The Man Who Knew Too Much (1934)
Alfred Hitchcock in de jaren 30

3 augustus 2014 · · Kritiek + Suspense Indien

De hele maand augustus zal bij Salon Indien in het teken staan van “the master of suspense”: Alfred Hitchcock. Gedurende de zomermaand zullen we artikelen publiceren met losse recensies, toplijsten, hommages en de grote invloed die de meesterfilmer heeft gehad op latere regisseurs. Uiteraard raden we de lezers ook zeker het grootschalige Hitchcock retrospectief in EYE eens aan te doen, er gaat immers niets boven het zien van deze klassiekers en onontdekte pareltjes op het grote doek. Ikzelf zal mijn opzet van de actiemaanden doorzetten en per decennium mijn licht op het oeuvre van Hitchcock laten schijnen, beginnend in de jaren 30 met The Man Who Knew Too Much.

Niet dat het een compleet vergeten film is, maar er zullen niet al teveel mensen zijn die de jaren 30 versie van The Man Who Knew Too Much gezien hebben. De overgrote meerderheid is enkel bekend met de remake uit 1956 van dezelfde regisseur en zo vreemd is dat niet met de aantrekkingskracht van sterren als James Stewart en Doris Day die in de film het nummer ‘Whatever Will Be’ tot filmgeschiedenis bombardeerde. De remake is zeker met het oog op hedendaagse remakes die met de nodige regelmaat ontzettend tegenvallen prima tijdverdrijf, maar het ondergesneeuwde origineel is absoluut geen beginnend amateuristisch werk van Hitchcock en alleen al de moeite om te zien omdat in dit relatief vroege stadium van zijn loopbaan Hitchcock uitstekend in staat bleek de nodige spanning en opwinding met een vleug humor te combineren.

De basis is in het origineel hetzelfde als tijdens de bekendere remake. De dochter van een chique stel wordt door onbekenden gekidnapt en gebruikt als dreigement richting het stel dat ze hun mond moeten houden over een ophanden zijnde moordaanslag, ware het niet dat het begin van deze film zich afspeelt tijdens een Zwitserse skivakantie in plaats van het zonnige Marokko. Na deze beginnende schermutselingen die het net als de remake voor een deel moet hebben van de humoristische cultuurclashes verschuift het verhaal zich naar Londen waar het stel onder leiding van pater familias Leslie Banks erachter komt dat de aanslag zal plaatsvinden in de Royal Albert Hall waar een regeringsleider aanwezig zal zijn bij een concert. Dit middenstuk van de film is vrijwel identiek aan de remake met onder meer de ontdekking van een kerkgenootschap met snode plannen en de beroemde scène in de concertzaal. Althans, vooral beroemd geworden door de remake terwijl de scène in het origineel minstens zo sterk is en notabene hetzelfde muziekstuk gebruikt wordt. Waar het origineel zich vooral onderscheidt van de remake is wat er volgt op deze scène want waar de film uit 1956 ophoudt gaat het origineel nog een tijd door met de finale ontmaskering van de bende wat uitmondt in een lange, maar voor die tijd vrij spectaculaire massale schietpartij waarbij een belangrijk element van de opening terugkeert.

Zeker de climax van het origineel is opzienbarend te noemen in vergelijk met de film uit 1956 gezien de grote aandacht die het krijgt terwijl de remake bijna een dubbele speelduur kent. Het origineel duurt immers slechts 75 minuten, maar zit juist daardoor bomvol met actie en snel elkaar opvolgende gebeurtenissen. De remake meandert toch hier en daar nogal, mede ook omdat de zangkwaliteiten van Doris Day ten volle benut moeten worden en Hitchcock veel meer de tijd neemt de plot uit de doeken te doen. De grootste attractie van het originele The Man Who Knew Too Much is toch echter het Engelstalige filmdebuut van Peter Lorre die een van de meest vileine en gluiperige slechteriken neerzet. Lorre zet een krankzinnige psychopaat neer met totaal misbaar voor menselijke levens en zijn kapsel alleen al is reden genoeg om angst en afkeer in te boezemen.

Zeker gezien de korte speelduur is The Man Who Knew Too Much absoluut een aanrader en het geeft ook een prima beeld van de ontwikkeling die Alfred Hitchcock als filmmaker heeft doorgemaakt. Je kan immers moeilijk ontkennen dat de remake qua productie en visueel spektakel beter in elkaar steekt, maar het origineel geeft toch al een duidelijke vroege glimp van de regisseur die later de naam “master of suspense” zou krijgen. En het is ook altijd aardig om te zien hoe in de jaren 30 script-schrijvers de gezette valkuilen van de censuur wisten te omzeilen met intelligente dialogen waardoor bijvoorbeeld vrouwen zoals in deze film Edna Best toch ontzettend sterke rollen toebedeeld kregen. Het gaat wat ver om The Man Who Knew Too Much onder de echt grote films van Hitchcock te plaatsen (en laten we wel zijn, ook bij de remake is hier geen sprake van), maar als vroeg voorbeeld van de zo bekende Hitchcock stijl is het zeker de moeite waard.


Onderwerpen: , , , , , ,


Reageer op dit artikel