijk in ’51 geschreven. :P

  7. Looi van Kessel

    Dat klopt, daarom heb ik ook niet verzuimd het woord ‘publicatie’ te gebruiken. ;-)

  8. Rik Niks

    Heldere uiteenzetting Looi. Daarmee leunt de sentimentele film dan meer op de escapistische kijkervaring (à la de musical wellicht), dan het melodrama, wat juist het tegenovergestelde wil bereiken.

  9. Kaj van Zoelen

    Dat snap ik, Looi, was meer een opmerking in de trant van “kun je nagaan!” :P

    Maar Rik, heel wat melodrama’s bieden toch ook escapisme?

  10. Rik Niks

    Ik probeerde het betoog van Looi even in 1 zin te vatten :) Melodrama is natuurlijk uiteenlopend, en dit zal dus inderdaad in uiteenlopende mate wel of niet gelden. Denkend aan het type melodrama dat Ray en Sirk maakten, onderscheidt het zich daarin van de sentimentle film waar Loois artikel over gaat.

  11. beavis

    ik weet niet of je zo scherp een scheiding kan maken tussen sentiment vs melodrama. volgens mij gaat het steeds om hetzelfde genre alleen plak je nu de noemer sentiment op de films binnen het genre van voor de oorlog, waar puur escapisme belangrijker was en maatschappijkritiek alleen een achtergrond vormde en de noemer melodrama op de naoorlogse films waarin het soms duidelijker lijkt dat onder het oppervlakkig escapisme de regisseurs direct maatschappijkritische punten willen aansnijden. Al de beste films in het genre bevatten volgens mij zowel de meer sentimentele als de wat kritischere elementen.

    het zijn namelijk typische “mens en maatschappij” films, en dat is dan ook de waarde van het genre, om een van de eerste vragen in deze discussie nog even te beantwoorden. Als het alleen “mens” dan heb je het over pure romantiek, en alleen “maatschappij” dan mag he het een gewoon drama noemen.
    Een film binnen dit genre is denk ik geslaagd te noemen als het zowel het escapisme (in dit genre: grote emoties) bied als realistische karakters (en het mooi in beeld gebracht is en een sterke kritische subtekst bevat zijn dat zeker nog belangrijke pluspunten). Vooral de Japanners blinken hier in uit wat mij betreft met mensen als Naruse en Ozu die, om mijn punt nog maar eens te benadrukken, beiden zowel in de jaren 30 als in de jaren 50 een piek in hun carrière hadden. De oorlog heeft ze dus zeker ook onderbroken en vormt later onvermijdelijk een onderwerp om over te reflecteren, maar ze paste er hun niche verder niet door aan!

  12. Camera Obscura

    Ik denk dat het voor een artikel als dit wel handig is voor de lezer als je voorgeschiedenis van het begrip ‘sentimentele film’ iets duidelijker introduceert, want het is niet echt een gangbaar concept, zeker niet op de manier waarop het hier gepresenteerd wordt.

    In het dagelijks spraakgebruik begrijpt de gemiddelde lezer ongetwijfeld best wat je bedoelt, maar je ambieert (en refereert) aan véél meer.
    Ik zou de ‘sentimentele film’ sowieso niet (net zo min als film noir) als genre omschrijven, maar eerder als een film- en cultuurhistorisch concept. Doordat je een cultuurhistorische betekenis van een begrip als ‘sentimentaliteit’ vrij losjes inwisselbaar maakt met ‘genre’ en opent met een vergelijking met Laurence Sterne en 18e-eeuwse satire, werk je je zelf in een anachronistisch wespennest. Men was er niet op uit om sentimentele cinema te maken. Er werden melodrama’s of romantische komedie’s gemaakt die later als ‘sentimenteel’ werden omschreven, maar daarmee is ‘sentimentele film’ nog geen genre.

    Misschien ook handig voor artikelen met een redelijk filmhistorisch- en conceptueel georiënteerde strekking als je wat hyperlinks in de tekst plaatst waar je het vandaan haalt. Ik denk dat de auteurs dat zeker zouden waarderen… Ik blijf nu vooral zitten met de vraag wat ‘sentimentele film’ is en waarom je denkt dat het een genre is en geen film- of cultuurhistorische constructie? Wat wordt er dan onder ‘sentimentele film’ verstaan, zowel het begrip genre als ‘sentimentele film’? Volgens mij wordt er uitgebreid geparafraseerd uit James Chandler’s “An Archaelogy of Sympathy” en o.a. uit dit artikel:
    http://pure.rhul.ac.uk/portal/files/3910328/Burnetts_Thesis_Completed_and_Passed.pdf

    En daar staat toch iets heel anders. Volgens mij is er een tamelijk fundamentele misconceptie over begrippen als genre en ‘sentimentaliteit’ in het artikel geslopen, vooral omdat je dat ik me afvraag of het zin heeft om zóveel hooi op je vork te nemen als je een nogal anachronistische vergelijking met Laurence Sterne’s werk maakt en 18e-eeuwse satire in het algemeen.
    De betekenis van een begrip als ‘sentimentaliteit’ was in de 18e eeuw toch niet hetzelfde als de doorgaans derogatieve betekenis waarmee het in de 20e-eeuwse context nu (en voor films uit de jaren ’30) wordt geassocieerd. Laurence Sterne’s “A Sentimental Journey through France and Italy” zou ik denk ik niet als ‘satire op het genre’ omschrijven (opnieuw, welk genre?). De invulling van ‘sentimentality’ had voor Sterne mijns inziens eerder een puur nostalgische connotatie, als een soort voorloper van de Romantiek en de viering van het individu, de persoonlijke beleving.

    Het lijkt me bijzonder problematisch om dat begrip één om één te trekken met al dan niet vermeend ‘sentiment’ in 20e-eeuwse films… Het zijn totaal verschillende grootheden waardoor het spijkers op laag water zoeken wordt en je je moet afvragen hoe die vergelijking te maken valt, zeker in een stuk van amper 1000 woorden.
    Buiten dat het in het artikel van Burnetts waaruit uitgebreid wordt geparafraseerd wél staat (of in Chandler’s boek), maakt nog niet dat het zomaar één op één kan worden getrokken met films uit de jaren ’30. Plaats het dan in de juiste context, nu ‘versimpel’ je het waardoor de hele nuance verloren gaat (maar Burnetts neemt er in zijn dissertatie 100 pagina’s voor, het is ingewikkelde materie…)


Reageer op dit artikel